Zo weinig regelmaat als er de laatste tijd in het schrijven van mijn blog zit, zo weinig regelmaat zit er in mijn dagen.
Mijn dag: Deetje drinkt van mij. En als Deetje slaapt, stop ik de was in de wasmachine. Of loop achter de kinderwagen en doe boodschappen. Als Deetje slaapt en Jeetje heeft vrij, wil Jeetje iets met mij doen. In de avond huilen ze soms allebei om mij.
Pas op het moment dat ik weer elke dag een stukje schrijven kan, heb ik houvast in mijn leven. Nu overleef ik vooral.
Het klinkt vervelender dan het is. Het is best leuk namelijk. Overleven heeft iets heroïsch. Zoals een kind baren ook iets heroïsch heeft. Al moet de heroïek niet te lang duren. Niets moet te lang duren.
Als ik te lang geen tijd krijg om mijn heldenverhalen op te schrijven, gaat het verkeerd.
Ik sprak erover met een vriendin die ook schrijfster is.
'Wij kunnen ons fijn achter de fictie verschuilen - 'het is allemaal niet waar! het is verzonnen! - en hard roepen dat schrijven geen therapie is. Maar ook dat is niet waar. Het werkt namelijk verschrikkelijk therapeutisch. Waarschijnlijk geldt dat voor alle schrijvers. Als ze niet schreven, werden ze gek of diep ongelukkig.'
Maar eerst moet ons huis ingepakt. Volgende maand vertrekken we. Voorgoed. Naar een heel ander deel van de stad. De verhuisdozen stapelen zich op in de gang. Net als de verhalen.
zaterdag 29 mei 2010
woensdag 26 mei 2010
Google weet raad
Ik was 'haaruitval na zwangerschap' aan het googelen toen ik een mail van een (ex)vriendin ontving. Ik had precies vijf jaar geleden - na de geboorte van Jeetje - voor het laatst een mail van haar gekregen die heel anders van toon was dan de mail die ik nu plotseling - vlak na de geboorte van Deetje - kreeg.
Na het lezen van de mail, googelde ik - alsof ik nooit mail gehad had - 'gewicht verliezen na zwangerschap.' En daarna googelde ik: 'baby van drie weken oud, maaiende armen. Inbakeren?' En toen ging ik de baby van drie weken voeden. En toen legde ik haar in de box, deed haar haar jasje aan en ging buiten de kinderwagen vast in elkaar zetten. Daarna haalde ik de baby op. Ik vergat de huissleutel niet. En toen wandelden de baby en ik naar de lagere Montessorischool om de grote zus op te halen.
Maar de grote zus zei dat ze met een vriendinnetje meeging. Thuisgekomen sliep de baby nog even in de wandelwagen en googelde ik: 'vriendschap illusie?' en 'kunnen mensen wezenlijk veranderen?'
Google zei op allebei mijn vragen: 'Nee hoor.'
Na het lezen van de mail, googelde ik - alsof ik nooit mail gehad had - 'gewicht verliezen na zwangerschap.' En daarna googelde ik: 'baby van drie weken oud, maaiende armen. Inbakeren?' En toen ging ik de baby van drie weken voeden. En toen legde ik haar in de box, deed haar haar jasje aan en ging buiten de kinderwagen vast in elkaar zetten. Daarna haalde ik de baby op. Ik vergat de huissleutel niet. En toen wandelden de baby en ik naar de lagere Montessorischool om de grote zus op te halen.
Maar de grote zus zei dat ze met een vriendinnetje meeging. Thuisgekomen sliep de baby nog even in de wandelwagen en googelde ik: 'vriendschap illusie?' en 'kunnen mensen wezenlijk veranderen?'
Google zei op allebei mijn vragen: 'Nee hoor.'
dinsdag 25 mei 2010
Over slapen
Het slaapt niet lekker met zo'n piepkleintje in een mandje naast je. Ze huilt niet, maar hikt, piept en kreunt de nacht door. Ze heeft een luidruchtig verteringsproces. Het gaat nog niet vanzelf. Het moet een afgrijselijk werk zijn voor zo'n lijfje. En als het geluid dan plotseling ophoudt, schiet ik rechtovereind en staar naar het lakentje waar ze onder ligt. Of er nog wel beweging in zit.
