M'n tweede wordt anders dan mijn eerste. En is misschien daardoor wel minder geliefd. Dat wil ik niet. Wat ik nu schrijf wordt natuurlijk anders dan wat ik in Het besluit van Dola Korstjens schreef. Waar ik toen om geprezen werd, zo schrijf ik nu niet. Misschien zou ik het het liefst willen herhalen en dan nog een keer geprezen worden (en nog een keer) Pas als ik op een dag niet meer geprezen hoef te worden, ben ik echt vrij. Zoals in de Spar in Otterlo, op de scooter in Phnom Penh of zwemmend in zee.
Goed, herhaling van het voorgaande dus. Ware het niet, dat dat onmogelijk is. Omdat dit schrijven iets anders vraagt. Ik iemand anders ben. Hier. Nu. En iets anders opschrijf. Hier. Nu. Of het wat is, weet je eigenlijk nooit vantevoren. Misschien een beetje, ergens in je achterhoofd. Dit is iets. Misschien niets.
Zoals het leven.
woensdag 26 augustus 2009
dinsdag 25 augustus 2009
Het nieuwe leven
's Middags aten we een sladderig broodje kip teriyaki op een overdekt terras. Met uitkijk op piepjonge eerstejaarsstudenten die op fluorescerende opblaasbanken aan de oever van de Amstel zaten. Allemaal lid van dezelfde bank. Het nieuwe leven begint met het openen van een rekening.
Het miezerde inmiddels flink, maar ze bleven gewoon zitten. Flesjes bier in hun hand. Ze zaten in de wereld. Dat demonstreerden ze. Ze waren vrij.
Een groepje eerstejaars in een afgebladderde roeiboot probeerde al een tijdje de kant te bereiken. Waar hun toekomstige vrienden zaten te relaxen. In de stromende regen.
De eendere skinny jeans, de topjes (allemaal een andere kleur) en de vermoeide ogen met doorgelopen mascara. Ze wilden zo graag dat het leuk was. De wereld. De nieuwigheid. Het onbekende. Als ze maar eens aan de kant waren. Als ze maar ooit een voet aan wal zouden zetten.
Het miezerde inmiddels flink, maar ze bleven gewoon zitten. Flesjes bier in hun hand. Ze zaten in de wereld. Dat demonstreerden ze. Ze waren vrij.
Een groepje eerstejaars in een afgebladderde roeiboot probeerde al een tijdje de kant te bereiken. Waar hun toekomstige vrienden zaten te relaxen. In de stromende regen.
De eendere skinny jeans, de topjes (allemaal een andere kleur) en de vermoeide ogen met doorgelopen mascara. Ze wilden zo graag dat het leuk was. De wereld. De nieuwigheid. Het onbekende. Als ze maar eens aan de kant waren. Als ze maar ooit een voet aan wal zouden zetten.
maandag 24 augustus 2009
Wereldreis
Voordat Jeetje verplicht naar school moet, gaan we op wereldreis. Nu ja, niet de hele wereld. Een klein wereldreisje van een maand of drie. Een werelddeeltje verkennen, dan toch op z'n minst. Reisverhalen zal ik schrijven en man besteedt zijn werk een tijdje uit. Aan Jeetje zal het niet liggen. Haar kun je geen groter plezier doen dan slapen in nieuwe vreemde bedjes op nieuwe vreemde plekjes. Aan mij ligt het ook niet. Mijn leven lang denk ik al aan 'de wereldreis'. Een globetrotter in mijn hoofd ben ik. Maar daar komt verandering in. Ik stap zo het grote hoofd uit, hop, en daar sta ik.
Ooit stond ik ergens in Cambodja. Daar was het voor iedereen duidelijk dat ik een buitenstaander was. En de sociale codes niet precies kende. Niemand keek daar raar van op. Of juist iedereen keek raar op. Het was vrijheid. Dat ik niet eens probeerde te doen alsof ik erbij hoorde. Afgelopen weekend waren we op de hoge Veluwe. Ook een mooi gebied. Daar heb ik een tijdje door de Spar in Otterlo gedwaald. Een heel ander universum. Waar de verhoudingen ook meteen duidelijk waren. Ik wilde er bijna niet meer weg. Zo vrij voelde ik me.
Ooit stond ik ergens in Cambodja. Daar was het voor iedereen duidelijk dat ik een buitenstaander was. En de sociale codes niet precies kende. Niemand keek daar raar van op. Of juist iedereen keek raar op. Het was vrijheid. Dat ik niet eens probeerde te doen alsof ik erbij hoorde. Afgelopen weekend waren we op de hoge Veluwe. Ook een mooi gebied. Daar heb ik een tijdje door de Spar in Otterlo gedwaald. Een heel ander universum. Waar de verhoudingen ook meteen duidelijk waren. Ik wilde er bijna niet meer weg. Zo vrij voelde ik me.
vrijdag 21 augustus 2009
Een hele leuke dag, morgen
'Ga maar lekker slapen, Jeetje. Het wordt morgen een hele leuke dag,' zegt vader.
'Nee, want ik moet naar school.'
'Morgen ga je niet naar school.'
'Waarom niet?'
'Het is weekend.'
'O, dan moeten we eigenlijk iets met molens gaan doen!'
'Hoezo dat dan?'
'Nou wiekend, wieken.'
'O, zo ja.'
Dan begint moeder, die in een hoek zat te knikkebollen, plots te ratelen: 'Een slag (een klap of een tik) van den molen weg (of beet) hebben. Dat wil zeggen eigenlijk zulk een slag van den molen gekregen hebben dat men er van suizebolt, draait, en vandaar bij overdracht: niet wel bij het hoofd zijn, niet bij zijn verstand zijn; (van lotje) getikt zijn.'
'Nee, want ik moet naar school.'
'Morgen ga je niet naar school.'
'Waarom niet?'
'Het is weekend.'
'O, dan moeten we eigenlijk iets met molens gaan doen!'
'Hoezo dat dan?'
'Nou wiekend, wieken.'
'O, zo ja.'
Dan begint moeder, die in een hoek zat te knikkebollen, plots te ratelen: 'Een slag (een klap of een tik) van den molen weg (of beet) hebben. Dat wil zeggen eigenlijk zulk een slag van den molen gekregen hebben dat men er van suizebolt, draait, en vandaar bij overdracht: niet wel bij het hoofd zijn, niet bij zijn verstand zijn; (van lotje) getikt zijn.'
donderdag 20 augustus 2009
Fartje
Op de fiets dacht ik waarom hou ik eigenlijk een weblog bij? Omdat ik geen dagelijks feuilleton in een krant heb. Waarom heb ik dat dan nog steeds niet? Dat is onbegrijpelijk ja. Na mijn kassucces.
Binnenkort heb ik een dagelijks feuilleton in een krant. Let maar op. Zo gaan die dingen. Je hoeft het maar te wensen. Het is niet de eerste keer dat ik dit wens. Maar je moet niet bovenop je wens zitten. Dan verstik je 'm. Dus ik heb de wens losgelaten. Als een scheetje.
Het tweejarige kind van mijn vriendin zei gisteren voor het eerst: scheetje. Fart had hij al wel vaker gezegd. Hij begreep nu ook de betekenis van fart en scheetje.
Die maandelijkse column, of is het tweewekelijks? van Annelies Verbeke achterop het NRC is trouwens ook goed. Dat is de krant die ik lees. En die hebben het allerbeste met me voor.
Al fietsend vroeg ik me ook af wat ik nu echt kwijt wilde op mijn weblog. Ik had namelijk net drie keer een stukje over hetzelfde onderwerp geschreven en drie keer gewist. Omdat ik de inhoud blijkbaar toch niet wilde delen. Waarom precies niet?
Ik schreef niet veel over films, boeken, bezoekjes, feestjes, schrijversborrels. Ja, Jeetje was een concrete inspiratiebron. Zou ze later zeggen: Mijn moeder zag mijn leven enkel als materiaal?
Ik fietste in de zon naar het Oosterpark, brokstukken wereld vlogen links en rechts voorbij en ik kon er bijna bij, wat ik wilde zeggen.
Nee, dat is flauw. Ik kwam verder met mijn gedachten. Het had iets te maken met die brokstukken wereld. En mijzelf daarin. En dat ik die twee op deze manier samenbracht. Een samengebald geheeltje. Een fartje.
Binnenkort heb ik een dagelijks feuilleton in een krant. Let maar op. Zo gaan die dingen. Je hoeft het maar te wensen. Het is niet de eerste keer dat ik dit wens. Maar je moet niet bovenop je wens zitten. Dan verstik je 'm. Dus ik heb de wens losgelaten. Als een scheetje.
Het tweejarige kind van mijn vriendin zei gisteren voor het eerst: scheetje. Fart had hij al wel vaker gezegd. Hij begreep nu ook de betekenis van fart en scheetje.
Die maandelijkse column, of is het tweewekelijks? van Annelies Verbeke achterop het NRC is trouwens ook goed. Dat is de krant die ik lees. En die hebben het allerbeste met me voor.
Al fietsend vroeg ik me ook af wat ik nu echt kwijt wilde op mijn weblog. Ik had namelijk net drie keer een stukje over hetzelfde onderwerp geschreven en drie keer gewist. Omdat ik de inhoud blijkbaar toch niet wilde delen. Waarom precies niet?
Ik schreef niet veel over films, boeken, bezoekjes, feestjes, schrijversborrels. Ja, Jeetje was een concrete inspiratiebron. Zou ze later zeggen: Mijn moeder zag mijn leven enkel als materiaal?
Ik fietste in de zon naar het Oosterpark, brokstukken wereld vlogen links en rechts voorbij en ik kon er bijna bij, wat ik wilde zeggen.
Nee, dat is flauw. Ik kwam verder met mijn gedachten. Het had iets te maken met die brokstukken wereld. En mijzelf daarin. En dat ik die twee op deze manier samenbracht. Een samengebald geheeltje. Een fartje.
woensdag 19 augustus 2009
Veel drop en ijs
'Altijd dat stomme geschrijf,' zeg ik tegen Jeetje, 'zal ik maar eens ander werk gaan doen.'
'Je kan ook spelletjes gaan spelen,' oppert Jeetje.
'Spelletjes spelen? '
'Ja, op de computer.'
'Spelletjes spelen is geen werk.'
'Waarom niet?'
'Nou, daar verdien je niks mee.'
'O, zo.'
'Je kunt wel spelletjes maken,' zeg ik. 'Er moet iemand zijn die de spelletjes bedenkt.'
'Ja!' Enthousiast begint Jeetje de spelregels van een bestaand spelletje op te sommen.
'Dat spelletje is al bedacht. Je moet een heel nieuw spel bedenken. Met nieuwe spelregels. Dat is nog best ingewikkeld.'
'Kun jij dat ook?' Jeetje fronst.
'Nee.'
Jeetje staat op.
'Ga jij nu maar snel schrijven, mama. Dan verdien je héél veel geld. Kun je heel veel dropjes kopen. En ijs. Dat vind je toch zo lekker?'
Ze verlaat de kamer.
'Je kan ook spelletjes gaan spelen,' oppert Jeetje.
'Spelletjes spelen? '
'Ja, op de computer.'
'Spelletjes spelen is geen werk.'
'Waarom niet?'
'Nou, daar verdien je niks mee.'
'O, zo.'
'Je kunt wel spelletjes maken,' zeg ik. 'Er moet iemand zijn die de spelletjes bedenkt.'
