donderdag 10 oktober 2013

Even een stukje over de poezen

De poezen puberen volgens mij. Ze nemen het huis over, rennen als gekken de trappen op en af, gaan op mijn toetsenbord zitten als ik de deur van mijn werkkamer niet sluit. 's Ochtends in alle vroegte smijten ze zich tegen de slaapkamerdeuren van de meisjes. We worden tegenwoordig eerder gewekt door hun gebonk dan door iets anders. 's Nachts slapen ze in de gang voor de kinderslaapkamers.  Tijdens het eten zitten ze altijd onder de stoel van de kleinste omdat die het meeste knoeit natuurlijk. Een keer is Ronnie al hoog opgesprongen om met zijn bekje een stuk brood uit haar handen weg te pakken. Deetje werd helemaal rood en begon naar hem te schreeuwen dat ze dit onaardig vond.
'Dit is heel onaardig Jonnie!'  zei ze. 'Dat mag niet.' Er volgde een preek. Maar Ronnie zat een eindje verderop met het stuk brood met honing tussen zijn klauwen, alsof het een net gevangen muis betrof, en het ging allemaal zijn ene oor in en zijn andere uit.
Nu liggen ze naast mij op een kussentje te slapen. Twee kleine hondjes. Tegen elkaar aan. Ik denk dat ik ze heel binnenkort zal moeten  laten ontmannen- en vrouwen. Misschien morgen al.

woensdag 9 oktober 2013

Interessant vak

De journaliste van het Parool zit er al als ik binnenkom. Ik ga zitten en zij zet het opname apparaatje aan, zo ging het gisteren ook. Het interviews geven, wordt op dag 2 al routine. Het is heel vreemd dat ik zo dadelijk van alles zal gaan vertellen en dat zij dan later met mijn woorden aan de slag gaat. Er een consistent verhaal van maakt. Dat ik dat niet zelf doe, met die woorden. Wiens verhaal is het dan?
Interessant vak, journalistiek.

dinsdag 8 oktober 2013

Control freak

Na een gesprek van 2,5 uur kijkt de journaliste van de Volkskrant me aan: 'Dus ben jij een faalangstige control freak?
'Eh, nou dat ook weer niet,' zeg ik. 'Geen control freak...'
'Dat dacht ik ook niet hoor.'
'Nee?'
'Nee, een control freak èn een buitenstaander zijn gaat niet samen.'
Hier moest ik even over nadenken. Waarom zou dat nou niet samengaan?
Ze zei: 'Een control freak bevindt zich per definitie ín de situatie om de zaak goed in de gaten te kunnen houden.'
Dat was waar.
Ik bèn ook helemaal geen control freak gelukkig. Maar hoe was dat control freak dan in de conversatie geslopen? Er was iets met controle. Ik wilde wel graag ergens de controle over hebben, maar waarover ook alweer? Controle, controle, controle.

maandag 7 oktober 2013

Show don't tell

In alle vroegte rende ik langs de achterkant van de Joodse begraafplaats in het Flevopark toen ik plotseling dacht aan show don't tell. Laatst had ik daar een gesprekje over met een collega. Als ik begin met een schrijfcursus, komt show don't tell meestal meteen aan de orde. Daarvoor gebruik ik een hoofdstuk uit 'Het Dikke Schrift' van Agota Kristof. Het is belangrijk om dat principe te snappen als je begint met schrijven. Het laten zien in plaats van het te vertellen. De werking van suggestie. Leren observeren en heel precies op te schrijven wat er is, wat je ziet, hoort, ruikt.  Je ervan bewust worden wat je precies zegt. Het gebruik van vage woorden tegengaan. Ervoor zorgen dat de lezer zelf z'n mening kan vormen en dat de schrijver het niet allemaal voorkauwt.
Maar vanmorgen, toen ik langs de graven holde, dacht ik aan een ware show-don't-tellmaffia.
Alsof het de borstvoedingsmaffia betreft, dacht ik. Ik heb geen idee waarom dat op dat moment in mij opkwam. De zon piepte door het gebladerte. Zonnestralen schenen op de stenen. De ochtendmist hing tussen de zerken. Ze stonden kris kras door elkaar. De meesten weggezakt. Scheef. Het terrein was groter dan ik altijd gedacht had en bijna overwoekerd.
Die collega had mij gezegd: 'Jij doet het zelf ook. Jij schrijft heel erg show don't tell.'
'En jij niet, hè?' zei ik
'Nee.'
'Jij doet het helemáál nooit, hè?' zei ik.
'En bedankt,' had hij gezegd.
Show don't tell, dacht ik. Show don't tell. In een regelmatig tempo liet ik de begraafplaats achter me en draafde de ringdijk op.
Nu doe ik het volgens mij weer.


