Het is hels als je er steeds op let. Als je het nooit vergeet. Als de adem in je keel stokt. Niet verder komt dan het middenrif. De yogaoefeningen ten spijt. In de nacht van eerste op tweede kerstdag schoot het er in. De aanleiding: een verstopt neusgat. Sindsdien hijg ik bij elke beweging als een ouwe hond óf ik zweef een stukje boven de grond. Ademloos. Sindsdien ben ik zogenaamd niet bezig met het in- en uitblazen van lucht. Zuurstof. Niet. Niet. Niet. Vierentwintig uur per dag Niet.
Vandaag is het anders. Ik ben wakker geworden en moet een tijdje geademd hebben zonder dat ik het weet. Mijn lichaam is ook dieper in het matras gezakt.
Ik durf er over te schrijven of nou ja: ik waag het erop. Eigenlijk: ik provoceer. Ja, een lefgozer ben ik. Ik daag mijn eigen ademhaling uit. Als die er nu maar niet mee stopt uit protest. Als die maar niet...
woensdag 6 januari 2016
maandag 4 januari 2016
Verandering
's Avonds laat wandelen Jeetje ( 10) en ik nog naar de supermarkt.
'Ik wil nooit gaan studeren,' zegt ze, 'en ik wil ook niet werken.'
'O, wat wil je dan?'
'Niets.'
'Dat is weinig.'
'Jawel, ik wil dat het elke dag oud & nieuw is.'
'Dat gaat op den duur ook vervelen. Dan moeten we die tafel steeds opnieuw van boven naar beneden sjouwen en...'
'Die tafel kunnen we dan gewoon laten staan,' zegt ze. 'Duh!'
'Toch gaat het vervelen.'
'Ik wil gewoon niet ouder worden, ik wil kind blijven, precies zoals ik nu ben.'
'Tja.'
'Ik wil niet dat er iets verandert. Er mag nooit iets veranderen, nooit! Jij moet zo blijven. Jullie moeten zo blijven. Mijn vriendinnen moeten zo blijven. Alles moet precies zo blijven. Alleen Deetje mag wel iets minder irritant.'
Hand in hand lopen we door het donkere Diemerpark. De tiener en ik. Ik wil dat ook wat zij wil. (Alleen Deetje hoeft niet minder irritant)
'Ik wil nooit gaan studeren,' zegt ze, 'en ik wil ook niet werken.'
'O, wat wil je dan?'
'Niets.'
'Dat is weinig.'
'Jawel, ik wil dat het elke dag oud & nieuw is.'
'Dat gaat op den duur ook vervelen. Dan moeten we die tafel steeds opnieuw van boven naar beneden sjouwen en...'
'Die tafel kunnen we dan gewoon laten staan,' zegt ze. 'Duh!'
'Toch gaat het vervelen.'
'Ik wil gewoon niet ouder worden, ik wil kind blijven, precies zoals ik nu ben.'
'Tja.'
'Ik wil niet dat er iets verandert. Er mag nooit iets veranderen, nooit! Jij moet zo blijven. Jullie moeten zo blijven. Mijn vriendinnen moeten zo blijven. Alles moet precies zo blijven. Alleen Deetje mag wel iets minder irritant.'
Hand in hand lopen we door het donkere Diemerpark. De tiener en ik. Ik wil dat ook wat zij wil. (Alleen Deetje hoeft niet minder irritant)
woensdag 30 december 2015
Beeldvorming
Mijn schoonzus was op bezoek. We hadden het over verandering. Zij was in de loop der tijd wel veranderd, maar geen ander mens geworden, concludeerden we. Het doet er uiteindelijk voor je persoonlijkheid niets toe of je vroeger niet van golf hield en nu wel.
'En wij?' vroeg ik toen, 'zijn wij veranderd? Of helemaal niets?'
Het bleef even stil. Ze keek van R. naar mij en weer terug.
'Geen verandering, is dat niet veel erger?' zei ik zachtjes.
'Jij bent wel echt ontzettend veranderd!'
'O ja?' Ik veerde op.
'Ja. Je was vroeger echt de schaduw van R.'
'Zijn schaduw?'
'Ja, je verschool je achter hem. We wisten totaal niet wie jij was. En nu, nu...'
'Nu sta ik zeker constant in het zicht,' zei ik.
