We kregen een neef te eten die nu zijn master in Amsterdam doet. Ik herinner me hem vooral van toen hij een kind was. Maar nu is hij tweeëntwintig en een jongeman. Het vreemde van neven is dat ze binnen kunnen lopen en mee kunnen eten en dat het niet vreemd is. Want het is familie. Er is een nicht van man die ook tweeëntwintig is en ook een master in Amsterdam doet, - masters in Amsterdam zijn populair - en zij komt tegenwoordig vaak bij ons oppassen. Haar zagen we daarvoor ook bijna nooit. Wel vaker dan de neef, maar toch hoogstens één keer per jaar. Ook zij was meteen vertrouwd. Al blijft zij vertrouwder voor man dan voor mij. Omdat het zijn familie is. De nicht eet kaas. De neef eet geen kaas. Ik eet ook geen kaas. Heel soms neem ik jonge A-H fabriekskaas op brood. Maar ook dan gooi ik halverwege de boterham vaak de kaas eraf. De neef denkt dat hij een keer op zal houden met het weigeren van kaas. Hij ziet weleens toastjes met kaas voorbij komen die hem niet vies lijken. Maar hij heeft de stap nog niet durven zetten. Voor mij is de kaasbarrière altijd te hoog gebleven.
Wat het eten van kaas betreft is Jeetje meer van mijn kant. Deetje daarentegen smult van de blokjes hele oude kaas die ze in de delicatessezaak krijgt.
vrijdag 22 februari 2013
donderdag 21 februari 2013
Goeie zin
Vannacht droomde ik een hele goeie zin die hoorde bij een verhaal waaraan ik op dit moment niet bezig ben, - ik weet nog dat ik het al dromend jammer vond dat mijn onderbewuste niet bezig was met mijn huidige verhaal, maar je hebt weinig te kiezen waar het je onderbewuste betreft, dat wist ik ook - liggend in het donker, klaarwakker nu, herhaalde ik de zin in mijn hoofd en hij bleef goed, ik dacht; ik moet 'm opschrijven, toen dacht ik 'morgen', deze zin is zo goed die ben ik morgen echt niet vergeten en ik wist dat die redenering bedrieglijk was maar nog meer was ik ervan overtuigd dat deze zin een ander lot beschoren zou zijn dan andere goeie zinnen die 's nachts gedroomd worden en niet opgeschreven.
dinsdag 19 februari 2013
Buitenissige eigenzinnigheid
Het schrijversdagboek van Viriginia Woolf pakte ik er gisteren weer eens bij en ik sloeg het - boem/pats - open op 18 februari. Dus dat moest iets te betekenen hebben.
Ze schreef: Ik zal alleen nog schrijven waar ik zin in heb; en zij moeten maar zeggen waar ze zin hebben. Ik begin in te zien dat ik als schrijfster alleen nog belang heb bij een soort buitenissige eigenzinnigheid; niet bij kracht of hartstocht of bij iets baanbrekends. Maar dan bedenk ik dat 'buitenissige eigenzinnigheid' in wezen een eigenschap is die ik hoog aansla...
Meteen dacht ik aan Harry Merrie en aan zijn buitenissige eigenzinnigheid. Ook dacht ik na over mijn eigen buitenissige eigenzinnigheid. En dat ik het gewoon een mooi begrip vindt. Buitenissig eigenzinnig.
Ze schreef: Ik zal alleen nog schrijven waar ik zin in heb; en zij moeten maar zeggen waar ze zin hebben. Ik begin in te zien dat ik als schrijfster alleen nog belang heb bij een soort buitenissige eigenzinnigheid; niet bij kracht of hartstocht of bij iets baanbrekends. Maar dan bedenk ik dat 'buitenissige eigenzinnigheid' in wezen een eigenschap is die ik hoog aansla...
Meteen dacht ik aan Harry Merrie en aan zijn buitenissige eigenzinnigheid. Ook dacht ik na over mijn eigen buitenissige eigenzinnigheid. En dat ik het gewoon een mooi begrip vindt. Buitenissig eigenzinnig.
maandag 18 februari 2013
Cultheld
Op zaterdagavond, vlak nadat ik van diverse kanten signalen gekregen had dat schrijven het enige is wat me te doen staat, zat ik op een podium in een Utrechtse molen met vier andere schrijvers en de Rotterdamse cultheld Harry Merrie. De schrijvers hadden uitgeprinte a-viertjes in hun hand. Harry Merrie zat achter een keyboard en een computer. Om de beurt droegen wij voor, daarna kwam er steeds een liedje. Harry had iets aan wat het midden hield tussen pyjama en panterpak. Hij zweefde zelf ook ergens tussen man en vrouw in, tussen hier en daar. Maar voor hij begon zei hij: 'Mijn artiestennaam is Harry Merrie, maar ik heet eigenlijk Harry den Hartog.'
Dat vond ik mooi.
De hele avond heb ik voorovergebogen naar de zanger gekeken. Wij alle vijf, geloof ik. En ook het publiek raakte geobsedeerd door hem en zijn manier van muziek maken. Na het eerste liedje had hij zijn schoenen uitgedaan, zag ik. Hij droeg geitenwollen sokken en had kleine, smalle voeten voor een man. De keren dat ik direct na een liedje van Harry moest voorlezen, vond ik moeilijk. De afstand tussen de muziek en mijn tekst was onoverbrugbaar, of zoiets.
Na afloop van de avond had ik erge koppijn. Maar op de een of andere manier liet ook deze cultheld mij zien dat je moet doen wat je moet doen, zonder concessies. Het was voor hem geen keuze, vermoed ik. Hij kon niet anders. Hij speelde geen cultheld, hij was er één. Hij was de overgave in hoogst eigen persoon. Hier was iemand aan het werk die op het randje van de waanzin verkeerde, maar toch wist wat hij deed.
Al wilde je niet erg graag dichter bij hem komen, de schrijver waarmee ik naar het station liep had dat ook. Van een afstand zwaaiden we hem gedag. Misschien was dat Harry's tragedie. Er waren er niet veel die dichtbij hem kwamen.
Dat vond ik mooi.
De hele avond heb ik voorovergebogen naar de zanger gekeken. Wij alle vijf, geloof ik. En ook het publiek raakte geobsedeerd door hem en zijn manier van muziek maken. Na het eerste liedje had hij zijn schoenen uitgedaan, zag ik. Hij droeg geitenwollen sokken en had kleine, smalle voeten voor een man. De keren dat ik direct na een liedje van Harry moest voorlezen, vond ik moeilijk. De afstand tussen de muziek en mijn tekst was onoverbrugbaar, of zoiets.
Na afloop van de avond had ik erge koppijn. Maar op de een of andere manier liet ook deze cultheld mij zien dat je moet doen wat je moet doen, zonder concessies. Het was voor hem geen keuze, vermoed ik. Hij kon niet anders. Hij speelde geen cultheld, hij was er één. Hij was de overgave in hoogst eigen persoon. Hier was iemand aan het werk die op het randje van de waanzin verkeerde, maar toch wist wat hij deed.
Al wilde je niet erg graag dichter bij hem komen, de schrijver waarmee ik naar het station liep had dat ook. Van een afstand zwaaiden we hem gedag. Misschien was dat Harry's tragedie. Er waren er niet veel die dichtbij hem kwamen.
zaterdag 16 februari 2013
Doorzetters
We gingen uit eten en toen naar een voorstelling over Anorexia Nervosa in de Brakke Grond. De relatie tussen het lichaam en het ongrijpbare 'ik.' Het was een heel persoonlijke voorstelling van de Vlaamse theatermaakster Soetkin Demey en de zusjes Raeven deden ook mee. De ruimte was ingericht als een woonkamer, de stoelen opgesteld rondom een eettafel.
Ergens heb ik bewondering voor mensen met anorexia. Het zijn de echte volhouders.
Als tiener was ik ook veel bezig met calorieën. In al mijn dagboeken hou ik per dag bij wat er weer het eetgrage, vette mondje ingegaan is en hoeveel calorieën dat wel niet is bij elkaar. En dat het dus op deze manier nooit iets wordt met mij. Als ik zo enorm blijf vreten.
Het is nooit anorexia geworden. Ik ben daar niet serieus genoeg voor. Ik denk dat daar mijn bewondering ook zit. Ze nemen hun voornemen serieus. Het zijn de mensen die een statement maken. Hoe ziekelijk ook.
Toch blijft dun zijn aantrekkelijker dan dik zijn. Als ik me niet goed voel en daarom niet echt kan eten, vind ik dat een groot voordeel. Het zo mager als een lat zijn, blijft mijn ideaal.
