Het is mooi weer om verder te gaan met het schrijven van een kerstverhaal. Het schooljaar loopt ten einde. Jeetje heeft haar rapport gehad waarin alleen op spelling wat aan te merken valt. 'De regels worden nog al eens verwart,' schrijft de juf bij het hoofdstukje spelling.
Mijn boek 'De weg naar zee' komt in oktober uit. Voor mij best snel. Maar voor het nichtje van man dat gisteren vertelde dat ze zwanger is, duurt oktober nog een eeuwigheid. Vannacht werd Deetje wakker met buikpijn en veertig graden koorts. Ik herinnerde me dat ze ook al zo warm was toen ik haar in bed legde, maar dat ik aannam dat het de hittegolf was die eraan zat te komen. Alsof het logisch is dat de hitte zich eerst in de peuter nestelt. Als je kleine ziek is, wil je de ziekte meteen van haar afhalen. Het wegpoetsen. De ziekte overnemen. Meer dan een nat washandje op haar hoofdje leggen kun je niet doen. Wachten tot het voorbij is.
maandag 17 juni 2013
vrijdag 14 juni 2013
Bedroefdheid
Deetje stapt de badkamer binnen met betraande ogen. En trillende lippen. Je zou denken dat er iemand dood is.
'Waar is mijn stleepjesmaillot nou?' Haar stem slaat over. 'Ik ben mijn stleepjesmaillot kwijt.'
'Waar heb je hem gisteren uitgedaan?' roep ik vanuit de douche.
'Beneden.'
'Daar ligt-ie dan nu nog,' zeg ik.
En daar lag die ook. Probleem opgelost. Toch mag de bedroefdheid over de verdwenen streepjesmaillot niet te licht opgevat worden.
Ik heb het nog niet over het jasje gehad dat man me gaf voor mijn veertigste. Een praktisch ANWBjasje - winddicht, waterdicht - dat ik zo in mijn tas kan proppen, omdat ik het altijd zo koud heb als ik 's avonds laat thuiskom. Aubergine-kleurig met gele fluoriderende strepen. Dat laatste is ook erg handig omdat ik dus regelmatig door het donker fiets. Het is goed om te reflecteren.
Nu mijn haar nog kort en aubergine. Veel gepensioneerden fietsen met zo'n jasje , één voor hem en één voor haar, in rustig tempo door de uiterwaarden. Nieuwe identieke fietsen. De velgen schitteren in het zonlicht.
'Waar is mijn stleepjesmaillot nou?' Haar stem slaat over. 'Ik ben mijn stleepjesmaillot kwijt.'
'Waar heb je hem gisteren uitgedaan?' roep ik vanuit de douche.
'Beneden.'
'Daar ligt-ie dan nu nog,' zeg ik.
En daar lag die ook. Probleem opgelost. Toch mag de bedroefdheid over de verdwenen streepjesmaillot niet te licht opgevat worden.
Ik heb het nog niet over het jasje gehad dat man me gaf voor mijn veertigste. Een praktisch ANWBjasje - winddicht, waterdicht - dat ik zo in mijn tas kan proppen, omdat ik het altijd zo koud heb als ik 's avonds laat thuiskom. Aubergine-kleurig met gele fluoriderende strepen. Dat laatste is ook erg handig omdat ik dus regelmatig door het donker fiets. Het is goed om te reflecteren.
Nu mijn haar nog kort en aubergine. Veel gepensioneerden fietsen met zo'n jasje , één voor hem en één voor haar, in rustig tempo door de uiterwaarden. Nieuwe identieke fietsen. De velgen schitteren in het zonlicht.
woensdag 12 juni 2013
Autoriteit
Ik had een klein feestje. Er was champagne, taart van Kuyt, sushi, chocola en asperges. Een man of twaalf. We zaten binnen en buiten rond een vuurtje. Het weer was zwoel en bij elk glas champagne verzoende ik me meer met mijn leeftijd; het was ook inderdaad best stoer. Tot de buurman aanbelde. 'Het is kwart voor elf 's avonds', zei hij. 'Een doordeweekse dinsdag. Er wordt te hard gepraat in de tuin.' En de rook van het vuurtje veroorzaakte ook al overlast.
Iedereen verstomde. Deetje, wakker geworden door de bel, begon te huilen en ik verdween naar boven. Toen ik terugkwam, hoorde ik uit de tuin alleen nog fluistergeluiden. Zodra iemand hardop dreigde te gaan praten, werd dat gecorrigeerd. Hier en daar klonk onderdrukt gegiechel. 'Het vuurtje doe ik echt niet uit hoor,' fluisterde man.
We waren veertig. Maar op onze vingers getikt. Een schoolkamp waarin de meester was komen zeggen dat we nu eindelijk stil moesten zijn. Ook binnen werd er op gedempte toon met elkaar gesproken.