Tegen die tijd dat het zover is, - dat ze dus in een diepe, stille slaap weggezakt is - zal ze zeker binnen drie kwartier weer wakker worden met een vreselijke honger. Ik voel dat net iets eerder dan zij. We lopen nog synchroon, Deetje en ik. Nee, ik ben haar steeds een stapje voor. Ik weet dat ze over drie kwartier wakker gaat worden en in drie kwartier krijg ik niet genoeg slaap. Dus ik wacht die drie kwartieren in het donker. Ik wacht. De wereld slaapt. En als ik tegen de ochtend eindelijk in slaap dreig te vallen, hoor ik iets in het aangrenzende kamertje. De vijfjarige ontwaakt.
Even later kruipt Jeetje bij mij in bed en weerklinken de eerste smak-geluiden uit het rieten mandje.
'De kleine wijzer staat bij de zeven en de grote wijzer staat bij de twaalf,' zegt Jeetje.
'Je bent precies op tijd,' zeg ik.
Tegen die tijd dat het zover is, - dat ze dus in een diepe, stille slaap weggezakt is - zal ze zeker binnen drie kwartier weer wakker worden met een vreselijke honger. Ik voel dat net iets eerder dan zij. We lopen nog synchroon, Deetje en ik. Nee, ik ben haar steeds een stapje voor. Ik weet dat ze over drie kwartier wakker gaat worden en in drie kwartier krijg ik niet genoeg slaap. Dus ik wacht die drie kwartieren in het donker. Ik wacht. De wereld slaapt. En als ik tegen de ochtend eindelijk in slaap dreig te vallen, hoor ik iets in het aangrenzende kamertje. De vijfjarige ontwaakt.
Even later kruipt Jeetje bij mij in bed en weerklinken de eerste smak-geluiden uit het rieten mandje.
'De kleine wijzer staat bij de zeven en de grote wijzer staat bij de twaalf,' zegt Jeetje.
'Je bent precies op tijd,' zeg ik.
maandag 24 mei 2010
De verlossing deel 3
'Voor het acht uur journaal, is het kind er', had ik gezegd en ik wist dat het zo zou gaan. Ik heb deadlines nodig.
De bevalkamer bleek dezelfde kamer als waar Jeetje geboren is. Ze hadden alleen de douche vernieuwd. Maar deze keer zou ik niet gaan douchen. Ik wilde het niet comfortabel maken. Want echt comfortabel zou het nooit worden. Gezellig al helemaal niet. Hoe gezelliger je het maakt, hoe langer het duurt. Ik wilde alleen maar pijn, veel pijn. Meer pijn. Er stond vanaf de ochtend van de vijfde mei maar een ding op het programma; kind eruit. Vandaag. Niet zeuren.
Een warme douche leidt af. Zoals ook het je ergeren aan co-assistenten, verloskundigen of wat voor mensen er dan ook de kamer in en uit lopen, niets dan het lekken van energie is. Dus ergerde ik me niet. Ook niet aan de mevrouw die de oergeluiden voor ging doen, die ik volgens haar zou moeten maken. Ik luisterde naar haar. Ik knikte. Ik kende mezelf haast niet terug met die concentratie. En vooral de verschrikkelijke vastberadenheid die in mij gevaren was. Grenzend aan waanzin.
Ik dacht: deze houding zou ik in het dagelijkse leven meer moeten hebben. Daar heb je wat aan. Daarna dacht ik: niet denken. Ook dat is verspilling van waar het werkelijk om draait. Ik keek op de klok. Ik ging door.
De bevalkamer bleek dezelfde kamer als waar Jeetje geboren is. Ze hadden alleen de douche vernieuwd. Maar deze keer zou ik niet gaan douchen. Ik wilde het niet comfortabel maken. Want echt comfortabel zou het nooit worden. Gezellig al helemaal niet. Hoe gezelliger je het maakt, hoe langer het duurt. Ik wilde alleen maar pijn, veel pijn. Meer pijn. Er stond vanaf de ochtend van de vijfde mei maar een ding op het programma; kind eruit. Vandaag. Niet zeuren.
Een warme douche leidt af. Zoals ook het je ergeren aan co-assistenten, verloskundigen of wat voor mensen er dan ook de kamer in en uit lopen, niets dan het lekken van energie is. Dus ergerde ik me niet. Ook niet aan de mevrouw die de oergeluiden voor ging doen, die ik volgens haar zou moeten maken. Ik luisterde naar haar. Ik knikte. Ik kende mezelf haast niet terug met die concentratie. En vooral de verschrikkelijke vastberadenheid die in mij gevaren was. Grenzend aan waanzin.