De hele voorstelling lang keek ik naar de theatermaakster die rondliep en een prachtig lichaam had. Veel bezoekers van de voorstelling waren flinterdun. Gezeten in het donker nam ik me voor nu echt geen zoetigheid meer te nuttigen.
Dan komt alles goed.
Ergens heb ik bewondering voor mensen met anorexia. Het zijn de echte volhouders.
Als tiener was ik ook veel bezig met calorieën. In al mijn dagboeken hou ik per dag bij wat er weer het eetgrage, vette mondje ingegaan is en hoeveel calorieën dat wel niet is bij elkaar. En dat het dus op deze manier nooit iets wordt met mij. Als ik zo enorm blijf vreten.
Het is nooit anorexia geworden. Ik ben daar niet serieus genoeg voor. Ik denk dat daar mijn bewondering ook zit. Ze nemen hun voornemen serieus. Het zijn de mensen die een statement maken. Hoe ziekelijk ook.
Toch blijft dun zijn aantrekkelijker dan dik zijn. Als ik me niet goed voel en daarom niet echt kan eten, vind ik dat een groot voordeel. Het zo mager als een lat zijn, blijft mijn ideaal.
De hele voorstelling lang keek ik naar de theatermaakster die rondliep en een prachtig lichaam had. Veel bezoekers van de voorstelling waren flinterdun. Gezeten in het donker nam ik me voor nu echt geen zoetigheid meer te nuttigen.
Dan komt alles goed.
vrijdag 15 februari 2013
Nuancering
De moeders verdienen het niet. Mijn stukje van gisteren.
Nu ben ik er absoluut niet tegen om moeders of mensen een beetje belachelijk te maken. In tegendeel. Maar als je dat doet, hou dan nooit jezelf buiten schot. De belachelijkste moeder in dezen ben ik nog altijd zelf.
Het leek mij het gemakkelijkste om de moeder die mij beval een mail aan alle ouders te sturen, maar gewoon te gehoorzamen. Ook al stond het mij tegen. Zoveel werk is het niet, zei ik tegen mezelf.
En: dan ben je van het gezeik af. De intrinsieke behoefte om voor een mooie gezamenlijke bos bloemen voor de juf te zorgen, had ik niet. Ik had al een cadeau voor de juf. Ik vond het goed zo. De verantwoordelijkheid voelde ik ook al niet. Er was tenslotte een klassenmoeder. Maar dit zei ik allemaal niet. Als een braaf kind gehoorzaamde ik de moeder die zei wat ik moest doen.
Ik deed iets wat ik niet wilde.
De klassenmoeder die mij later op die dag aansprak, confronteerde mij daar in feite weer mee. En wekte zo mijn irritatie op. Haar verschijning op het schoolplein maakte mij duidelijk dat als je iets doet wat je niet wil, je uiteindelijk alleen maar meer gezeik krijgt. Dat was niet de schuld van de klassenmoeder. Dat was mijn schuld.
De broek die ze aan had was wel haar eigen verantwoordelijkheid
Nu ben ik er absoluut niet tegen om moeders of mensen een beetje belachelijk te maken. In tegendeel. Maar als je dat doet, hou dan nooit jezelf buiten schot. De belachelijkste moeder in dezen ben ik nog altijd zelf.
Het leek mij het gemakkelijkste om de moeder die mij beval een mail aan alle ouders te sturen, maar gewoon te gehoorzamen. Ook al stond het mij tegen. Zoveel werk is het niet, zei ik tegen mezelf.
En: dan ben je van het gezeik af. De intrinsieke behoefte om voor een mooie gezamenlijke bos bloemen voor de juf te zorgen, had ik niet. Ik had al een cadeau voor de juf. Ik vond het goed zo. De verantwoordelijkheid voelde ik ook al niet. Er was tenslotte een klassenmoeder. Maar dit zei ik allemaal niet. Als een braaf kind gehoorzaamde ik de moeder die zei wat ik moest doen.
Ik deed iets wat ik niet wilde.
De klassenmoeder die mij later op die dag aansprak, confronteerde mij daar in feite weer mee. En wekte zo mijn irritatie op. Haar verschijning op het schoolplein maakte mij duidelijk dat als je iets doet wat je niet wil, je uiteindelijk alleen maar meer gezeik krijgt. Dat was niet de schuld van de klassenmoeder. Dat was mijn schuld.