'Dat hoeft echt niet hoor!' zei ik nog. 'Als je binnenzit, mag je best hardop praten hoor.'
Maar dat deden ze niet.
Iedereen verstomde. Deetje, wakker geworden door de bel, begon te huilen en ik verdween naar boven. Toen ik terugkwam, hoorde ik uit de tuin alleen nog fluistergeluiden. Zodra iemand hardop dreigde te gaan praten, werd dat gecorrigeerd. Hier en daar klonk onderdrukt gegiechel. 'Het vuurtje doe ik echt niet uit hoor,' fluisterde man.
We waren veertig. Maar op onze vingers getikt. Een schoolkamp waarin de meester was komen zeggen dat we nu eindelijk stil moesten zijn. Ook binnen werd er op gedempte toon met elkaar gesproken.
'Dat hoeft echt niet hoor!' zei ik nog. 'Als je binnenzit, mag je best hardop praten hoor.'
Maar dat deden ze niet.
maandag 10 juni 2013
Kist
Vandaag zal ik weer eens een verhaal schrijven. De korte baan. Heel iets anders dan ik de afgelopen tijd gedaan heb. Om er weer in te komen, begon ik vanmorgen met het lezen van 'Oom Igor' van Jeroen Brouwers uit de bundel Waanzin & Vervreemding die ik laatst in een antiquariaat tegenkwam, en daarna pakte ik Alice Munro erbij en las 'Dolly' uit haar laatste bundel. Zo moet dat: verhalen schrijven. Ik ga er dadelijk, voor ik echt begin, nog eentje van haar lezen. Van Jeroen Brouwers wist ik niet zeker of het perspectief van het kind met de losse tand, wel klopte. Was hier wel een zevenjarige aan het woord. Maar wat geeft het? De sfeer was goed. Je wilde doorlezen. Belangrijke criteria. Voor eind juni zal ik nog twee verhalen af hebben. Als het goed is. Uit de kist die ik gisteren van mijn ouders kreeg, viste ik mijn eerste echte schrijfsel. Ik schreef het toen ik in klas vier zat. Groep zes. Ik weet het nog heel goed. Ook de vulpen waarmee ik het schreef. De kist zat volgestopt met oude brieven, logboeken, plakwerkjes, een borduursel, tekeningen en oude agenda's met daarin een poster van de Dolly Dots en Don Johnson die ik met stift ingekleurd had. Het is niet de kist van Pessoa. Het lijkt ook niet zo lang geleden allemaal. Dat is geloof ik echt het teken van ouderdom. Ook vond ik twee krantenberichtjes die ik meer dan twintig jaar geleden op een a-vier plakte. Een stukje over een dertigjarige man die zijn baby vlak na de geboorte in zee in Scheveningen verdronken had. Omdat hij niet kon verkroppen dat ze geestelijk gehandicapt zou zijn. Een ander berichtje ging over een achttienjarige zwangere vrouw die hersendood was na een ongeluk maar nog zes maanden in leven zou worden gehouden om de baby te kunnen redden. Ernaast stond: goed voor een verhaal. Ook kwam ik een grote verzameling overlijdensadvertenties tegen van ene Ingrid, een mij onbekend meisje uit mijn geboortejaar. Met daarbij de aantekening; hoe kan het dat ze volledig onverwacht is doodgegaan?
De fascinaties veranderen niet gek veel. Toen ik de kist gisteravond weer netjes dicht probeerde te krijgen, lukte dat met geen mogelijkheid. Er is maar één manier om alles terug te stoppen. Al kunnen die agenda's wel weg.
De fascinaties veranderen niet gek veel. Toen ik de kist gisteravond weer netjes dicht probeerde te krijgen, lukte dat met geen mogelijkheid. Er is maar één manier om alles terug te stoppen. Al kunnen die agenda's wel weg.
vrijdag 7 juni 2013
Borsten
In bad hebben we het over borsten. Alle wetenswaardigheden over de vrouwelijke borst passeren de revue. Hoe het nou voelt. Wanneer ze zullen komen en welke vorm ze dan hebben. Of het pijn doet als ze daar hangen. Het is voor Jeetje (8) nog allemaal de vraag. Vrij snel ben ik bij het feit terechtgekomen dat de borsten van sommige vrouwen er afgesneden worden.
'Dan zijn ze weer net zo plat als jij,' zeg ik.
Jeetjes dromerige blik verdwijnt meteen. 'Waarom doen ze dat dan?'
'Als je borsten ziek zijn, moeten ze eraf.'
'Ik weet heus wel wat borstkanker is,' zegt ze.
'Hoe weet je dat?'
'Nou, ik zag laatst een vrouw, die had nepborsten. Ze pasten duidelijk niet bij haar. Ze was veel en veel kleiner dan jij en haar borsten waren drie of vier keer zo groot. Ze waren helemaal rond en stonden naar voren. Die had dat denk ik.'
'Dan zijn ze weer net zo plat als jij,' zeg ik.
Jeetjes dromerige blik verdwijnt meteen. 'Waarom doen ze dat dan?'
'Als je borsten ziek zijn, moeten ze eraf.'
'Ik weet heus wel wat borstkanker is,' zegt ze.
'Hoe weet je dat?'
'Nou, ik zag laatst een vrouw, die had nepborsten. Ze pasten duidelijk niet bij haar. Ze was veel en veel kleiner dan jij en haar borsten waren drie of vier keer zo groot. Ze waren helemaal rond en stonden naar voren. Die had dat denk ik.'
dinsdag 4 juni 2013
Schijn
Ik ren door het gedeelte van het park dat men 'natuurlijk' laat verwilderen. Blote benen, blote armen, heb ik. Alles baadt in het zonlicht. Links en rechts van mij het vette gras dat een halve meter, nee zeker een meter hoog staat. Een zee van gele bloemetjes. Het glinsterende Amsterdam-Rijnkanaal. Een zwarte vrachtboot met een container uit China vaart voorbij. Ik zou eigenlijk niet weten wat ze allemaal over het water vervoeren. Maar aan mijn rechterhand moet ergens de ringslang kronkelen. Ze hebben er broedhopen gemaakt van oud maaisel en paardenmest.
Tot in de verte de man. Een Jezus-type. Een strak hemdje boven zijn jeans. Een brede torso. Twee fikse honden aan zijn zijde. Hoe dichter ik hem nader, hoe verder hij in het gras verdwijnt. Tot hij weg is. Steeds denk ik: omkeren of doorrennen met gevaar voor eigen leven.
Die Jezus sleurt mij dadelijk het gras in, drukt mij neer, knoopt zijn gulp open, de honden zijn ervoor getraind, straks ben ik al in stukken gesneden, word ik in een vriezer gelegd en even later opgelost in een bad van zoutzuur, door de gootsteen spoel ik weg.
Het is ook altijd allemaal schijn. Nergens ben je veilig. De grond waarop ik loop was een chemische gifbelt. Er zit nu een doos omheen om het gif tegen te houden, maar honden mogen hier niet graven en tentharingen niet in de grond worden gestoken. Of het gaat fout.
Tot in de verte de man. Een Jezus-type. Een strak hemdje boven zijn jeans. Een brede torso. Twee fikse honden aan zijn zijde. Hoe dichter ik hem nader, hoe verder hij in het gras verdwijnt. Tot hij weg is. Steeds denk ik: omkeren of doorrennen met gevaar voor eigen leven.
Die Jezus sleurt mij dadelijk het gras in, drukt mij neer, knoopt zijn gulp open, de honden zijn ervoor getraind, straks ben ik al in stukken gesneden, word ik in een vriezer gelegd en even later opgelost in een bad van zoutzuur, door de gootsteen spoel ik weg.
Het is ook altijd allemaal schijn. Nergens ben je veilig. De grond waarop ik loop was een chemische gifbelt. Er zit nu een doos omheen om het gif tegen te houden, maar honden mogen hier niet graven en tentharingen niet in de grond worden gestoken. Of het gaat fout.
maandag 3 juni 2013
Algemeenheden
In de krant las ik vanmorgen dat je vanaf je veertigste niet meer van je geboorte af leeft, maar naar je dood toe. Deze week ga ik nog van mijn geboorte af en dan keer ik om. Al wil ik helemaal nergens vanaf leven maar ook zeker nergens naartoe. Ga ik door voor de volgende ronde? Of kies ik voor de garantie dat ik nog exact veertig jaar gezond doorleef en dan geen dag langer?
Vandaag werd het zoveelste omslag van mijn boek gemaild, weer met een andere belettering. Het is vreemd zo'n boek te zien dat nog alle vormen kan krijgen, maar er uiteindelijk eentje aanneemt. Dat zal het dan zijn. Ook dat is met alles zo.
Ik kan vandaag alleen maar in algemeenheden kletsen. Het wordt tijd dat ik als een dolle naar de Kerkstraat fiets, daar op een matje ga liggen ontspannen. En dan weer als een idioot terugfiets.
Vandaag werd het zoveelste omslag van mijn boek gemaild, weer met een andere belettering. Het is vreemd zo'n boek te zien dat nog alle vormen kan krijgen, maar er uiteindelijk eentje aanneemt. Dat zal het dan zijn. Ook dat is met alles zo.
Ik kan vandaag alleen maar in algemeenheden kletsen. Het wordt tijd dat ik als een dolle naar de Kerkstraat fiets, daar op een matje ga liggen ontspannen. En dan weer als een idioot terugfiets.
Abonneren op:
Posts (Atom)