R. glimlachte.
Ik dacht aan mij als zijn schaduw. Ik herinnerde me ook ineens iemand die lang geleden tegen me zei: 'het lijkt wel of ik je iets áándoe, door alleen maar koffie met je te willen drinken.'
Dat ging over mij.
'Pas toen je zwanger werd, kon je je écht niet meer verstoppen,' lachte mijn schoonzus.
We lachten. We weten allemaal hoe grotesk ik was. Met mijn aanwezigheid overschaduwde ik toen met mijn gemak de hele schoonfamilie.
'En wij?' vroeg ik toen, 'zijn wij veranderd? Of helemaal niets?'
Het bleef even stil. Ze keek van R. naar mij en weer terug.
'Geen verandering, is dat niet veel erger?' zei ik zachtjes.
'Jij bent wel echt ontzettend veranderd!'
'O ja?' Ik veerde op.
'Ja. Je was vroeger echt de schaduw van R.'
'Zijn schaduw?'
'Ja, je verschool je achter hem. We wisten totaal niet wie jij was. En nu, nu...'
'Nu sta ik zeker constant in het zicht,' zei ik.
R. glimlachte.
Ik dacht aan mij als zijn schaduw. Ik herinnerde me ook ineens iemand die lang geleden tegen me zei: 'het lijkt wel of ik je iets áándoe, door alleen maar koffie met je te willen drinken.'
Dat ging over mij.
'Pas toen je zwanger werd, kon je je écht niet meer verstoppen,' lachte mijn schoonzus.
We lachten. We weten allemaal hoe grotesk ik was. Met mijn aanwezigheid overschaduwde ik toen met mijn gemak de hele schoonfamilie.
dinsdag 29 december 2015
Kerst en zo
Man en ik gingen naar Berlijn. Drie dagen in een hotel in Prenzlauerberg. Daar waar je moet zijn, kennelijk. Of alweer niet moet zijn. Het gaat heel snel met plekken waar je wel en niet moet zijn. Het was interessant in Berlijn. Elke stoeptegel ademt geschiedenis. Dat is belangrijk voor mensen die op IJburg wonen en niet meer weten dat er een verleden was.
Nog voor ik ‘Het jaar van de kreeft’ uit had, landden we op kerstavond alweer in Dusseldorf en reden naar opa en oma en de kinderen. De kaarsjes brandden. De gevulde eieren stonden klaar. Daar had ik op gehoopt omdat wij vroeger altijd gevulde eieren aten op kerstavond. Bij elke feestelijke gelegenheid vulde mijn vader eieren.
Op eerste kerstdag waren het deze keer de twee zusjes die voor de traditionele kerstruzie zorgden.
Het ging over het toneelstuk dat ze dagenlang met z’n tweeën hadden voorbereid. Deetje durfde op het moment supreme niet meer op te treden. De zusjes schreiden, schreeuwden, gilden hoog, en scholden elkaar uit. Het ging van kwaad tot erger.
‘Ik wil Maria niet zijn,’ snikte Deetje.
‘Jij verpest alles,’ riep Jeetje in opperste wanhoop, ‘waarom doe je dat doekje nou niet gewoon om?’
Uiteindelijk heeft man de hele middag met z’n iPhone het toneelstukje van de geboorte van Christus opgenomen en na het gourmetten bekeken we met de hele familie – vader, moeder, broer en vriendin, man en ik – hoe de kerstengel de boodschap aan een prachtig gehoofddoekte Maria zond. De oogjes helder en klaar van alle tranen die gevloeid waren. We zouden met z’n allen meer moeten huilen.
Nog voor ik ‘Het jaar van de kreeft’ uit had, landden we op kerstavond alweer in Dusseldorf en reden naar opa en oma en de kinderen. De kaarsjes brandden. De gevulde eieren stonden klaar. Daar had ik op gehoopt omdat wij vroeger altijd gevulde eieren aten op kerstavond. Bij elke feestelijke gelegenheid vulde mijn vader eieren.
Op eerste kerstdag waren het deze keer de twee zusjes die voor de traditionele kerstruzie zorgden.
Het ging over het toneelstuk dat ze dagenlang met z’n tweeën hadden voorbereid. Deetje durfde op het moment supreme niet meer op te treden. De zusjes schreiden, schreeuwden, gilden hoog, en scholden elkaar uit. Het ging van kwaad tot erger.
