zaterdag 23 juli 2011

Aandacht

Ik wilde hier iets schrijven over het grote nieuws dat schrijver Dautzenberg uit Tilburg-Noord lid is geworden van pedofielenvereniging Martijn. Uit piëteit, vanwege zijn sterk ontwikkelde gevoel voor rechtvaardigheid; omdat iedere andersdenkende in dit land tegenwoordig verguisd wordt. Lees hier .
Ik kon de krant van vorige week niet vinden waarin het interview met een ander lid van die club stond. Ik herinnerde me van het artikel alleen nog de uitspraak: 'Ouders denken dat kinderen van hen zijn, maar ze zijn van iedereen.' Misschien is dat ook wel genoeg.
Wat een dappere schrijver, hè. Om zomaar lid te worden van een pedofielenvereniging. 'Want in onze 'fantasie' mag alles.' En dat is ook zo. Maar het is geen fantasievereniging. De meeste mensen die daar lid van zijn, zijn ook geen schrijvers. Het gaat hen niet om de fantasie.
Het weerloze kind is een onverwoestbaar icoon voor de politiek om kiezers te mobiliseren. Ook voor schrijvers, blijkbaar.
Wat ik wilde schrijven was: wat een aanstellerige, aandachttrekkerige actie. Alsof er niets beters te doen is.

donderdag 21 juli 2011

Verwend volk

Nadat ik het schrijven een beetje zat was, fietste ik naar de stad voor de uitverkoop kinderkleren bij Petit Bateau. Op de terugweg was er een verschrikkelijke wolkbreuk die anderhalf uur zou gaan duren. Maar dat wist ik toen nog niet, ik dacht aan zo'n bui die na vijf minuten weer over is. Dus wachtte ik in een portiekje. Normaal doe ik dat nooit, maar deze keer dacht ik: laat ik verstandig zijn, waarom natregenen? ook dacht ik aan mijn papieren tas met kleding. Een uur later was de regenval alleen maar heviger geworden, het portiekje voller.
'Dit stond al in de bijbel,' zei een mede-schuiler.
'O ja?'
'Dit is de zondvloed,' zei hij dramatisch. 'De zondvloed.'
Thuis heb ik het water van de zondvloed uit mijn schoenen gegoten, terwijl ik een douche nam werden mijn biologische kipkluifjes opgewarmd. 's Avonds las ik in NRC over de hongersnood en zag de foto van een moeder die haar uitgemergelde kleuter voedde. Man was bij de AH ijs aan het halen en drop.

dinsdag 19 juli 2011

Sex appeal

Toen we tijdens het dessert voor elkaar de outfits bedachten, - het surfpak, de verpleegstersschort, een latex pakje - die we onder onze decente mantels zouden dragen, op weg naar de parenclub, kwamen we bij mij uit. Waar was ik nou precies het type voor?
Tot die tijd was het lachen, gieren, brullen geweest. Maar nu viel het stil. Ze keken mij alledrie aan.
'Heidi misschien?' opperde ik.
'Welnee! Heidi is blond en struis.'
Heidi werd afgedaan. Gefronste wenkbrauwen zag ik. Nadenkende blikken.
'Tja,' werd er gezegd.
Ik werd grondig bestudeerd, maar verder dan 'tja' ging het niet. Het lukte zelfs niet mij te visualiseren in een pikant pakje. Moet je nagaan.
'Een masker?' werd er ten slotte geopperd. 'Jij moet gemaskerd.'
'Iets dat hooggesloten is in ieder geval.' Daar was men het over eens.
'Een burka?'
Tijdens de koffie werd het bananenrokje genoemd. Maar dat was meer omdat het zielig voor mij was, dan dat ik er echt het type voor was.

maandag 18 juli 2011

Verrassing

Op onze zoveelste trouwdag zaten we met vrienden in een restaurant. Stel tegenover stel. We hadden het verrassingsmenu gekozen. Eerst ging het over scheidingen, dat we nu zo'n beetje in de fase terechtgekomen waren dat men ging scheiden. Toen kwam de midlifecrisis kort aan bod, direct gevolgd door het fenomeen parenclubs. Dat er meer mensen naar die clubs gingen dan je zou denken. We kenden allemaal wel iemand. Of dan tenminste vrienden van vrienden. Maar er rustte toch nog een taboe op.
'Dat is voor als je op je vrouw bent uitgekeken, maar je wil niet naar de hoeren,' zei man luid.
'Nou zeg,' zei ik, 'doe niet zo ontzettend boertig.' Terwijl ik in mijn entrecote prikte, keek ik kort naar onze vrienden. Ze gaven geen sjoege.
'Het is niet zoveel gedoe als een minnares,' ging man door, 'en goedkoper dan een hoer.'
'Heb je er weleens aan gedacht dat het ook iets met een relatie maken kan hebben?' zei ik, 'dat een stel op een gegeven moment behoefte heeft aan meer uitdaging?'
'O, je hoeft het niet met anderen te doen hoor! Je kunt ook gewoon je eigen partner nemen,' wisten onze vrienden ons ook nog te vertellen.
'O ja!' lachte man, 'dan kijk je rondom je heen en zie je allemaal hele lelijke wijven. Dan zeg je tegen je eigen vrouw: 'nou dan neem ik jou maar.'
Ik keek naar de plas bloed op mijn bord. Dat kreeg je van verrassingsmenu's.

vrijdag 15 juli 2011

Snap je dat?

Fabio moet binnenkort tegen zijn zin voor drie maanden naar zijn thuisland. Wat hij daar precies gaat doen, wordt mij niet duidelijk, maar hij heeft voor vervanging gezorgd. Daar zat ik behoorlijk mee. Moet ik zelf op zoek naar een nieuwe schoonmaker of niet? Ik durfde er niet over te beginnen, omdat het nogal cru klonk. Alsof ik alleen maar bezig was met het schoonhouden van mijn eigen benepen huisje terwijl er mensen zijn die er heel anders voorstaan. Gelukkig begint hij er zelf over. De vervangster is zesentwintig en al een half jaar in Nederland. Ze heeft in Brazilië een man en een kind.
'Ze probeert haar man nu ook hier te krijgen,' zegt Fabio.
'En haar kind natuurlijk,' knik ik enthousiast.
'Nee, die niet,' zegt Fabio.
'Die niet? Moet het kind alleen achterblijven?'
'Bij oma,' zegt hij.
'Vind je dat normaal of zo?'
'Ze willen geld bij elkaar sparen om daar een huis te bouwen.'
'Dat kan jaren duren.'
'Als ze daar blijven, komen ze nooit verder, Elkie.'
'O, maar dat kind dan? Dat is straks achttien en dan komen zijn ouders ook eens aankakken met hun klotehuisje. Ik snap dat niet.'
'Jouw overburen hebben een televisie in hun badkamer!' zegt Fabio, 'snap je dat? Dan merk je niet eens dat je in bad zit. En maar tv kijken. En maar tv kijken. En het water is allang koud geworden.'

donderdag 14 juli 2011

De grote buik van Fabio

De schoonmaker wordt gebeld. Het is een vriend die vanavond bij hem wilde komen eten maar nul op rekest krijgt.
'Ik hou niet van eten, Elkie. Ik vind het onzin,' zegt Fabio als hij klaar is met telefoneren.
'Waarom?'
'Je eet het op, en de volgende dag ligt het in de wc,' zegt hij, 'dat vind ik nutteloos.'
'O, nou, maar.'
'En ik wil dun worden!' zegt hij ferm. 'Hoe kom jij eigenlijk zo dun? Jij bent moeder van twee kinderen.'
'Maar jij bènt toch dun, Fabio?'
'Ik heb een hele grote buik.'
Er staat een kleine, uiterst tengere man in de keuken. De grote buik is nergens te zien. Zelfs een lichte bolling van zijn t-shirt, is met mijn blote oog niet waar te nemen. De analyse is al gemaakt. Er schieten mij ineens wel erg veel gesprekken met hem te binnen over eten, vetzucht en zijn aperte afkeer van de dichtslibbende mens. Hij heeft al heel vaak gevraagd naar mijn voedingspatroon Ook heb ik hem nog nooit iets in zijn mond zien stoppen. Clear.
'Eh?' zeg ik, 'Jij hebt denk ik anorexia nervosa.'
'Wat?'
'Dat is een ziekte. Je dènkt dat je dik bent, maar je bent het helemaal niet. Je ziet in de spiegel iets anders, dan er is. Dat heb jij.'
'Dat heb ik niet,' zegt Fabio, 'ik heb een grote buik.'
Daar laten we het bij voor vandaag. Misschien ontgaat mij iets. Ik wil niet zover gaan dat de schoonmaker nu voor mij zijn t-shirt omhoog moet doen. Dan zal hij zijn kerstpakket, volgestouwd met bonbons - dat eten 'ze' anders nooit - ook wel weggegooid hebben, denk ik meteen.

dinsdag 12 juli 2011

Stappen overslaan

Vanmorgen om kwart voor zeven besloot ik het bed uit te gaan om mijn dagelijkse rondje van 3 kilometer te rennen. Nog in bed zag ik mezelf al gaan in mijn rode korte broek. Het deed me goed. In gedachten vloog ik over het asfalt, was ik in een wip weer thuis. Met een geweldig humeur en rode wangen begon ik het ontbijt voor de hele familie klaar te maken, kopje koffie erbij.
Maar eenmaal op het asfalt waren mijn benen erg zwaar, alsof die nog sliepen. Het lichaam was log. De stront liet zich maar moeilijk uit de ogen verwijderen. Ik besefte: ook een klein rondje, is een rondje. Echt elke meter moet gerend worden. Je kunt niet een paar stappen overslaan. Het blijft zwoegen.
Zo ook met schrijven. In gedachten heb ik al bijna twee boeken geschreven. Ik weet waar ze over gaan. Hoef het alleen nog maar op te schrijven. Een paar maandjes en af is het. Kopje koffie erbij en op naar het volgende idee.
Maar echt elke letter moet opgeschreven worden.