donderdag 3 oktober 2013

Geheimen

'Ik wou dat ik helemaal door jouw ogen kon kijken,' zo begint Jeetje (8) bij het ontbijt al.  'Dat ik jou even kon zijn.'
'O jee, ja? Waarom?' zeg ik.
'Dan zou ik weten wat jij precies ziet. Misschien zie jij heel andere dingen dan ik.'
Ik knik, doe intussen iets met boterhammen en beleg.
'En ik zou te weten komen wat je allemaal écht denkt,' gaat ze door. 'Dan kom ik achter al jouw geheimen.'
'Maar ik heb geen geheimen,' zeg ik. 'Denk jij dat ik geheimen voor jou heb?'
Ze knijpt haar ogen samen en bekijkt me. Ik doe net of ik niet weet waar ze het over heeft, terwijl ik nog heel goed weet dat ik vroeger exact hetzelfde verlangen had. Mijn moeders geheimen moest ik zien te ontrafelen. Dat was een belangrijke missie.
'En dan ben jij mij geworden en dan kun je niet meer terug,' zeg ik.
'Ik wil het maar even,' zegt ze, 'een dagje wil ik jou zijn. Langer echt niet.'

woensdag 2 oktober 2013

Toch?

Op de fiets naar het flevopark met de drie-jarige achterop.

'Ik zat in jouw buik toch, mama?' roept ze.
'Ja.'
En toen ik een baby was, kon ik alleen maar liggen. Baby's zitten in de buiken van mama's en niet van papa's.'
'Nee, niet van papa's.'
'Waarom eigenlijk?'
'Zomaar.'
'Daarom is geen reden toch?'
'Nee.'
'Zomaar wel?'

'Hee mama, ik ben toch een kind?'
'Ja.'
'En een meisje?'
'Ja.'
'Is een kind ook een mens?'
'Ja, jij bent ook een mens.'
'Wie is er nog meer een mens?'
'Ik ben een mens. Papa is een mens. Jeetje is een mens.'
'Wie is er geen mens?'
'Ronnie en Noenoe zijn geen mensen.'
'Wie nog meer niet?'
'Beesten zijn geen mensen.'
'En de Gruffalo ook niet hè?'
'Die bestaat niet in het echt, hè?
'O nee, alleen in het bos, hè?'

Als we in het park zijn en ik haar van de fiets til, kijkt ze omhoog.
'De bomen. Ik denk dat die omhoog gehouden worden met een touw anders zouden ze vallen. Toch?'

dinsdag 1 oktober 2013

Sfeer

Eindelijk zag ik de film Borgman en ik weet nog niet precies hoe ik 'm moet plaatsen. Dat vind ik op zich al interessant. Ik heb erg moeten lachen om het geweld. Werd er iemand gewurgd, schaterde ik het uit. De mannen onder de grond deden me denken aan  vampiers die uit hun graf opstaan. Van Warmerdam moet de serie True Blood hebben gezien.
Een eigen kille wereld, met een eigen logica. Maar de villa die speciaal gebouwd was voor deze film, zou je makkelijk hier op IJburg aan kunnen treffen. Het gezin dat er woont ook.
Ik heb tientallen van dat soort villa's gezien op het laatste eiland. De laatste tijd kom ik er wel eens met hardlopen omdat ik in het donker liever niet door het park ren. Dus ren ik langs de vrijstaande villa's met strakke gazons en glimmende wagens op de oprit. In het midden een dieprode, lichtgevende rechthoek. Een verlicht tennisveld. Altijd als ik er kom is dat tennisveld leeg. Er is daar sowieso nooit een mens op straat. Vorige week zag ik er al wel een dennenboom met kerstverlichting.