dinsdag 9 september 2008

Een vreemdeling op aarde

Een vreemdeling op aarde ging de zon buiten zetten. Nee, de kranten en de lege flessen. De vreemdeling wist het niet vandaag. Hoe het verder moest, met alles. En toen lag er die uitpuilende zak met boeken bij de krantenbak. Ze voelde meteen dat hier het antwoord in zou zitten. En begon te graaien. Alle delen van de Celestijnse Belofte liet ze in elk geval liggen. Die konden er niets mee te maken hebben. Een vreemdeling op aarde van Boeli van Leeuwen, ook niet.
Wel stopte ze in haar tas:
Oblomow, Gontsjarow
Een Man, Oriana Fallaci
Het oneindige plan, Isabel Allende
Eerlijk als Gold, Joseph Heller
De Zuilen van Hercules, Paul Theroux
Evita, Nicholas Fraser
Zusters op reis, opwindende reisverhalen van vrouwen.
Een reis door Spanje, Jozef Israëls
Casablanca, Adriaan van Dis
Brieven aan Olga, Vaclav havel
De gesloten tuin, Elizabeth Peters.
Heden ik, Renate Dorrestein - toen ik op een ochtend uit onrustige dromen ontwaakte merkte ik dat ik in mijn bed in een reusachtig stuk stopverf was veranderd.
Als laatste: Een vreemdeling op aarde, Boeli van Leeuwen.
Ze was er weer voor teruggelopen. Ze kon het niet over haar hart verkrijgen het boek niet mee te nemen. Vanwege die titel, vermoedelijk.
Vertel haar: wat moet zij uit deze vondst opmaken?

maandag 8 september 2008

Groenten bewaren

Lieve GOL, iemand had me verteld dat je groenten nooit langer dan drie dagen in de koelkast mocht bewaren. Als je ze daarna toch nog at, moest je niet gek staan te kijken dat je ziek werd. Of in het uiterste geval zelfs stierf aan de koelkast-bacterie die op de groente was overgesprongen. Je begrijpt wel dat ik schrok. Niet alleen mijn leven was in gevaar. Nog zie ik de slappe peentjes voor me die al tenminste een week in de groentelade aan het verschrompelen waren maar die ik na een dag niks doen nog rustig afschraapte om mijn kleine voor te zetten. Ik zelf at ze niet. Ik had natuurlijk geen zin in koude slappe peentjes. Ik had helemaal geen zin in groente. Maar de kleine moet vitamines.
We hebben dus weer veel geluk gehad, met die peentjes. Daar ben ik ook dankbaar voor, lieve GOL. De Zegen die op ons schijnt te rusten.
Dat terzijde. Want toen ik het vandaag bij de groenteman dus maar liet bij één pond sperziebonen en erbij vertelde waarom ik niet meer kon inslaan, begon hij te lachen. Heel hard te lachen. Alsof het een dijenkletser was. Hij vroeg mij waar ik dacht dat de groenten wel niet vandaan kwamen? En toen volgde een groente-college.
Lieve GOL, en de kleine heeft de sperziebonen vanavond niet eens willen proeven.

zondag 7 september 2008

Een blogger van nature.

Ik wilde hier meer over schrijven schrijven, had ik bedacht. Het schrijfproces zou ik gaan verwoorden. De constructie van een verhaal. Ook zou ik meer over de boeken schrijven die ik lees, de films die ik zie. Het zou allemaal wat meer richting literatuur moeten gaan. Niet speciaal voor de GOL (Grote Onzichtbare Lezer).
Maar om er zelf wat meer zicht op te krijgen. Wat ik lees. En schrijf. Hoe. Wanneer. Waarom. Samenhang. Inzicht. Overzicht. Etc.
Dat ik inhoudelijk begin te denken komt omdat het alweer bijna een jaar geleden is dat ik met Elke Dag begon. Zonder plan.