De broek die ze aan had was wel haar eigen verantwoordelijkheid
donderdag 14 februari 2013
De moeders en ik
Op hoge poten komt er een moeder op me aflopen.
'Ik snapte niets van jouw mailtje,' zei ze. 'Ik vond het een rare reactie.'
'O,' zei ik en bekeek haar van top tot teen. Wie ben jij, dacht ik. En: Lelijke broek.
Het bleek over de verjaardag van de juf te gaan.
De dag ervoor was ik door een andere moeder gestrikt om alle ouders te mailen om te zeggen dat ze geld mee moesten nemen. ('Jij kunt toch goed schrijven?') Dan zou zij, die andere moeder dus, de bos bloemen voor de juf wel kopen. 'Met liefde,' voegde ze er aan toe. Het was te gek dat er niets geregeld was! Zo'n geweldige juf!
'Nou,' zei ik. En: 'Er is toch ergens een klassenmoeder?'
'Ben jij dat niet?'
'Nee. Dit zou de klassenmoeder regelen.' Op slinkse wijze probeerde ik onder de moeder uit te komen, maar ze bleef me achtervolgen tot ik zei dat ik zou mailen.
'Fijn!' zei ze. 'Ik koop de bloemen met héél véél liefde.'
'Ik ben de klassenmoeder,' zei de moeder met de lelijke broek. En dat ze allang een cadeau geregeld had.
'Sorry, ik wist niet dat jij...'
'Daar heb je een mail over gehad aan het begin van het jaar.'
'Misschien had je er een foto bij moeten doen.'
Ze noemde de naam van haar kind. Ik knikte braaf. Ik had geen idee wie dat kind was, maar ik wilde haar niet nog meer tegen me in het harnas jagen.
'Ik snapte je mail echt helemáál niet.'
'Dan moet je misschien beter lezen.'
'Er stond iets als: laten we de juf bedelven onder de cadeaus...' Ze trok haar neus op.
'Dat was een grapje.'
'Het is maar net hoe je zo'n mail interpreteert.'
'Nee, het is een kwestie van goed lezen,' zei ik.
De moeder met de lelijke broek begon naar een vader in de verte te zwaaien en maakte dat ze wegkwam. De andere moeder kwam ik die dag ook nog tegen met een collectebus voor een goed doel.
'Ik snapte niets van jouw mailtje,' zei ze. 'Ik vond het een rare reactie.'
'O,' zei ik en bekeek haar van top tot teen. Wie ben jij, dacht ik. En: Lelijke broek.
Het bleek over de verjaardag van de juf te gaan.
De dag ervoor was ik door een andere moeder gestrikt om alle ouders te mailen om te zeggen dat ze geld mee moesten nemen. ('Jij kunt toch goed schrijven?') Dan zou zij, die andere moeder dus, de bos bloemen voor de juf wel kopen. 'Met liefde,' voegde ze er aan toe. Het was te gek dat er niets geregeld was! Zo'n geweldige juf!
'Nou,' zei ik. En: 'Er is toch ergens een klassenmoeder?'
'Ben jij dat niet?'
'Nee. Dit zou de klassenmoeder regelen.' Op slinkse wijze probeerde ik onder de moeder uit te komen, maar ze bleef me achtervolgen tot ik zei dat ik zou mailen.
'Fijn!' zei ze. 'Ik koop de bloemen met héél véél liefde.'
'Ik ben de klassenmoeder,' zei de moeder met de lelijke broek. En dat ze allang een cadeau geregeld had.
'Sorry, ik wist niet dat jij...'
'Daar heb je een mail over gehad aan het begin van het jaar.'
'Misschien had je er een foto bij moeten doen.'
Ze noemde de naam van haar kind. Ik knikte braaf. Ik had geen idee wie dat kind was, maar ik wilde haar niet nog meer tegen me in het harnas jagen.
'Ik snapte je mail echt helemáál niet.'
'Dan moet je misschien beter lezen.'
'Er stond iets als: laten we de juf bedelven onder de cadeaus...' Ze trok haar neus op.
'Dat was een grapje.'
'Het is maar net hoe je zo'n mail interpreteert.'
'Nee, het is een kwestie van goed lezen,' zei ik.
De moeder met de lelijke broek begon naar een vader in de verte te zwaaien en maakte dat ze wegkwam. De andere moeder kwam ik die dag ook nog tegen met een collectebus voor een goed doel.
Abonneren op:
Posts (Atom)