vrijdag 14 november 2014

Pieten zijn pieten

'Ik hoop wel dat de pieten terugkomen,' zegt Deetje na het sinterklaasjournaal. 'Nu moet Sinterklaas alles alleen doen met de hulppiet.'
'Er komen toch nieuwe pieten. Opa piet is ze aan het leren hoe ze piet moeten worden.'
'Ja, maar dat zijn geen pieten. Dat zijn gewoon ménsen.'
'Zijn pieten dan geen mensen?'
'Nee, pieten zijn pieten.'

woensdag 12 november 2014

Journaal

Op het Finse journaal komt een item waarin Jeetje en man worden geïnterviewd. Eerst is man aan het woord en dan zie ik hoe Jeetje (9) in de microfoon praat en vertelt wat ze van het theaterproject vond waaraan ze daarnet samen hebben meegedaan. Ze vertelt het vlot en zelfverzekerd en haar lach is breed. Ze wordt Fins ondertiteld. Daarna zien we hoe Jeetje en man samen in de donkerte van Helsinki verdwijnen.
Ik kijk er een paar keer naar. Steeds opnieuw zie ik die twee samen het beeld uitlopen.
Zijzelf vindt het niet zo bijzonder. 
'Het is gewoon een filmpje,' zegt ze. 'Wat is daar nou aan?'
'Het is wel het journáál,' zeg ik. 'Wie komt er nou op het Finse journaal?'

dinsdag 11 november 2014

Sint Maarten

Er staat een jongen voor mijn deur die, al met de baard in zijn keel, een Sint Maarten lied voor me zingt.
Als hij een trekdrop pakt, zegt hij: 'Dank u wel mevrouw.' Met zijn zware stem. Zwoel haast. Ik twijfel hevig tussen bariton en bas.
Dan loopt hij door naar het volgende huis. Met zijn grote plastic tas boordenvol vol snoep. Nu nog hoor ik zijn zangstem door mijn straat vibreren.


Een afspraak met Anja

Fabio woont in een huis met zeven mensen en fungeert als huistolk. Hij geeft mij een brief om te verifiëren of hij echt goed begrepen heeft wat er staat. Het gaat over het betalen van schoolgeld van een basisschool in Oud-Zuid. Er staat dat een kopie van het belastbare jaarinkomen getoond moet worden, het mag niet boven een bepaald bedrag uitkomen, wil de familie in aanmerking komen voor subsidie. 
'Maar hoe moet dat?' zegt Fabio. 'Als je illegaal bent. Een belastbaar inkomen?'
'Dat kan niet.'
'Het kind bestaat niet,' zegt hij, 'maar het zit wel op school, Elkie. Weet jij hoe dat kan?'
'Alle kinderen moeten bij ons naar school,' zeg ik, 'ook de kinderen die niet bestaan. Hoe oud is hij?'
'Zeven,' zegt Fabio.  'Hij is hier nog maar een paar maanden. Elke avond oefen ik Nederlands met hem.'
Onderaan de brief staat dat je contact op kan nemen met Anja als je vragen hebt of iets niet begrijpt. Je kunt op elk moment van de dag bij Anja langslopen.'
'Anja kan het niet schelen wie er illegaal' zeg ik. 'Anja is er altijd en voor iedereen.'