Ik dacht: deze houding zou ik in het dagelijkse leven meer moeten hebben. Daar heb je wat aan. Daarna dacht ik: niet denken. Ook dat is verspilling van waar het werkelijk om draait. Ik keek op de klok. Ik ging door.
zondag 23 mei 2010
Oren
We liggen in bed. Er heerst volledige harmonie. We zijn omringd door onze slapende kinderen. Jeetje slaapt in de kamer en suite. En in het mandje naast mij ligt Deetje. We bespreken haar prachtige oortjes nog eens.
'Het zijn van die typische Murakami-oren,' zeg ik. 'Waar Murakami altijd over schrijft.'
'Ja,' zegt man. 'Ze zijn bijzonder. Ze hebben een complexe structuur. Anders dan doorsnee oren.'
'En die losse lelletjes dan,' zeg ik.
Man blijft me maar liefdevol aankijken. Ik kijk minstens zo lief terug.
'Jij hebt anders ook nog hele mooie oren,' zegt man. 'Je oren zijn niets dikker geworden. Je oren zijn gebleven zoals ze waren.' Hij krijgt tranen in zijn ogen. Van mijn oren. Die hij nog herkent van vroeger.
'Het zijn van die typische Murakami-oren,' zeg ik. 'Waar Murakami altijd over schrijft.'
'Ja,' zegt man. 'Ze zijn bijzonder. Ze hebben een complexe structuur. Anders dan doorsnee oren.'
'En die losse lelletjes dan,' zeg ik.
Man blijft me maar liefdevol aankijken. Ik kijk minstens zo lief terug.
'Jij hebt anders ook nog hele mooie oren,' zegt man. 'Je oren zijn niets dikker geworden. Je oren zijn gebleven zoals ze waren.' Hij krijgt tranen in zijn ogen. Van mijn oren. Die hij nog herkent van vroeger.
vrijdag 21 mei 2010
De verlossing deel 2
Er stonden drie mannen om mij heen in het CTG kamertje. Man, een blonde gynaecoloog van mijn leeftijd, hij leek op Wouter Bos, en een gynaecoloog in opleiding die als twee druppels water op de jonge Reinout Oerlemans leek. Meteen situeerde ik hem in een kroeg met een biertje in zijn hand en zijn vrindjes om zich heen.
'Doe uw broek maar uit,' zei Wouter glimlachend. 'En leg uw benen maar in de beugels.'
'Kan het licht wat minder fel?' vroeg ik. 'Het is de eerste keer in dit hele proces dat ik mijn broek uitdoe.'
De mannen knikten. Reinout dempte het tl-licht. Wouter deed zijn plastic handschoenen aan. Ik ontdeed mij van mijn onderkleding, spreidde mijn benen en legde ze in de beugels. Ik bleef de mannen om de beurt in de ogen kijken. Alledrie keken ze neutraal terug. Geen zweem van kroegpraat.
'Ik ga u toucheren,' zei Wouter en hij bewoog zijn gehandschoende vingers. 'Voelen of er al opening is.'
'Toucheert u maar,' zei ik.
'Schrikt u niet als het nog potdicht zit.'
'Ik heb die pijn niet voor jan lul gehad,' zei ik.
Wouter lachte en richtte zijn blik omlaag. Hij begon zijn werkterrein te ontginnen. Reinout keek af en toe netjes weg en af en toe gluurde hij mee. Man hield de boel in de gaten.
Toen Wouter na een tijdje opkeek, zei hij: 'Ik heb het hoofdje al gevoeld!'
Bij mijn vertrek naar de echte verloskamer, zei Wouter: 'Ik hoop dat u uw humor blijft behouden. Dat is heel belangrijk.'
'Doe uw broek maar uit,' zei Wouter glimlachend. 'En leg uw benen maar in de beugels.'
'Kan het licht wat minder fel?' vroeg ik. 'Het is de eerste keer in dit hele proces dat ik mijn broek uitdoe.'
De mannen knikten. Reinout dempte het tl-licht. Wouter deed zijn plastic handschoenen aan. Ik ontdeed mij van mijn onderkleding, spreidde mijn benen en legde ze in de beugels. Ik bleef de mannen om de beurt in de ogen kijken. Alledrie keken ze neutraal terug. Geen zweem van kroegpraat.
'Ik ga u toucheren,' zei Wouter en hij bewoog zijn gehandschoende vingers. 'Voelen of er al opening is.'
