vrijdag 3 juni 2011
Glad vergeten
Ik stond tot aan mijn knieën in een meer in de waterleidingduinen voor me uit te dromen. Het was een prachtige dag. Het water was gek genoeg oceaangroen. De lucht was strakblauw en ik had uitzicht op de duinen. Het zonlicht schitterde. Ik was gelukkig. Toen keek ik naar mijn voeten, en daar op de bodem van het meer, zat ze. Met een grote luier vastgezogen op het zand. Haar wangen wit en bol. Haar donkerbruine haren recht omhoog. Haar ogen open en groot en bevroren. En ik weet nog dat ik dacht: ze moet hier al minstens een half uur zo zitten. Of een uur. Hoe lang sta ik hier al?
donderdag 2 juni 2011
Jeetje
'Hoe noem je dat nou ook alweer. Zo'n vriendje in je hoofd?' vroeg Jeetje tijdens het tandenpoetsen.
'Een imaginair vriendje?'
'O, ja.'
'Wat is daarmee?'
'God is dus eigenlijk een imaginair vriendje?'
'Vind ik wel een goeie.'
Jeetje is zes en vindt imaginaire vrienden normaal. Ze heeft er zelf geen. Maar haar vriendinnetje heeft er wel één. En daar hebben ze het gewoon over.
Voor de trouwe lezer van dit weblog was dit weer een 'Jeetje stukje'. Een gouwe ouwe. Sinds 2007, sinds ze 2 is, staan de gesprekjes tussen ons hier genoteerd. Verhaaltjes over mijn eerste schreden op het pad van moederschap. Haar eerste schreden in de wereld. De interactie tussen moeder en dochter. Van die dingen. Maar ik merk dat de Jeetjesstukken voorbij aan het gaan zijn. De Jeetjes worden spaarzamer. Ze veranderen wezenlijk. Jee gaat naar groep drie nu. Ze kan zelf al aardig lezen. De gesprekken worden meer privé misschien? Of het komt omdat er sinds vorig jaar ook een Deetje is?
Wat Deetje allemaal gaat zeggen weten we nog niet.
Zij openbaart zich nu als een groot liefhebster van boeken, ze komt mij er de godsganse dag één brengen om voor te lezen.
Ze kwispelt daarbij en roept: 'boek, boek, boek!' Zo herinnert Deetje mij ook aan mijn andere taak.
Deetje heeft trouwens ook een enorme liefde voor telefoons. Ze houdt alles wat ze in haar hand heeft aan haar oor en zegt: 'Hallo, hallo!' Terwijl ik toch een erge hekel heb aan bellen.
Ter illustratie nog een Smeerkaasfilmpje op de site van Torpedo magazine. En gisteren in het Parool.
'Een imaginair vriendje?'
'O, ja.'
'Wat is daarmee?'
'God is dus eigenlijk een imaginair vriendje?'
'Vind ik wel een goeie.'
Jeetje is zes en vindt imaginaire vrienden normaal. Ze heeft er zelf geen. Maar haar vriendinnetje heeft er wel één. En daar hebben ze het gewoon over.
Voor de trouwe lezer van dit weblog was dit weer een 'Jeetje stukje'. Een gouwe ouwe. Sinds 2007, sinds ze 2 is, staan de gesprekjes tussen ons hier genoteerd. Verhaaltjes over mijn eerste schreden op het pad van moederschap. Haar eerste schreden in de wereld. De interactie tussen moeder en dochter. Van die dingen. Maar ik merk dat de Jeetjesstukken voorbij aan het gaan zijn. De Jeetjes worden spaarzamer. Ze veranderen wezenlijk. Jee gaat naar groep drie nu. Ze kan zelf al aardig lezen. De gesprekken worden meer privé misschien? Of het komt omdat er sinds vorig jaar ook een Deetje is?
Wat Deetje allemaal gaat zeggen weten we nog niet.
Zij openbaart zich nu als een groot liefhebster van boeken, ze komt mij er de godsganse dag één brengen om voor te lezen.
Ze kwispelt daarbij en roept: 'boek, boek, boek!' Zo herinnert Deetje mij ook aan mijn andere taak.
Deetje heeft trouwens ook een enorme liefde voor telefoons. Ze houdt alles wat ze in haar hand heeft aan haar oor en zegt: 'Hallo, hallo!' Terwijl ik toch een erge hekel heb aan bellen.
Ter illustratie nog een Smeerkaasfilmpje op de site van Torpedo magazine. En gisteren in het Parool.
woensdag 1 juni 2011
Slavernijperiode
Ik zit weer eens in zo'n slavernij-periode. Daar schaam ik me altijd een beetje voor. Want het kan haast niet pathetischer. Het is een obsessie. Zoals pubers dat vaak hebben met zeehondjes.