'Ja!' Enthousiast begint Jeetje de spelregels van een bestaand spelletje op te sommen.
'Dat spelletje is al bedacht. Je moet een heel nieuw spel bedenken. Met nieuwe spelregels. Dat is nog best ingewikkeld.'
'Kun jij dat ook?' Jeetje fronst.
'Nee.'
Jeetje staat op.
'Ga jij nu maar snel schrijven, mama. Dan verdien je héél veel geld. Kun je heel veel dropjes kopen. En ijs. Dat vind je toch zo lekker?'
Ze verlaat de kamer.
dinsdag 18 augustus 2009
Ik spijbel vandaag
Het kost minstens een jaar om je op een nieuwe werkplek thuis te voelen, twitterde iemand. Dat was vorige maand. Ik zat een dag fris in de boekopslag. Ik ben een flexibel type. Bij mij zou het geen jaar duren. En je hoefde je ook niet thuis te voelen. Maar op je werk.
De volgende dag had ik het mij al eigen gemaakt. Het bureau dat niet van mij was. In een van de laatjes had ik Het boek der rusteloosheid gelegd. Thuis ligt het altijd in mijn buurt, al kijk ik er weken niet in. Ik had mijn scherm ernaartoe gebracht, legde m'n laptop erop en ging aan de slag.
Er zijn schrijvers die hun computertjes openklappen in café's en al espresso's bestellend hun woorden tikken. Zo flexibel ben ik dan weer niet. Want waar blijven al die papieren die om je heen moeten liggen? En de boeken? Waar moet je kijken als er mensen voorbij lopen? Mijn concentratielijn is flinterdun.
'Die kamer heeft nog niet echt een bestemming, hè?' zei iemand bij de aanblik van mijn oude kamer. Met de nieuwe keniarode vloer. Op de plaats van mijn bureau staat een luie stoel. Er is, sinds die daar is neergezet, nog nooit echt op die stoel gezeten. Mijn bureau dient nu als (iets te hoge) tafel in de huiskamer.
'Mijn speelgoed ligt in mama's kamer,' zei Jeetje.
'Dat is mama's kamer niet meer.'
'Mijn potloden liggen op mama's tafel.'
'Dat is mama's tafel niet, Jeetje. Dat is de tafel van ons allemaal. Mama heeft geen eigen plekje meer. Mama is ontheemd. Mama is versnipperd. Mama is...'
'Wat is versnipperd?'
De volgende dag had ik het mij al eigen gemaakt. Het bureau dat niet van mij was. In een van de laatjes had ik Het boek der rusteloosheid gelegd. Thuis ligt het altijd in mijn buurt, al kijk ik er weken niet in. Ik had mijn scherm ernaartoe gebracht, legde m'n laptop erop en ging aan de slag.
Er zijn schrijvers die hun computertjes openklappen in café's en al espresso's bestellend hun woorden tikken. Zo flexibel ben ik dan weer niet. Want waar blijven al die papieren die om je heen moeten liggen? En de boeken? Waar moet je kijken als er mensen voorbij lopen? Mijn concentratielijn is flinterdun.
'Die kamer heeft nog niet echt een bestemming, hè?' zei iemand bij de aanblik van mijn oude kamer. Met de nieuwe keniarode vloer. Op de plaats van mijn bureau staat een luie stoel. Er is, sinds die daar is neergezet, nog nooit echt op die stoel gezeten. Mijn bureau dient nu als (iets te hoge) tafel in de huiskamer.
'Mijn speelgoed ligt in mama's kamer,' zei Jeetje.
'Dat is mama's kamer niet meer.'
'Mijn potloden liggen op mama's tafel.'
'Dat is mama's tafel niet, Jeetje. Dat is de tafel van ons allemaal. Mama heeft geen eigen plekje meer. Mama is ontheemd. Mama is versnipperd. Mama is...'
'Wat is versnipperd?'
Abonneren op:
Posts (Atom)