‘Ik wil Maria niet zijn,’ snikte Deetje.
‘Jij verpest alles,’ riep Jeetje in opperste wanhoop, ‘waarom doe je dat doekje nou niet gewoon om?’
Uiteindelijk heeft man de hele middag met z’n iPhone het toneelstukje van de geboorte van Christus opgenomen en na het gourmetten bekeken we met de hele familie – vader, moeder, broer en vriendin, man en ik – hoe de kerstengel de boodschap aan een prachtig gehoofddoekte Maria zond. De oogjes helder en klaar van alle tranen die gevloeid waren. We zouden met z’n allen meer moeten huilen.
donderdag 17 december 2015
Expliciet
We aten pasta carbonara bij Gerard van Emmerik. Zijn roman De nieuwe Kratz is nog niet zo lang geleden verschenen. Het gaat over een jongen die nieuwe ouders krijgt en probeert zich zo goed mogelijk aan te passen in de hoop niet weggestuurd te worden. Een herkenbaar boek. Niet alleen voor wezen. Het gaat ook over vader en moeder Kratz die een nieuwe zoon in huis nemen nadat hun eigen zoon zelfmoord gepleegd heeft.
Ik moet nu ineens denken aan een column die ik laatst schreef waarin een paar boektitels voorkwamen - waaronder die van mijzelf - en die niet geplaatst werd omdat het teveel reclame zou zijn. Ik moest meteen huilen toen ik het mailtje las. Te véél reclame voor boeken.
Het zou mooi zijn als iedereen nu daadwerkelijk naar de boekwinkel rende om De nieuwe Kratz aan te schaffen omdat ik het zeg.
Ikzelf kom om de dag wel een keer langs de Bruna op IJburg gefietst en zie steeds vooraan op de tafel dat kleine, onveranderlijke stapeltje van vier liggen. Mijn verzamelbundel Lastmens en andere verhalen.
Gerbrand Bakker, die net een enorm dik Privé domein boek heeft afgerond en er ook was, natuurlijk met zijn hond Jasper, zei dat hij dit boek van Gerard anders vond dan zijn andere boeken omdat het min of meer 'goed' afliep. Er zat meer mededogen in. Hoop.
'Heb ik jou al wel eens gezegd wat ik van jouw boek vond?' zei hij toen. 'De weg naar zee.'
'Nee,' zei ik en stak een handvol pinda's in mijn mond.
'Ik vond het zo naar,' zei hij. 'Wel goed geschreven en zo, maar ik werd er zo ontzettend naar van.'
'Dat is het misschien ook wel,' zei ik glimlachend.
Ik herinner me een interview met Gerard van Emmerik waarin hij zoiets zei als: 'Ik vind het leven best leuk zolang ik de donkere kant ook maar ergens kwijt kan.'
Ik kon me daar in vinden.
Maar de neiging om de zwarte, onverbiddelijke kant op te gaan is bij mij wel heel groot. Iets anders uitproberen, of er op z'n minst over nadenken, is interessant. (Al vind ik het niet per se slecht als mensen zich naar voelen bij het lezen van een boek.)
Ook Ellen Heijmerikx en Anja Sicking waren op het etentje. Van Ellen kwam een tijdje terug En nooit was iets gelogen uit. Een prachtige, en ongelooflijk knap geschreven, caleidoscopische roman over de vluchtelingen van de Spaanse Burgeroorlog. Zij heeft wel veel mededogen voor haar personages, maar hen overkomen de vreselijkste dingen en ze proberen zich staande te houden. Bij mij denken ze vaak de vreselijkste dingen.
Van Anja Sicking komt in februari Ferrari's in de hemel uit. Haar vierde roman. Die kun je vast nu al bestellen. Ik weet niet precies hoe het in haar boek zit met de verdeling narigheid en hoop.
Dit stukje is heel anders geworden dan ik van plan was.
Ik wilde het hebben over hoop en liefde en identificatie met je personages en je leven.
Maar het werd dit stukje. Waarin ik oefen expliciet te zijn.
Ik moet nu ineens denken aan een column die ik laatst schreef waarin een paar boektitels voorkwamen - waaronder die van mijzelf - en die niet geplaatst werd omdat het teveel reclame zou zijn. Ik moest meteen huilen toen ik het mailtje las. Te véél reclame voor boeken.