Na het lezen van To Kill a Mockingbird van Harper Lee en daarna meteen Het Negerboek van Lawrence Hill heb ik het weer flink te pakken. Als kind kreeg ik het na het lezen van De negerhut van oom Tom en het zien van de televisieseries Roots en North and South. Bij Roots heb ik heel wat tranen geplengd. Gisteren kreeg ik de serie op DVD binnen, en ook het boek van Alex Haley waar de serie op gebaseerd is. (Naast De bekende wereld van Edward P. Jones en de Nederlandse slavenhandel van P.C. Emmer.)
Maar ik ben eindelijk begonnen in Agaat van Marlene Niekerk. Vorig jaar kreeg ik het boek cadeau, en nu ben ik er helemaal klaar voor.
Al heb ik de hele nacht gedroomd van Kunta Kinte, hoofdpersonage van de serie Roots, die op het slavenschip vervoerd werd naar Virginia. De serie is uit 1977 dus enorm traag en erg theatraal. Lachwekkend bijna. Maar ik werd er al gauw weer door bevangen, zoals ik er als kind door werd bevangen. Ik geloof dat het me momenteel om dat gevoel gaat.
Na het lezen van To Kill a Mockingbird van Harper Lee en daarna meteen Het Negerboek van Lawrence Hill heb ik het weer flink te pakken. Als kind kreeg ik het na het lezen van De negerhut van oom Tom en het zien van de televisieseries Roots en North and South. Bij Roots heb ik heel wat tranen geplengd. Gisteren kreeg ik de serie op DVD binnen, en ook het boek van Alex Haley waar de serie op gebaseerd is. (Naast De bekende wereld van Edward P. Jones en de Nederlandse slavenhandel van P.C. Emmer.)
Maar ik ben eindelijk begonnen in Agaat van Marlene Niekerk. Vorig jaar kreeg ik het boek cadeau, en nu ben ik er helemaal klaar voor.
Al heb ik de hele nacht gedroomd van Kunta Kinte, hoofdpersonage van de serie Roots, die op het slavenschip vervoerd werd naar Virginia. De serie is uit 1977 dus enorm traag en erg theatraal. Lachwekkend bijna. Maar ik werd er al gauw weer door bevangen, zoals ik er als kind door werd bevangen. Ik geloof dat het me momenteel om dat gevoel gaat.
dinsdag 31 mei 2011
Voor jezelf opkomen
Deetje is een week geleden gebeten door een jongetje dat haar het duploblokje niet gunde. Er zit een flinke korst op haar bovenarm.
'Gelukkig begint Deetje nu wel iets meer voor zichzelf op te komen,' zegt de crèchejuffrouw.
'Ik dacht dat zij al goed voor zichzelf opkwam,' zeg ik.
'Nou nee hoor,' zegt ze. 'Deetje is altijd heel lief.'
'O. Ik dacht: deze komt tenminste voor zichzelf op. Haar zus deed dat namelijk niet zo goed.'
'Laat ik het zo zeggen: ten opzichte van de andere kindjes hier is Deetje altijd even vriendelijk en meegaand,' zegt de juffrouw.
Ik kijk naar de valse Amsterdamse loedertjes op de vloer die, als je niet oppast, ieder moment van zich af kunnen gaan bijten.
'Ze kan wel wat hardhandig zijn hoor,' zegt de juffrouw.
'Gelukkig!'
'Maar dat bedoelt ze nooit slecht,' gaat ze door. 'Het is gewoon dat ze haar eigen kracht nog niet kent.'
Deetje is een sterke, vrolijke, lieve baby die goed voor zichzelf op begint te komen. Gisteravond plukte ik haar van de derde traptree af. Ze zette het op een krijsen en begon mij met vlakke hand in het gezicht te timmeren.
Maar het is wat anders om tegenover je moeder voor jezelf op te komen dan tegenover de rest van de wereld.
'Gelukkig begint Deetje nu wel iets meer voor zichzelf op te komen,' zegt de crèchejuffrouw.
'Ik dacht dat zij al goed voor zichzelf opkwam,' zeg ik.
'Nou nee hoor,' zegt ze. 'Deetje is altijd heel lief.'
'O. Ik dacht: deze komt tenminste voor zichzelf op. Haar zus deed dat namelijk niet zo goed.'
'Laat ik het zo zeggen: ten opzichte van de andere kindjes hier is Deetje altijd even vriendelijk en meegaand,' zegt de juffrouw.
Ik kijk naar de valse Amsterdamse loedertjes op de vloer die, als je niet oppast, ieder moment van zich af kunnen gaan bijten.
'Ze kan wel wat hardhandig zijn hoor,' zegt de juffrouw.
'Gelukkig!'
'Maar dat bedoelt ze nooit slecht,' gaat ze door. 'Het is gewoon dat ze haar eigen kracht nog niet kent.'
Deetje is een sterke, vrolijke, lieve baby die goed voor zichzelf op begint te komen. Gisteravond plukte ik haar van de derde traptree af. Ze zette het op een krijsen en begon mij met vlakke hand in het gezicht te timmeren.
Maar het is wat anders om tegenover je moeder voor jezelf op te komen dan tegenover de rest van de wereld.
maandag 30 mei 2011
De vader die lachte
Op de deur van de kleedkamer hangt een briefje: alleen voor dames, dus ook geen vaders. De vader zit er toch, wijdbeens, in een grote outdoorbroek. Hij heeft een zongebruind hoofd en gespierde armen onder zijn strakke jungleshirt. Hij lacht naar ons, de moeders die hun naakte, rillende meisjes afdrogen na de zwemles. Het driejarig dochtertje drentelt door de ruimte en vraagt steeds waar Lisa blijft.
'Die komt wel,' zegt vader en hij strijkt door zijn haar. 'Op een keer moet Lisa toch onder de douche uitkomen.' Hij grinnikt. Hij heeft de tijd. Als de moeders de meisjes al in hun schoenen helpen, loopt de driejarige zelf naar de douches om zus Lisa op te halen.
'Domme papa!' is het eerste dat Lisa zegt als ze de kleedkamer binnenkomt.
Vader lacht. Lisa schatert het uit.
'Domme papa!' roept Lisa nog een paar keer. De driejarige doet mee.
'Ik droog je wel mooi af,' Vader stroopt Lisa's badpak af. Er komt een hangbuik tevoorschijn. Met putjes erin.
'Dombo, dombo, dombo!' De meisjes dansen om hun vader.
'Kom, we hebben heerlijke appeltaart thuis,' zegt hij.
'Maar daar krijg jij niks van!' zegt Lisa.
'O,' zegt vader.
'Nee, en ik ga je in elkaar slaan met een hamer,' zegt Lisa. 'Dan sla ik je helemaal in stukken. Krak. Krak.'
Vader lacht en droogt zijn dochter af. Ze hebben lol samen.
'En jij krijgt niks van de appeltaart,' zegt Lisa. 'Niks!' echoot de driejarige.
'Als ik geen appeltaart krijg, draai ik dadelijk ook geen K3 in de auto,' zegt vader.
'Dat hoeft ook he-le-maal niet,' zegt Lisa. En ze ligt in een deuk. Vader knipoogt naar de moeders die één voor één de kleedkamer verlaten.
Op de terugweg zeg ik tegen Jeetje dat ik vond dat Lisa wel erg brutaal deed tegen haar vader.
'Maar die vader lachte steeds,' zegt Jeetje. 'Waarom deed hij dat eigenlijk?'
'Die komt wel,' zegt vader en hij strijkt door zijn haar. 'Op een keer moet Lisa toch onder de douche uitkomen.' Hij grinnikt. Hij heeft de tijd. Als de moeders de meisjes al in hun schoenen helpen, loopt de driejarige zelf naar de douches om zus Lisa op te halen.
'Domme papa!' is het eerste dat Lisa zegt als ze de kleedkamer binnenkomt.
Vader lacht. Lisa schatert het uit.
'Domme papa!' roept Lisa nog een paar keer. De driejarige doet mee.
'Ik droog je wel mooi af,' Vader stroopt Lisa's badpak af. Er komt een hangbuik tevoorschijn. Met putjes erin.
'Dombo, dombo, dombo!' De meisjes dansen om hun vader.
'Kom, we hebben heerlijke appeltaart thuis,' zegt hij.
'Maar daar krijg jij niks van!' zegt Lisa.
'O,' zegt vader.
'Nee, en ik ga je in elkaar slaan met een hamer,' zegt Lisa. 'Dan sla ik je helemaal in stukken. Krak. Krak.'
Vader lacht en droogt zijn dochter af. Ze hebben lol samen.
'En jij krijgt niks van de appeltaart,' zegt Lisa. 'Niks!' echoot de driejarige.
'Als ik geen appeltaart krijg, draai ik dadelijk ook geen K3 in de auto,' zegt vader.
'Dat hoeft ook he-le-maal niet,' zegt Lisa. En ze ligt in een deuk. Vader knipoogt naar de moeders die één voor één de kleedkamer verlaten.
Op de terugweg zeg ik tegen Jeetje dat ik vond dat Lisa wel erg brutaal deed tegen haar vader.
