dinsdag 17 april 2012

Telefoongesprek

'Dag vader, ik zag dat je mij vanmiddag gebeld had!'
'Je moeder wilde weten hoe het was op dat festival.'
'Is moeder er niet?'
'Nee.'
'Ben je nu sport aan het kijken?'
'Dat begint zo.'
'Het was leuk op dat festival.'
'O ja.'
'Gisteren had ik een etentje. Dat was ook leuk.'
'Ja, ja.'
'En hoe is het dan met jou?'
'Goed.'
'Goed zo. Naar het werk geweest vandaag?'
'Het is maandag.'
'O ja! Ik dacht dat het dinsdag was. Hoe is het met oma? Jullie hadden haar toch bezocht?'
'Iedere vrijdag.'
'Dat weet ik, maar moeder mailde dat jullie zondag ook geweest waren.'
'Ze is snel moe. Wat wil je.'
'Ja wat wil je.'
'Sport is begonnen. Kijk jij dat niet?'
'Nee.'
'Ik krijg pijn aan m'n oor.'
'O ja.'
'Ik ben wel uitgeluld. Anders hebben we zondag ook niets meer te zeggen.'
'Dat is ook zo. Dag vader.'
'Daag.'

Geen opmerkingen: