maandag 25 februari 2008

Ik wacht

'Mama, ik kom jou een kusje geven.' Jeetje geeft mij een kusje en kijkt verwachtingsvol naar me. Zo van: 'nou daag!'
Maar ik zit nog met de mama's te babbelen over hun boeken die bijna uitkomen. En over vakanties in Canada. Alle mama's en papa's op de crèche zijn zelfstandigen. Ze maken boeken, ze tekenen, ze ontwerpen of ze fotograferen. Iets in die richting. Dat is heel fijn kletsen op de zonnige maandagochtend. Voor die mama's en die papa's. Dan zitten ze allemaal om de grote tafel met een beker koffie. Ze praten om het hardst en hebben allemaal puzzelstukjes in hun hand. Soms strijken ze een voorbijkomend kind over 't bolletje.
'Mama!?' Jeetje staat strak naar me te kijken. Met haar vinger in haar mond.
'Ja wat is er?' vraag ik lachend.
'Ik wacht tot jij naar huis gaat om te wérken,' zegt ze zacht. Ze slaat haar ogen neer.

vrijdag 22 februari 2008

Vervelen

Ik heb in de loop der tijd heus wel eens gezegd: 'Ik vervéél me.'
Maar dat deed ik helemaal nooit.
Ik weet niet eens wat het is. Me vervelen.
Er zijn mensen die zich vervelen omdat ze klaar zijn met alles. Het werk is af. Het huis schoon. De vrienden zijn gebeld. En er is wérkelijk niets meer om te doen. Kortom: ze vervelen zich. Dat heb ik dus niet.
Terwijl veel mensen tegen mij zeggen: 'Ik zou me te pletter vervelen als ik jou was.'

Wel weet ik hoe het is om vervelend te zijn, lamlendig, hangerig, geen zin te hebben om ook maar iets uit te voeren of een vin te verroeren, jezelf in de weg te zitten...

Vandaag een nieuwe stofzuiger van Man gekregen.

donderdag 21 februari 2008

Wat blijkt nu?

Er was van alles te vermelden vandaag. Op deze kleurloze dag. Waarin iedereen geteisterd leek te worden door de rauwe blafhoest en de rode bluskoorts. Ik zag best wat vonkjes oplichten in het grijs.
Maar het wil toch niet vermeld.
Dat blijkt nu.
Nu het meisje in bed ligt, de man uit dineren is en ik de tijd en rust heb - na eerst de hele bovenverdieping spookvrij gemaakt te hebben - om één zo'n vonkje uit te lichten.
Er komt niets.
Misschien wil ik nu liever gaan lezen over Edgar Allan Poe in de nieuwe Groene Amsterdammer - en ook de twee uitdrukkelijk genoemde verhalen uit zijn verzameld werk er nog op na slaan - of zal ik meteen verder gaan met het boek dat de buurman mij vandaag gaf: De Nederlandse Slavenhandel 1500 -1850 van P.C. Emmer. Hoofdstuk 1 : Nederland en de slavenhandel, vergeven of vergeten? Al zat ik midden in Norwegian Wood van Murakami.
Of gewoon een beetje denken over wormgaten.

woensdag 20 februari 2008

Spook of geen spook, is de vraag

Vanmorgen deed ik weer een poging om de dik tweeeneenhalfjarige het onderscheid tussen de verschillende werkelijkheden duidelijk te maken. Nadat zij (en wij dientengevolge ook) vannacht ruw door de spoken uit bed gejaagd was.
Mijn verhandeling aan het ontbijt ging wonderwel goed.
Ze begreep het helemaal. Van dat het maar een droom was. En dat dromen echt kunnen líjken maar dat ze daarmee nog niet echt zijn. Ja, soms lijken dromen echter dan echt en het is inderdaad wáár dat je de spoken wel echt ziét in een droom maar toch zijn ze er niet. Want als je je ogen opendoet, zijn de spoken weg. En je kunt ze ook niet aanraken. (Al besefte ik dat dit ook allemaal opging voor onze huismuisjes)
'In de realiteit van alledag meisje, zul jij geen spook tegenkomen,' herhaalde ik.
'Spoken zijn niet echt hè?' zei ze.
'Precies! Heel goed! Jij begrijpt het,' riep ik,
'De spoken maakten maar een grapje,' zei ze toen.

Net weer een heel bozespokenwegjaagritueel uit moeten voeren. Voor het te bedde gaan.

dinsdag 19 februari 2008

Genade

In een mail naar m'n moeder schreef ik vanochtend: Met mij gaat het ook goed! Behalve dat ik nu een hartaanval aan het krijgen ben!
Ik keek verdwaasd op en schrapte de laatste zin. In vertwijfeling. Omdat ik er tóch middenin leek te zitten en het leuker was als ze in mijn grafrede kon vertellen dat ik het 'had voelen aankomen'.
In plaats van: Plotseling viel ze neer.
Een zwarte hoest die oversloeg op het hart en BAM.
Toch jammer.
Misschien ook, dacht ik even later, waren het gewoon fantoompijnen. Omdat mijn voornaamste werk af was. Ja, het moest een psychologische hartaanval zijn. Dat was wel zo reëel. Of een burned-out. Dat begon ook lichamelijk.
Ik besloot met psychologische hartaanval en al te gaan lunchen bij het Americain. Mijn vriendin zei dat het gewoon een zware longontsteking was. Want dat had iedereen heden ten dagen. Dat kón wel overslaan op het hart maar dat gebeurde niet erg vaak. Ik mocht van haar wel vette vis nemen en hoefde - voor deze ene keer - niet op haar lijstje te kijken dat ze altijd bij zich draagt. Om te checken of het wel een verantwoorde vis is. Ik kreeg genade.

maandag 18 februari 2008

De aard

De buurman gedraagt zich alles behalve kakkineus. Hij heeft geen rijbewijs noch is hij zeer gefixeerd op gadgets. De buurman naait zijn kleding zelf en hij tuiniert graag. Toch meen ik in de buurman een 'kakker' te ontwaren. Als ik hem zie lopen, zie ik de schim van een kakker meelopen. Het kakker-zijn zit 'm in hele kleine details. Misschien in de dikte van het haar? Of is het zijn algehele attitude? Het is haast niet onder woorden te brengen. Toen ik over de kakker in de buurman begon, was hoongelach dan ook mijn deel. Dat ik niet veel verder zou kunnen kijken dan een voornaam etcetera. Maar al gauw kwamen daar toch de verhalen over verarmde adellijke geslachten. Even later sprak hij zelfs met een aardappel in de keel alsof hij niet anders gewend was. Hij stak een sigaar op en vroeg met wilde gebaren om betere argumentatie.
Bij mij schemert er altijd heel ver weg die ondergeschikte. Een slavin uit Afrika. Hoe hoog ik mijn kin ook de lucht in hou.
Al moet daar toen ook een slavenhouder meegedaan te hebben. En die zie je soms ook wel bij mij terug.

zaterdag 16 februari 2008

Het bestraffen van een haarspeld

's Ochtends worden de haarspeldjes bestraft hier. En op de gang gezet. We zijn zeker niet mals. Ook de haarspeldjes moeten hun grenzen kennen.
Het betreffende haarspeldje had - willens en wetens - aan de printer gezeten. Het wilde er in kruipen. Zich vastboren in het mechaniek. Het speldje wilde krassen maken. Flinke krassen. Het meisje zat erbij onder de tafel en kon er verder ook niets aan doen, zei ze, dat het speldje zo buitengewoon stout was. Ze had al een paar keer gewaarschuwd.
Dus nu zit het rode speldje op het stoeltje in de gang. En pas als het sorry heeft gezegd mag het eraf komen.