'Toucheert u maar,' zei ik.
'Schrikt u niet als het nog potdicht zit.'
'Ik heb die pijn niet voor jan lul gehad,' zei ik.
Wouter lachte en richtte zijn blik omlaag. Hij begon zijn werkterrein te ontginnen. Reinout keek af en toe netjes weg en af en toe gluurde hij mee. Man hield de boel in de gaten.
Toen Wouter na een tijdje opkeek, zei hij: 'Ik heb het hoofdje al gevoeld!'
Bij mijn vertrek naar de echte verloskamer, zei Wouter: 'Ik hoop dat u uw humor blijft behouden. Dat is heel belangrijk.'
donderdag 20 mei 2010
De verlossing deel 1
Op vijf mei waren we rond drie uur 's middags in het academisch medisch centrum. Omdat de zwaartekracht alleen maar bevorderlijk werkt, was ik naar de verlosafdeling komen lopen. In plaats van gerold te worden. Het ging moeizaam. Maar hoe moeizamer hoe beter. Ik wist dat het er in deze zaak om ging zoveel mogelijk pijn te hebben. En dat die pijn alleen maar erger moest worden. Totdat je dacht dat je stierf.
De mevrouw achter de balie verloskunde keek me aan, gaapte en mompelde tegen haar collega: 'Mevrouw Geurts is er al.'
Haar collega kwam uit haar glazen hokje gesloft en begeleidde me naar een kamertje. Ze wees naar het CTG apparaat.
'Ga maar liggen.' Ze zuchtte.
'Ik hoef niet aan zo'n ding,' zei ik. 'Ik kom om verlost te worden. Nu!'
'U besluit naar het ziekenhuis te komen.' Ze had een ernstig spraakgebrek.
'Niet voor niks,' zei ik.
'Hier leggen wij u eerst aan het CTG. Protocol.' Haar voortanden kwamen tot over haar onderlip. Grote, waterige ogen keken me aan vanachter brillenglazen. Mijlenver verwijderd van elke realiteit. Misschien had het AMC dit werk uitbesteed aan de minder begaafden. In het kader van bezuinigingen.
'Het kan uren duren voor er een gynaecoloog komt.' Ze articuleerde alsof ik hier de zwakzinnige was.
'Uren?' zei ik.
'Het is héél druk op de afdeling. Je zult moeten wachten.'
'Dan is het kind er al.'
Ze zweeg en koppelde me vast aan het apparaat. Ik kromp ineen toen ik ging liggen.
'U heeft al af en toe een harde buik?' vroeg ze.
Ik sloot mijn ogen om deze vrouw niet te hoeven zien. Ik sloot mijn ogen om haar te beschermen tegen mij. Ik had de ader in haar nek zien kloppen. Ik wilde hem doorbijten.
De mevrouw achter de balie verloskunde keek me aan, gaapte en mompelde tegen haar collega: 'Mevrouw Geurts is er al.'
Haar collega kwam uit haar glazen hokje gesloft en begeleidde me naar een kamertje. Ze wees naar het CTG apparaat.
'Ga maar liggen.' Ze zuchtte.
'Ik hoef niet aan zo'n ding,' zei ik. 'Ik kom om verlost te worden. Nu!'
'U besluit naar het ziekenhuis te komen.' Ze had een ernstig spraakgebrek.
'Niet voor niks,' zei ik.
'Hier leggen wij u eerst aan het CTG. Protocol.' Haar voortanden kwamen tot over haar onderlip. Grote, waterige ogen keken me aan vanachter brillenglazen. Mijlenver verwijderd van elke realiteit. Misschien had het AMC dit werk uitbesteed aan de minder begaafden. In het kader van bezuinigingen.
'Het kan uren duren voor er een gynaecoloog komt.' Ze articuleerde alsof ik hier de zwakzinnige was.
'Uren?' zei ik.
'Het is héél druk op de afdeling. Je zult moeten wachten.'
'Dan is het kind er al.'
Ze zweeg en koppelde me vast aan het apparaat. Ik kromp ineen toen ik ging liggen.
'U heeft al af en toe een harde buik?' vroeg ze.
Ik sloot mijn ogen om deze vrouw niet te hoeven zien. Ik sloot mijn ogen om haar te beschermen tegen mij. Ik had de ader in haar nek zien kloppen. Ik wilde hem doorbijten.
Abonneren op:
Posts (Atom)