dinsdag 10 november 2015

Boek

De marketingdame, de redacteur en ik zitten in de IJsbreker. Alledrie doorweekt. Want op weg naar het café middenin dezelfde hoosbui beland. Nog voor de muntthee er is, wordt de plastic tas over tafel naar me toegeschoven. Alsof het hier om een geheime drugsdeal gaat. Het gaat om boeken. Er zitten er vijf in de tas. Lastmens en andere verhalen. Een keuze uit eerder gepubliceerd- en nog niet eerder gepubliceerd werk. Een heruitgave met wat extra’s, plus een mooie inleiding van Esther Gerritsen. We zitten middenin het verhalentijdperk, dat is goed. Al lees ik ook overal dat de dikke roman weer helemaal terug is van weggeweest. We zitten waarin we willen zitten, dat is nog beter.
Op de terugweg, in het duister, een nog veel hevigere hoosbui. De wind duwt me alle kanten op. Met fiets en al daal ik de brugtrap af. Er hijgt een man in mijn nek. Een raar mannetje. Loopt veel en veel te dicht op me. Ik denk aan ongewenste intimiteiten en drijfnatte boeken.
‘Je eigen boeken op je rug dragen, is natuurlijk niet erg,’ had de redacteur gezegd.
‘Nee,’ had ik geglimlacht.
Het rare mannetje roept iets. Snel spring ik opzij.
‘Ik heb geen remmen!’ Hij spurt me voorbij met zijn fiets aan zijn hand. ‘Je zult wel denken dat het een smoes is.’
Geen remmen en geen tanden, dát is pas erg.


Geen opmerkingen: