Tijdens de woensdagmiddaglunch, een gebakken ei op geroosterd brood, kreeg Deetje post van Sinterklaas. Het was een prachtige pietenpop met blauw haar. In het tasje van de piet zaten twee pepernoten en een briefje voor Deetje met als afzender: Piet.
'Ja, wèlke Piet?' vroeg ze zakelijk. 'Pietje Paniek of de Hoofdpiet of...?'
Er stond alleen Piet. Het konden alle pieten zijn.
'O,' zei ze. Ze liet de pop op de rand van de tafel liggen, at haar boterham helemaal op en begon toen een beschuitje heel secuur met boter te besmeren. Een berg hagelslag erop, die ze ook eerst weer gelijkmatig over het beschuitje verdeelde, overal exact evenveel, voordat ze eindelijk een hapje nam.
'Vind je de piet niet leuk?' vroeg ik.
'Jawel,' zei ze, 'maar hij heeft blauw haar. Ik denk niet dat die echt is.' Ze sprak haar vermoeden uit dat een pietenpop met zúlk haar niet afkomstig kon zijn van de echte Hoofdpiet, maar dat hij hoogstwaarschijnlijk van één van die neppieten kwam, opgeleid door opa Piet.
'Wat zielig,' zei ik, 'denk je dat alleen maar omdat die blauw haar heeft?'
'Ik denk dat deze Piet van oma Piet komt,' zei haar grote zus. 'Oma Piet máákt de poppen natuurlijk.'
Pietje Precies at zwijgend van haar beschuitje hagelslag. Met twee rimpels in haar voorhoofd. Ze nam kleine hapjes rondom. Tot de cirkel rond was. Steeds opnieuw herhaalde zich dat procedé.
woensdag 19 november 2014
maandag 17 november 2014
Advies
Soms hoor je jezelf advies geven. Je zegt mooie dingen als: 'Je moet zeggen wat je zèlf vindt Jeetje. En niet over je heen laten lopen.'
'Ja, maar ik ben een lief meisje,' zegt Jeetje. 'Ik vind dat wel goed.'
'Ja?'
'Nee.'
'Nee, precies. Jij vindt dat niet goed, maar je zegt er niets van. Dat is wat anders. En je bent helemáál niet lief.'
Ook adviseer ik soms cursisten: 'Je innerlijke criticus zit je teveel dwars, cursist. Laat je niet belemmeren. Het blokkeert je schrijven. Het heeft geen zin ernaar te luisteren.'
Gisteren was ik bij de voorstelling van F. Starik 'Moeder Doen.' En daar hoorde ik de prachtige zin: 'Ik wil niet sterk zijn. Ik wil afwezig zijn.'
Maar dat was vast geen advies.
zaterdag 15 november 2014
Kleur
Deetje en haar vriendje kijken samen de intocht van de Sint in Gouda.
Ze blijft zich zorgen maken over de verdwijning van de echte pieten en is zichtbaar opgelucht als die uiteindelijk toch nog opduiken.
'Weet je dat er ook échte blauwe pieten zijn?' zegt het vriendje dan. 'En paarse, en groene, en rode?'
'Ja, dat weet ik,' zegt Deetje, 'en gele en roze.'
'Hoe weet jij dat eigenlijk?' vraag ik het vriendje. 'Ik zie ze niet. Jij wel?"
We turen naar het scherm. Waar we hier en daar een geel gevlekte piet zien. Maar meer ook niet.
'Ja, ze zijn er nou toevallig even niet,' zegt het vriendje, 'maar ze bestaan wel.'
'Ja, ze bestaan wel,' zegt Deetje.
En ze kijken weer door.
Zo makkelijk is het, dacht ik. Die hele verhaallijn is omslachtig. Ze bestaan gewoon.
Ze blijft zich zorgen maken over de verdwijning van de echte pieten en is zichtbaar opgelucht als die uiteindelijk toch nog opduiken.
'Weet je dat er ook échte blauwe pieten zijn?' zegt het vriendje dan. 'En paarse, en groene, en rode?'
'Ja, dat weet ik,' zegt Deetje, 'en gele en roze.'
'Hoe weet jij dat eigenlijk?' vraag ik het vriendje. 'Ik zie ze niet. Jij wel?"
We turen naar het scherm. Waar we hier en daar een geel gevlekte piet zien. Maar meer ook niet.
'Ja, ze zijn er nou toevallig even niet,' zegt het vriendje, 'maar ze bestaan wel.'
'Ja, ze bestaan wel,' zegt Deetje.
En ze kijken weer door.
Zo makkelijk is het, dacht ik. Die hele verhaallijn is omslachtig. Ze bestaan gewoon.
vrijdag 14 november 2014
Pieten zijn pieten
'Ik hoop wel dat de pieten terugkomen,' zegt Deetje na het sinterklaasjournaal. 'Nu moet Sinterklaas alles alleen doen met de hulppiet.'
'Er komen toch nieuwe pieten. Opa piet is ze aan het leren hoe ze piet moeten worden.'
'Ja, maar dat zijn geen pieten. Dat zijn gewoon ménsen.'
'Zijn pieten dan geen mensen?'
'Nee, pieten zijn pieten.'
'Er komen toch nieuwe pieten. Opa piet is ze aan het leren hoe ze piet moeten worden.'
'Ja, maar dat zijn geen pieten. Dat zijn gewoon ménsen.'
'Zijn pieten dan geen mensen?'
'Nee, pieten zijn pieten.'
woensdag 12 november 2014
Journaal
Op het Finse journaal komt een item waarin Jeetje en man worden geïnterviewd. Eerst is man aan het woord en dan zie ik hoe Jeetje (9) in de microfoon praat en vertelt wat ze van het theaterproject vond waaraan ze daarnet samen hebben meegedaan. Ze vertelt het vlot en zelfverzekerd en haar lach is breed. Ze wordt Fins ondertiteld. Daarna zien we hoe Jeetje en man samen in de donkerte van Helsinki verdwijnen.
Ik kijk er een paar keer naar. Steeds opnieuw zie ik die twee samen het beeld uitlopen.
Zijzelf vindt het niet zo bijzonder.
'Het is gewoon een filmpje,' zegt ze. 'Wat is daar nou aan?'
'Het is wel het journáál,' zeg ik. 'Wie komt er nou op het Finse journaal?'
dinsdag 11 november 2014
Sint Maarten
Er staat een jongen voor mijn deur die, al met de baard in zijn keel, een Sint Maarten lied voor me zingt.
Als hij een trekdrop pakt, zegt hij: 'Dank u wel mevrouw.' Met zijn zware stem. Zwoel haast. Ik twijfel hevig tussen bariton en bas.
Dan loopt hij door naar het volgende huis. Met zijn grote plastic tas boordenvol vol snoep. Nu nog hoor ik zijn zangstem door mijn straat vibreren.
Als hij een trekdrop pakt, zegt hij: 'Dank u wel mevrouw.' Met zijn zware stem. Zwoel haast. Ik twijfel hevig tussen bariton en bas.
Dan loopt hij door naar het volgende huis. Met zijn grote plastic tas boordenvol vol snoep. Nu nog hoor ik zijn zangstem door mijn straat vibreren.
Een afspraak met Anja
Fabio woont in een huis met zeven mensen en fungeert als huistolk. Hij geeft mij een brief om te verifiëren of hij echt goed begrepen heeft wat er staat. Het gaat over het betalen van schoolgeld van een basisschool in Oud-Zuid. Er staat dat een kopie van het belastbare jaarinkomen getoond moet worden, het mag niet boven een bepaald bedrag uitkomen, wil de familie in aanmerking komen voor subsidie.
'Maar hoe moet dat?' zegt Fabio. 'Als je illegaal bent. Een belastbaar inkomen?'
'Dat kan niet.'
'Het kind bestaat niet,' zegt hij, 'maar het zit wel op school, Elkie. Weet jij hoe dat kan?'
'Alle kinderen moeten bij ons naar school,' zeg ik, 'ook de kinderen die niet bestaan. Hoe oud is hij?'
'Zeven,' zegt Fabio. 'Hij is hier nog maar een paar maanden. Elke avond oefen ik Nederlands met hem.'
Onderaan de brief staat dat je contact op kan nemen met Anja als je vragen hebt of iets niet begrijpt. Je kunt op elk moment van de dag bij Anja langslopen.'
'Anja kan het niet schelen wie er illegaal' zeg ik. 'Anja is er altijd en voor iedereen.'
Abonneren op:
Posts (Atom)