zaterdag 8 maart 2014

No woman no cry

'Ik weet alleen nog dat ik pijn heb,' mompelde een vrouw, 'ik heb zo'n vre-se-lij-ke pijn aan mijn voeten.'  Ze kneep haar ogen dicht, kreunde en leunde tegen de muur.
Op de vroege ochtend van internationale vrouwendag zag ik heel veel dames op panty's de stadsschouwburg verlaten en zij die niet op kousenvoeten liepen, strompelden voorbij. Dat ziet er niet relaxed uit, kan ik je wel vertellen. Ook niet knap. En waarom lopen we op die palen als we van tevoren weten dat we dat geen avond vol kunnen houden? Nou ja, natuurlijk houden we dat wel vol. We houden alles vol. Als het moet. Maar van wie moet het?
Ik droeg dit jaar geen hakken op het boekenbal. Regelmatig hoorde ik het mezelf zeggen: 'Kijk! Ik loop goed!'  Alsof het een verdienste was.
Iemand schreef op Facebook: Fuck de jurk. Ik wil daar dus aan toevoegen: Fuck de hakken.
Om in de sfeer te blijven. Er was een man op het Ajaxterras en hij zei tegen mij: 'Hee, jij hebt ook helemaal geen tieten!' Ik had geen moment aan mijn boezem gedacht en wist niet goed wat daarop te antwoorden, dus tuurde ik in mijn blouse.
'Helemaal geen is niet waar,' zei ik.
Ik raakte tijdens de wandelingen door de gangen van de schouwburg veel mensen kwijt,  maar toen ik tegen vieren buitenstond, vond ik ineens vier vrouwen die ook helemaal naar IJburg moesten. Even later zat ik in een enorme reggae-taxi vol vrouwen, loeihard 'No woman, no cry' van Bob Marley en reden we relaxed naar ons nieuwbouweiland.

donderdag 6 maart 2014

Iets

Er was iets deze week. Ik heb hier sinds zondag geen stukje gepubliceerd. Het komt denk ik ook gewoon door tijdgebrek. En omdat ik - nee mijn verhaal - tijdens het schrijven onder de grond beland was. Ik was in een ondergrondse nieuwbouwwijk terechtgekomen en kwam er haast niet meer weg. Geef mij licht en ruimte, dacht ik steeds. Maar onder de grond hingen alleen daglichtlampen. Ik dacht in deze dagen een paar keer aan die documentaire over een vrouw die zelfmoord pleegde omdat haar lichaam jaren achter elkaar in de allerhoogste staat van alertheid verkeerde. Het bleef, zonder dat daar een directe aanleiding voor was, steeds opnieuw stresshormonen aanmaken. Ze had nooit rust. Dat moet vreselijk zijn, dacht ik. Dat ik hier niets opschreef, kan ook wel komen omdat er deze week elke nacht een paar keer een peuter aan mijn bed stond die zei niet te kunnen slapen omdat ze bang was.
'Waarom ben je bang?'
'Ik heb iets gedroomd.'
'Wat heb je gedroomd?'
'Iets.'


zondag 2 maart 2014

Voor nep

We daalden af. Onder de grond was een gigantische speeltuin waar ook tafels en banken voor volwassenen stonden. Je kon er koffie bestellen. 's Middags aten we tosti's in het onderaardse paradijs.
'We kunnen ook naar de begraafplaats,' zei Deetje (3)  Ze sleepte haar tosti door een plas ketchup.
'Wat doen?'
'Oma D. weer ophalen.'
'Dat kan niet,' zei ik.
'Dat kàn wel.'
'En wat wil je dan doen met oma D.?'
'We brengen Oma D. naar huis. We hangen slingers op. En dan is ze gewoon voor nep jarig!'
Deetje deed haar armen over elkaar. Ogen triomfantelijk op me gericht. Mond een streepje. Ketchupvegen op haar wangen. Voor nep jarig, hier had ik niet van terug.
'Maar dat proberen we niet hoor,' zei ze haastig.
'Waarom niet?'
'Dat vinden de mannen van de begraafplaats niet goed.'
'O.'
'We proberen het niet, hè mama. We gaan het niet doen.'
'Nee, we gaan het niet doen.'
'Maar het kàn wel,' herhaalde ze.
'We laten oma D. gewoon waar ze is. Ze slaapt lekker rustig.'
'Ze sláápt niet.'
'Nee.'
'Ze is dood.'
'Dat is ook zo.'
De wereld onder de wereld komt de laatste tijd op allerlei manieren terug, valt me op.

