'Sinterklaas is oud, hè?' merkt Jeetje plotseling op.
'Ja.'
'Heel oud?'
'Heel oud,' zeg ik.
'Maar hele oude mensen gaan toch dood?' Jeetje kijkt bezorgd.
'Sinterklaas gaat nooit dood,' zeg ik.
'Maar wat als álle kinderen dan dood zijn?' vraagt ze.
'Ja, dan gaat Sinterklaas ook,' zeg ik, 'want dan heeft hij geen reden meer om te bestaan.'
'Dan is het wel héél leeg in Amsterdam, hè? Als alle kinderen dood zijn.'
'Ja, maar dat gebeurt niet. Er komen steeds weer nieuwe kinderen.'
Ik doe mijn best zo nonchalant mogelijk te klinken en begin met veel geruststellend lawaai de tafel af te ruimen. Altijd die zware zaken aan het ontbijt.
'En zijn paard?' vraag Jeetje.
'Wat, liefje?'
'Gaat zijn paard ook niet dood of die wel?'
zondag 23 november 2008
zaterdag 22 november 2008
Prijs
Ik dong mee naar een prijs. Maar ik wist niet dat ik meedong. Tot vandaag. Nu hoef ik de prijs alleen maar in ontvangst te gaan nemen. Dat is de manier waarop ik prijzen wil winnen. Niets longlist, shortlist. Je hoort het alleen als je gewonnen hebt.
Ik won de Nieuw Proza Prijs (voorheen Rabobank lenteprijs) voor mijn verhaal De Nomadensnaar dat in het literaire tijdschrift Lava stond.
In mijn boek heet het verhaal: Nomadensnaar. 'De' is ergens in het drukproces weggevallen. Dat heeft mij altijd stilletjes geërgerd. Ik wil de titel bij deze dan ook rehabiliteren. Als die tweede druk er komt, wordt het weer gewoon De Nomadensnaar.
Dat heeft het verhaal wel verdiend, vind ik.
Ik won de Nieuw Proza Prijs (voorheen Rabobank lenteprijs) voor mijn verhaal De Nomadensnaar dat in het literaire tijdschrift Lava stond.
In mijn boek heet het verhaal: Nomadensnaar. 'De' is ergens in het drukproces weggevallen. Dat heeft mij altijd stilletjes geërgerd. Ik wil de titel bij deze dan ook rehabiliteren. Als die tweede druk er komt, wordt het weer gewoon De Nomadensnaar.
Dat heeft het verhaal wel verdiend, vind ik.
vrijdag 21 november 2008
Tijd voor een nieuw boek
'Zo. Daar staan we dan,' zei een middelbare man aan de balie van de uitgeverij, voor de gelegenheid omgetoverd tot bar. Ik had mijn jas net opgehangen, en het eerste glas in handen.
'Ik was twaalf jaar bij mijn eerste vrouw,' zei hij, 'en nu alweer twintig jaar getrouwd met mijn tweede vrouw.'
'Dat is toch keurig netjes,' zei ik.
'Nietzsche heeft eens gezegd dat twintig jaar het maximum is. Dan moet je verder kijken.'
'O, jee.'
'Je moet het gewoon zien als een nieuw boek openslaan.'
'Dus jij ligt weer midden in een scheiding.'
'Dat zeg ik helemaal niet. Dat verband leg jij nu.
'Sorry, ik maak de gekste connecties.'
'Ik was twaalf jaar bij mijn eerste vrouw,' zei hij, 'en nu alweer twintig jaar getrouwd met mijn tweede vrouw.'
'Dat is toch keurig netjes,' zei ik.
'Nietzsche heeft eens gezegd dat twintig jaar het maximum is. Dan moet je verder kijken.'
'O, jee.'
'Je moet het gewoon zien als een nieuw boek openslaan.'
'Dus jij ligt weer midden in een scheiding.'
'Dat zeg ik helemaal niet. Dat verband leg jij nu.
'Sorry, ik maak de gekste connecties.'
donderdag 20 november 2008
We zijn samen vandaag.
We gaan naar de markt. Varkenskadavers worden uit de vrachtwagen gedragen. Moeder neemt zich voor: geen vlees. We lunchen bij Krul. Tosti ham-kaas. Moeder leest er de bladen, Jeetje vraagt zich af hoe het met de vis gesteld is.
'Hij is helemaal alleen, mama. In zo'n klein kommetje!'
'Dat is zielig, hè,' zegt moeder zonder op te kijken.
Jeetje besluit de eenzame vis gezelschap te gaan houden.
'Misschien vindt die vis het juist wel fijn om alleen te zijn,' mompelt moeder vanaf haar plek.
We wandelen door het park, totdat Jeetje ontsnapt. Moeder laat Jeetje lekker lopen. Moeder zet de achtervolging dan toch maar in. We gaan dwars door modderpoelen.
Thuis poetsen we onze schoenen. Jeetje staat erop haar laarsjes zèlf in te spuiten. Moeder vindt dat absoluut niet goed.
'Mama, ik vind jou vervelend,' zegt Jeetje dan.
'Dat vind ik niet leuk,' zegt moeder naar waarheid.
'Nou mama, ik vind jou wel lief hoor. Maar je dóét vervelend.'
'O, zo'
'Ja', zegt ze, 'zo. En mag ik nu mijn laarzen inspuiten?'
'Nee.'