maandag 10 november 2014

Kinderachtig

Het is zondag. Jeetje (9) en haar vader zijn naar Helsinki gevlogen en ik fiets met Deetje (4) naar de stad. We hebben 's middags een afspraak bij de kinderkapper. Eenmaal in de Pijp aangekomen, vindt ze de goede oude speeltuin in het Sarphatiepark te kinderachtig. Samen zitten we op de rand van de zandbak, - zij hangt als een reuzenbaby op mijn schoot - en kijken naar het grut. Er spelen drie Aziatische jongetjes in dezelfde rood-blauw gestreepte shirts en dezelfde beige broekjes. In de bosjes rondom de speeltuin loopt een man in een blauwe jas heen en weer.
'Ik wil naar Amerika!' zegt Deetje. 'Wanneer gaan we eens een keer naar Amerika?'
'Jij en ik?
'En papa en Jeetje. Met z'n vieren.'
'Zullen we maar gaan hier?'
Deetje springt meteen op en rent naar de uitgang. Ze verzekert zich ervan dat het hek goed dichtzit, opdat de kinderen niet kunnen ontsnappen. De blauwe jas sluipt nu als een krijger door het struikgewas. Zou hij weten dat het gebladerte dun geworden is en dat wij hem allemaal zien? Deetje geeft aan graag naar een café te willen.
'Eerst naar de kapper.'
De kinderkapper is oké. Ze krijgt snoep. Er is een stoel die een tank voorstelt, een gele brommer en rode brandweerauto. Even later zit ze in de brandweerauto en wordt haar lange haar gekortwiekt.
'Zie je wel. Het was toch best leuk, die kapper?' zeg ik als we in café Krull plaatsnemen.
'Ja,' zegt ze.
'Je zat in die mooie rode brandweerauto.'
'Nou, ik wou liever in een gewone stoel.'
'Die was er niet.'
'Nee, die was er niet.' Ze zucht. 

vrijdag 7 november 2014

Werkelijkheid

In de trein van Nijmegen naar Amsterdam zit ik in een volle stiltecoupé en blader in Mindmap, een manifestatie over kunst en psychiatrie.
Aan het gangpad leest een mevrouw de Metro. Ik hoor haar steeds vanachter haar krant  boze gesprekken fluisteren. Op een ferme toon. Maar als ik dan nog eens naar haar kijk, lijkt het gewoon een mevrouw in de stiltecoupé die de Metro aan het lezen is. Gisteren, tijdens mijn lezing in Venray, meende ik in het publiek steeds iemand te ontwaren die zijn vinger opstak.  Vanuit mijn ooghoek.
Maar telkens als ik dan die kant opkeek, bleek de vinger verdwenen. 'Ik zie de hele tijd een vinger in de lucht,' had ik nog gezegd. 'Maar het is hier natuurlijk geen klas.'
We hebben kunst om niet dood te gaan aan de waarheid  staat op de achterflap van het boek dat ik na de lezing cadeau gekregen had. Een quote van Nietzsche.


dinsdag 4 november 2014

A en B

Fabio, de schoonmaker, kent de stad op z'n duimpje. Hij heeft in alle buurten gewoond. En ook op alle plekken, blijkt vandaag.
'In een kelderbox in Buitenveldert?' vraag ik.
'Ja, waar ze fietsen bewaren, weet je wel?' zegt hij. 'Daar woonde ik.'
'Jee.'
'Ja, 's morgens bracht ik de kinderen van de mensen naar school, dan werkte ik bij de meneer van het huis in de bouw tot 14.00, en daarna haalde ik de kinderen op en bracht ze naar ballet, pianoles of zwemmen. 's Avonds sliep ik in de kelderbox.'
'Een soort au-pair.'
'Ze hadden wel een extra kamer maar die wilden ze liever gebruiken als studeerkamer. Snap je wel?'
Ik knik.
'Dan kwam ik 's morgens andere mensen tegen en dan vroegen ze: wat doe jij zo vroeg hier?' zegt Fabio. 'Het was onhandig. Er was daar geen water of niks. Snap je wel?'
'En het toilet?'
'Dat deed ik buiten. Zit je daar 's nachts in de bosjes in Buitenveldert. Dat valt natuurlijk heel erg op.'
'En hoe ging dat met eten?'
'Ik at 's avonds bij de mensen mee, de mevrouw kookte, en daarna ging ik naar de kelderbox.
'Hoe lang heb je daar gewoond?'
'Twee jaar.' Fabio pakt de stofzuiger.
'Ik heb gisteren mijn zwemdiploma A gehaald,' zegt hij terwijl hij zijn grote paarse koptelefoon opzet. 'En nu ben ik bezig voor B!'