donderdag 27 februari 2014

Ander leven

In de douchecabine stond ik, een cel met een ingebouwde radio die ruist en stoort, overal knoppen en knipperlichten, het leek meer op een raket, en toen ik de damp van de plastic deuren veegde, zag ik in het bad tegenover mij heel duidelijk twee meisjes zitten. Ander leven.
Een met lang blond haar en een met lang donker haar. Ik waste mijn haar en begon ze bespioneren. Ze maakten ijsjes met bekertjes en schuimkoppen erop, in hun handen hadden ze naakte vrouwenpopjes die ze van de reuzenijsjes lieten eten, ééntje duwde het plastic hoofdje er helemaal in, het enorme paard en de kleine dinosaurus wachtten op de badrand geduldig op hun beurt.
Ik kon er geen genoeg van krijgen.
Later die dag zagen diezelfde meisjes en ik in het Flevopark twee jongedames wandelen in het lentezonnetje, onophoudelijk kletsend, ze trokken allebei een boek aan een lijntje achter zich aan.
'Dat zijn nou pubers,' zei ik.

dinsdag 25 februari 2014

Een ritje naar onze geboortestad

Toen ik met de winnares van de Frans Kellendonkprijs 2014 het café van de Vereeniging binnenkwam, hing er een slaperige atmosfeer. Er zaten hier en daar een paar oudere stellen op fluistertoon te praten, ze dronken koffie en gebruikten er iets bij. Niemand besteedde aandacht aan haar en mij. Eerst gingen we naar het toilet. Ik dacht: is dit het nou? Zijn we hiervoor met de Greenwheelsauto helemaal naar Nijmegen afgereisd. Al was Nijmegen in het geheel geen vreemde stad voor ons. Ooit waren we er geboren, beiden met de initialen E.G. in het Canisiusziekenhuis dat inmiddels niet meer bestaat. Zoiets schept een grotere band dan je zou verwachten. Nu kwamen we hier weer terug. Zij als winnares, ik haar entourage. Het Keizer Karelplein, al sinds de vorige eeuw het meeste gevreesde plein voor autobestuurders, hadden we overleefd. Ergens midden op de rotonde zoefden de auto's ons links en rechts voorbij. Maar ze zette meteen alle knipperlichten van de Greenwheels aan.
'Dat is altijd goed,' zei ze, 'dan denken ze dat je pech hebt. Dan kijkt iedereen wel uit.'
Na ons toiletbezoek was het café waar we onze entree gemaakt hadden, verdwenen. Dezelfde deur kwam nu uit op een grote zaal vol sjieke heren en dames. Er klonk geroezemoes. Ik zag schrijvers en bekenden. Iedereen stond en glom en had een glas wijn in handen. De winnares en ik werden overal hartelijk begroet, de jassen werden aangenomen, etcetera.
Nu kon het pas echt beginnen. Eerst was er de prijsuitreiking voor haar hele oeuvre en toen kwam de Kellendonklezing van Afth van der Heijden. Het was een mooie, feestelijke middag. Pas na negenen stapten we weer in de Greenwheels en reden we terug naar de stad waar we nu wonen. 

maandag 24 februari 2014

Het leven bezocht.

Op zondag het leven bezocht in Noord. Dat moet soms als je op dit nieuwbouweiland woont.
'Maar voor kinderen is het bij ons echt geweldig,' zeiden we in de auto nog tegen elkaar. 'Waar in Amsterdam kun je je achtjarige nou gewoon buiten laten spelen als je weggaat?' Dat wisten we niet.
Wat we ook niet wisten is dat er op datzelfde moment een gewapende overval werd gepleegd in het café op de hoek van onze straat. Gemaskerde mannen en spelende kinderen. Als dat geen leven is!
Nee, wij waren op de kermis. Probeerden met de grijper een neonroze horloge te pakken te krijgen.
In de brandweerauto zwaaide de driejarige steeds opnieuw naar ons -  opa, oma, vader, moeder - almaar hetzelfde rondje draaiend. Een loempia besteld, tegelijk met de authentieke tandeloze alcoholist in de grote gevlekte spijkerbroek.
'Mama, die meneer moet spugen.'
'Ja, kom we gaan snel weg hier, anders spuugt hij nog per ongeluk op ons.'
'Die meneer is ziek.'
'Heel ziek. Bah. Vies. Kom. Weg.'

donderdag 20 februari 2014

Blauwdrukken

Sinds ik lesgeef, nu al jarenlang, geef ik steeds dezelfde groep cursisten les.
Om de acht weken dragen ze wel andere jasjes, hebben ze andere namen, doen ze nieuwe studierichtingen of werken ze in branches waar ik eerder nog niet van gehoord had, maar meestal ook wel. Om de acht weken hebben ze hoogstens een andere achtergrond, het aantal broers en zussen wisselt en de leeftijden kunnen een paar jaar verschillen, soms zelfs twee decennia, de hobby's waarschijnlijk ook, dat weet ik niet precies, van de hobby's van mijn cursisten kom ik nooit veel te weten, of ik moet ze toevallig opvangen in de wandelgangen,  zijn hobby is 'insecten' las ik gisteren in een verhaal van D.Hooijer, hun hobby is schrijven,  natuurlijk.  Oké, ze hebben zeker andere eigenaardigheden, zenuwtrekjes, ook de blik in hun ogen verandert om de acht weken wel iets en het gevoel voor humor is tijdens de ene cursus zwarter dan de andere. Maar voor de rest zijn het allemaal exact dezelfde types. Dat begint nu echt ontzettend in de kijker te lopen.