'Hij is helemaal alleen, mama. In zo'n klein kommetje!'
'Dat is zielig, hè,' zegt moeder zonder op te kijken.
Jeetje besluit de eenzame vis gezelschap te gaan houden.
'Misschien vindt die vis het juist wel fijn om alleen te zijn,' mompelt moeder vanaf haar plek.
We wandelen door het park, totdat Jeetje ontsnapt. Moeder laat Jeetje lekker lopen. Moeder zet de achtervolging dan toch maar in. We gaan dwars door modderpoelen.
Thuis poetsen we onze schoenen. Jeetje staat erop haar laarsjes zèlf in te spuiten. Moeder vindt dat absoluut niet goed.
'Mama, ik vind jou vervelend,' zegt Jeetje dan.
'Dat vind ik niet leuk,' zegt moeder naar waarheid.
'Nou mama, ik vind jou wel lief hoor. Maar je dóét vervelend.'
'O, zo'
'Ja', zegt ze, 'zo. En mag ik nu mijn laarzen inspuiten?'
'Nee.'
woensdag 19 november 2008
dinsdag 18 november 2008
Warmte
'Ik zal jou effe komen verwarmen, mevrouw,' zei de verwarmingsmonteur. Hij had mij anderhalf uur in de kou laten wachten.
'Het lukt jou zo wel?' vroeg ik. Ik zag alléén maar pupil in de ogen van de jongen. Zat hij nou ook al aan de coke?
'Ik ben boven aan het werk,' zei ik rustig. Dat vond hij waarschijnlijk goed. Hij zei er niets op. Hij begon de oude ketel te slopen. Een tijdje later hoorde ik een hoop lawaai en gelach. Ik daalde de trap af. Er was een vriend van hem gekomen.
'Wij zijn effe weg, mevrouw!' zei de verwarmingsmonteur, 'spul halen.'
'Letten jullie wel goed op met oversteken?'
Op een gegeven moment kwam hij toch terug om de nieuwe ketel te installeren. Hij werkte een uurtje. Toen hij wegging riep hij onderaan de trap: 'Mevrouw! Ik heb wat gemold.' Voor ik beneden was, sloeg de voordeur al in het slot. Hij was tijdens het werken door het aanrecht gezakt. En had een paar tegeltjes uit de keukenmuur geslagen.
Maar even later kwamen man en kind thuis, en werd het huis eindelijk weer warm.
'Het lukt jou zo wel?' vroeg ik. Ik zag alléén maar pupil in de ogen van de jongen. Zat hij nou ook al aan de coke?
'Ik ben boven aan het werk,' zei ik rustig. Dat vond hij waarschijnlijk goed. Hij zei er niets op. Hij begon de oude ketel te slopen. Een tijdje later hoorde ik een hoop lawaai en gelach. Ik daalde de trap af. Er was een vriend van hem gekomen.
'Wij zijn effe weg, mevrouw!' zei de verwarmingsmonteur, 'spul halen.'
'Letten jullie wel goed op met oversteken?'
Op een gegeven moment kwam hij toch terug om de nieuwe ketel te installeren. Hij werkte een uurtje. Toen hij wegging riep hij onderaan de trap: 'Mevrouw! Ik heb wat gemold.' Voor ik beneden was, sloeg de voordeur al in het slot. Hij was tijdens het werken door het aanrecht gezakt. En had een paar tegeltjes uit de keukenmuur geslagen.
Maar even later kwamen man en kind thuis, en werd het huis eindelijk weer warm.
maandag 17 november 2008
BOE
Na de pauze stapte er een jongeman het podium van Perdu op. Hij had een andere energie dan de voorstelling. Misschien was hij een frisse wind. Hij had een eigentijds sjaaltje om zijn nek. Zijn zwarte shirt zat strak om zijn welgevormde torso. Zijn ogen twinkelden. Een artistiekeling. Duidelijk klaar om de wereld te bestormen. Het beloofde wat. Tot hij met lezen begon.
Hij las, en las, en las, en las, en las, en las, en las, en las.
En bleek de olifant in de porseleinkast.
'Misschien was het iets te lang?' vroeg hij naderhand aan de organisator.
'We hebben - normaal gesproken - drie minuten voor het open podium,' zei deze langzaam.
'Mag ik de volgende keer weer komen?'
De organisator aarzelde.
'Dan kom ik met iets korters!'
'Het was hyper hyperrealistisch wat je las,' probeerde de organisator. 'Eh...wat schrijf je nog meer?'
'Ja, ik dacht dat het net zo ging als het open podium in Berlijn,' zei de jongeman. 'Je mag voorlezen totdat het publiek BOE roept.'
Hij las, en las, en las, en las, en las, en las, en las, en las.
En bleek de olifant in de porseleinkast.
'Misschien was het iets te lang?' vroeg hij naderhand aan de organisator.
'We hebben - normaal gesproken - drie minuten voor het open podium,' zei deze langzaam.
'Mag ik de volgende keer weer komen?'
De organisator aarzelde.
'Dan kom ik met iets korters!'
'Het was hyper hyperrealistisch wat je las,' probeerde de organisator. 'Eh...wat schrijf je nog meer?'
'Ja, ik dacht dat het net zo ging als het open podium in Berlijn,' zei de jongeman. 'Je mag voorlezen totdat het publiek BOE roept.'
Abonneren op:
Posts (Atom)