Het zou mooi zijn als iedereen nu daadwerkelijk naar de boekwinkel rende om De nieuwe Kratz aan te schaffen omdat ik het zeg.
Ikzelf kom om de dag wel een keer langs de Bruna op IJburg gefietst en zie steeds vooraan op de tafel dat kleine, onveranderlijke stapeltje van vier liggen. Mijn verzamelbundel Lastmens en andere verhalen.
Gerbrand Bakker, die net een enorm dik Privé domein boek heeft afgerond en er ook was, natuurlijk met zijn hond Jasper, zei dat hij dit boek van Gerard anders vond dan zijn andere boeken omdat het min of meer 'goed' afliep. Er zat meer mededogen in. Hoop.
'Heb ik jou al wel eens gezegd wat ik van jouw boek vond?' zei hij toen. 'De weg naar zee.'
'Nee,' zei ik en stak een handvol pinda's in mijn mond.
'Ik vond het zo naar,' zei hij. 'Wel goed geschreven en zo, maar ik werd er zo ontzettend naar van.'
'Dat is het misschien ook wel,' zei ik glimlachend.
Ik herinner me een interview met Gerard van Emmerik waarin hij zoiets zei als: 'Ik vind het leven best leuk zolang ik de donkere kant ook maar ergens kwijt kan.'
Ik kon me daar in vinden.
Maar de neiging om de zwarte, onverbiddelijke kant op te gaan is bij mij wel heel groot. Iets anders uitproberen, of er op z'n minst over nadenken, is interessant. (Al vind ik het niet per se slecht als mensen zich naar voelen bij het lezen van een boek.)
Ook Ellen Heijmerikx en Anja Sicking waren op het etentje. Van Ellen kwam een tijdje terug En nooit was iets gelogen uit. Een prachtige, en ongelooflijk knap geschreven, caleidoscopische roman over de vluchtelingen van de Spaanse Burgeroorlog. Zij heeft wel veel mededogen voor haar personages, maar hen overkomen de vreselijkste dingen en ze proberen zich staande te houden. Bij mij denken ze vaak de vreselijkste dingen.
Van Anja Sicking komt in februari Ferrari's in de hemel uit. Haar vierde roman. Die kun je vast nu al bestellen. Ik weet niet precies hoe het in haar boek zit met de verdeling narigheid en hoop.
Dit stukje is heel anders geworden dan ik van plan was.
Ik wilde het hebben over hoop en liefde en identificatie met je personages en je leven.
Maar het werd dit stukje. Waarin ik oefen expliciet te zijn.
maandag 14 december 2015
Weekend observaties
Tijdens mijn zondagochtendrondje door het Diemerpark - het was prachtig weer, heel IJburg rende er voor zijn leven, met oordopjes in, maar goed, ik holde daar dus ook en ik luisterde naar een Nooit Meer Slapen Podcast tot mijn telefoon leeg was. Een Belgische schrijver vertelde over een vriendin die met een fles tomatenketchup in haar handtas rondloopt, zodat ze zichzelf er - bij een aanslag - meteen mee kan besmeuren en voor dood kan doorgaan.
Ik rende langs een kraai die in een dood konijn aan het pikken was. Zijn oortjes stijf rechtop in de lucht. 'Dat is nu eenmaal de natuur,' legde een moeder uit aan haar kind. Ze rekte de u op ondraaglijke wijze. Zoals alleen moeders dat kunnen doen.
De Kerstboom staat weer in ons huis. Compleet met knipperende gekleurde lichtjes en eronder een kerststal. Ik denk dat wij de enigen in heel Nederland zijn met een wc-tje in de kerststal. In een discreet hoekje gepositioneerd. Wc-deksel naar beneden.
Op zondagavond wordt het onderwerp 'zomervakantie' aangesneden. De meisjes waren vorig jaar met hun vader op een theaterkamp in Frankrijk. Het was de leukste vakantie van hun leven en ik was lekker alleen thuis. Een win-win situatie zou ik denken.
'Maar ga jij dit jaar wél mee?' vraagt Deetje dan.
'Ik?'
'Ja?'
'Ik denk het niet nee. Waarom?'
'Omdat... anders mís ik jou zo.'