De eerste blogger die ik ooit ontmoette was Louter met haar Louterlog. Ik begon te lezen en was meteen verkocht. Tot dan was het bestaan van een blogwereld volkomen langs mij heengegaan. Terwijl ik er van nature één ben, een blogger. Zoals ik eigenlijk ook een MSN'er ben. Op de middelbare school vonden mijn vriendin en ik MSN uit. We deden het tijdens de les. 's Avonds thuis. In de bus. Non-stop MSN'den we. Toen we nog niet eens computers hadden en MSN nog niet bestond.

vrijdag 5 september 2008

Wie bepaalt? is de vraag

Ik bepaal jou, zei Jeetje tevreden.
Wat betekent dat? vroeg ik.
Gewoon, zei ze, ik bepaal jou.

In zekere zin had ze gelijk. Zij bepaalde mijn leven, voor een groot deel. Voor een ander groot deel niet. Daar gold zelfs het tegendeel. En dat was waarschijnlijk precies de reden waarom ze het zei. Waarom zij mij zo nodig wilde 'bepalen'. De reden waarom de mensen elkaar allemaal zo nodig wilden bepalen. Bepalen. Bepalen.
Bij sommigen heb je het meer dan bij anderen. De drang tot bepalen.

donderdag 4 september 2008

Lookalike zin

De dakgoot van de kleine Albert Heijn was het enige dat ik zag om te schuilen voor de verschrikkelijke stortregenbui waar ik in beland was. Een Indische man deed hetzelfde - hij leek ontzettend veel op mijn overleden overbuurman, ik wist eerst zeker dat het 'm was, echt zweren, maar toen ik voor de tweede keer keek, zag ik dat zijn gezicht iets langgerekter was. Hij glimlachte flauw naar me. De Indische man en ik stonden namelijk niet goed. De wind stond er precies op. Dus de regen striemde in onze gezichten.
Onder het dakgootje met de lookalike buurman bedacht ik een beginzin: 'Ik vind alles goed, zolang ik maar niet dood ga aan het eind.'
Eigenlijk de achteraf beginzin voor de roman die Het besluit van Dola Korstjens had kunnen zijn. Maar niet geworden is.
Nu ik de zin zo opschrijf, verliest die al iets van z'n brille. Alsof het net ook een iets àndere zin was. Minder langgerekt. Een betere. Maar ik kom er niet meer op.

woensdag 3 september 2008

Het oog wil ook wat.

Het oog wil kijken. Het wil meedoen. In plaats daarvan koekeloert het moeizaam door een spleetje. Dik en zwaar hangt het ooglid. Het gezwollen oogkussen drukt tegen de onderkant. Het oog huilt. De zwaartekracht sucks.

Over het oog dat ook wat wil. (Dit noemt men nou een bruggetje.)
Vanmiddag staat de bezichtiging van een mintgroen jaren tachtig huis op het programma. In deze stad. Het lelijkste huis dat ik ooit gezien heb. Man is heel enthousiast.
'Het is een rollatorbuurt!' juicht hij. 'Dat gaat het helemaal worden!'

dinsdag 2 september 2008

De schoonheid

'Kent u dat verhaal van beauty and the beast?' zei de apotheker toen ik mijn zonnebril afzette. Vlak voor sluitingstijd was ik naar de apotheek gegaan. Met mijn meest donkere zonnebril op. Een paar uur daarvoor was ik nog mooi, als altijd. Dat besef je pas als het over is met de schoonheid. Als je nagestaard wordt. Als iedereen snel wegkijkt zodra je voorbij komt. 'O, blij dat ik dat niet heb, zeg.' Of: 'wat erg, zou ze een tumor hebben?'
Dus mopper niet op uw spiegelbeeld, dames en heren. Wees blij met uw schoonheid! Zie 'm in elk geval. En denk erom dat het binnen één fietstochtje gebeurd kan zijn. Je bent veranderd in een beast. En het is maar de vraag of de schoonheid ooit nog terugkomt. Want vandaag zou de zwelling minder moeten zijn, had de apotheker gezegd. Maar toen ik vanmorgen wakker werd, bleek het erger. Veel erger.

(Er is een wesp tegen mij opgevlogen. Hij heeft mij net boven mijn oog gestoken. Nu is één oog dicht. En rondom opgezwollen. Ik kom erachter hoe belangrijk symmetrie is in het leven. Haast niet weg te denken.)