'Maar die vader lachte steeds,' zegt Jeetje. 'Waarom deed hij dat eigenlijk?'
vrijdag 27 mei 2011
Nieuwe muze
De huisarts die mij 'vaag' noemt, terwijl ik niet bij hem kwam om het over mijn vermeende vaagheid te hebben, heeft een teer punt geraakt. Ik word heel mijn leven al 'vaag' genoemd of 'raar.' Ik ben die benaming meer dan spuugzat. Je zou - voor de grap - de mensen eens moeten zien die mij zo aanduiden.
Het is nu al een week geleden dat ik hem zag, en op stille momenten vertel ik de huisarts nog steeds 'de waarheid.' Elke dag wordt het betoog in mijn hoofd scherper. Maar het eindigt altijd met dezelfde vraag: 'DUS meneer, WIE is er hier nou eigenlijk VAAG?!'
Hij weet nooit iets terug te zeggen. Hij kan niet anders dan zijn hoofd buigen. Zich excuseren.
De huisarts wordt mijn nieuwe muze. Als ik een drijfveer mis, zal ik bij hem langsgaan met een vage klacht. Voorin mijn volgende boek komt te staan: voor de huisarts die mijn motortje altijd draaiend wist te houden.
Gisteren stond hij op mijn antwoordapparaat: 'Ik bel je al een paar dagen voor de uitslag van het bloedonderzoek. Maar ik krijg je niet te pakken. Einde bericht.'
Mijn muze zegt einde bericht als hij zijn zegje gedaan heeft. Dat is niet vaag. Dat is dubbelop.
Het is nu al een week geleden dat ik hem zag, en op stille momenten vertel ik de huisarts nog steeds 'de waarheid.' Elke dag wordt het betoog in mijn hoofd scherper. Maar het eindigt altijd met dezelfde vraag: 'DUS meneer, WIE is er hier nou eigenlijk VAAG?!'
Hij weet nooit iets terug te zeggen. Hij kan niet anders dan zijn hoofd buigen. Zich excuseren.
De huisarts wordt mijn nieuwe muze. Als ik een drijfveer mis, zal ik bij hem langsgaan met een vage klacht. Voorin mijn volgende boek komt te staan: voor de huisarts die mijn motortje altijd draaiend wist te houden.
Gisteren stond hij op mijn antwoordapparaat: 'Ik bel je al een paar dagen voor de uitslag van het bloedonderzoek. Maar ik krijg je niet te pakken. Einde bericht.'
Mijn muze zegt einde bericht als hij zijn zegje gedaan heeft. Dat is niet vaag. Dat is dubbelop.
donderdag 26 mei 2011
Groetjes aan...
Het vierde filmpje alweer op Torpedomagazine. Het heet Zorg. Ik heb het zelf wederom niet gekeken, maar het schijnt goed te zijn. Ik weet nog dat ik dit stukje, terwijl ik het las, het beste vond. Er was niet aan geschaafd. Het had al de juiste hoeveelheid woorden. Het leek gemaakt voor een Torpedo Magazine Filmpje. Het wilde ook iets zeggen over de zorg voor en over een kind. Het was niet eenduidig. Toen ik klaar was, zei de cameraman: 'Dit was meer een gedicht.'
Als je kijkt, kijk dan meteen even bij de andere filmpjes. Er wordt daar elke dag een nieuw 2 minutenstukje geplaatst. Zo leuk. En dan staat het ook nog in het Parool. Het kan niet op. Het leven is Vurrukkulluk.
Daar heb ik dus ooit een hoorspel van gemaakt. Dat is nu alweer vijftien jaar geleden.En daar wordt binnenkort, waarschijnijk, wat mee gedaan. Ik weet nog precies waar ik zat toen ik 'groetjes aan Elke Geurts' zag staan, geschreven door Remco Campert. Ik viel haast flauw van zoveel erkenning. Sindsdien voel ik me verbonden met hem. Je hoeft maar 'groetjes aan...' te schrijven of je hebt me. Makkelijk zat.
Als je kijkt, kijk dan meteen even bij de andere filmpjes. Er wordt daar elke dag een nieuw 2 minutenstukje geplaatst. Zo leuk. En dan staat het ook nog in het Parool. Het kan niet op. Het leven is Vurrukkulluk.
Daar heb ik dus ooit een hoorspel van gemaakt. Dat is nu alweer vijftien jaar geleden.En daar wordt binnenkort, waarschijnijk, wat mee gedaan. Ik weet nog precies waar ik zat toen ik 'groetjes aan Elke Geurts' zag staan, geschreven door Remco Campert. Ik viel haast flauw van zoveel erkenning. Sindsdien voel ik me verbonden met hem. Je hoeft maar 'groetjes aan...' te schrijven of je hebt me. Makkelijk zat.
Abonneren op:
Posts (Atom)