'O.' Ik lach.
'Ik heb jou zó gemist,' zegt ze. 'Ik heb jou gemist, mama.'
Ze kijkt me aan. Ik moet er van giechelen.
Deetje barst in huilen uit, schuift haar bord opzij, legt haar hoofd op tafel en schreeuwt: 'Dat is écht waar. Ik heb je écht gemist.'
'Ik lach je niet uit, Deetje,' zeg ik snel. 'Ik lach omdat ik niet verwacht had dat jij mij gemist had.'
'Maar ga jij dit jaar wél mee?' vraagt Deetje dan.
'Ik?'
'Ja?'
'Ik denk het niet nee. Waarom?'
'Omdat... anders mís ik jou zo.'
'O.' Ik lach.
'Ik heb jou zó gemist,' zegt ze. 'Ik heb jou gemist, mama.'
Ze kijkt me aan. Ik moet er van giechelen.
Deetje barst in huilen uit, schuift haar bord opzij, legt haar hoofd op tafel en schreeuwt: 'Dat is écht waar. Ik heb je écht gemist.'
'Ik lach je niet uit, Deetje,' zeg ik snel. 'Ik lach omdat ik niet verwacht had dat jij mij gemist had.'
Ik lachte denk ik vooral omdat ik zoveel plotselinge, onversneden, rechtstreekse liefde aan mijn adres helemaal niet aan kon. Als dit huilende meisje mij mist, zal ik met haar mee gaan, overal naartoe. Net zolang tot ze me zat is.
's Avonds, als ik haar haren aan het wassen ben, kom ik er nog op terug: 'Waarom zeg je het nu pas?'
'Ik durfde het niet te zeggen. Ik wou het wel, maar steeds als ik het bijna ging zeggen, was jij alweer met iets anders bezig.'
Ook dat nog.
'Ik durfde het niet te zeggen. Ik wou het wel, maar steeds als ik het bijna ging zeggen, was jij alweer met iets anders bezig.'
Ook dat nog.
donderdag 10 december 2015
Vreemde dingen
Het is voor negenen in de ochtend. Het is niet druk in de Albert Heijn. Ik ben de enige bij de kassa. Op de loopband heb ik een fles Glorix, Antikal en Ajax gelegd, een tros bananen, een zak peren, appels en rijstnoedels (om eens Van Mersbergen-precies te zijn).
De caissière haalt de producten razendsnel langs de scanner. Ik stop mijn pasje in het pinapparaat.
Ik heb mijn drie espresso's al op maar kan mijn ogen nauwelijks open houden. Ze lijken extreem zwaar. Staande aan de kassa komt de droom van vannacht terug. Mijn oogleden en wallen zijn zodanig opgezwollen dat ze aan elkaar plakken en mijn zicht belemmeren. Het is ouderdom. Niets aan te doen.
Ik bevoel mijn ogen.
'Wilt u sekszegels erbij?' vraagt de caissière.
'Sorry?'
'Wilt u sekszegels erbij?'
'Nee, bedankt.'
Ik stop de spullen geroutineerd in mijn tas en verlaat de winkel.
Op mijn telefoon komt een mail binnen van een boekhandel die mij een datum voorstelt om voor te komen lezen.
'Ik hou van je,' staat er onderaan het bericht. En dan de naam van de boekhandelaarster.
De caissière haalt de producten razendsnel langs de scanner. Ik stop mijn pasje in het pinapparaat.
Ik heb mijn drie espresso's al op maar kan mijn ogen nauwelijks open houden. Ze lijken extreem zwaar. Staande aan de kassa komt de droom van vannacht terug. Mijn oogleden en wallen zijn zodanig opgezwollen dat ze aan elkaar plakken en mijn zicht belemmeren. Het is ouderdom. Niets aan te doen.
Ik bevoel mijn ogen.
'Wilt u sekszegels erbij?' vraagt de caissière.
'Sorry?'
'Wilt u sekszegels erbij?'
'Nee, bedankt.'
Ik stop de spullen geroutineerd in mijn tas en verlaat de winkel.
Op mijn telefoon komt een mail binnen van een boekhandel die mij een datum voorstelt om voor te komen lezen.
'Ik hou van je,' staat er onderaan het bericht. En dan de naam van de boekhandelaarster.
Abonneren op:
Posts (Atom)