vrijdag 26 september 2008

Ik of ik niet?

Op straat zei een voorbijganger: 'hee, gefeliciteerd met je goeie recensie'.
'Hoe weet jij...?'
'Nou, er stond nogal prominent een foto bij,' zei hij.
Hij herkende mijn hoofd, niet mijn naam. Het duurde even voor ik de connectie maakte tussen dát hoofd en dit hoofd hier bovenop. Mijn kop. Dat dat feitelijk van een en dezelfde persoon is.
Ik heb het hoofd ook in de krant zien staan. Jazeker. Het was dezelfde foto maar anders uitgesneden dan op de achterflap. Beter, vond ik. Het hoofd kwam zo beter uit. Ik zag een wakkere blozende debutante.
Ik had het misschien vreemd moeten vinden. Dat hoofd in de krant. Ik had er trots op moeten zijn. Of afschuw moeten voelen. Diepe schaamte. Want waar sláát het op! Wat hééft dat met het boek te maken?
Dat had ik allemaal niet. Omdat ik het niet was. Maar ik was het dus wel, bleek.

donderdag 25 september 2008

Gift

Een te lange man met vet blond haar tot over de schouders, en kleine blauwe oogjes. Een man die de waarheid kent en dus verkondigen moet. Al jarenlang. De waarheid is een gift die je niet voor jezelf mag houden. Het is heus niet gemakkelijk als je die taak hebt. Dat zie je wel aan hem. De waarheid weegt zwaar.
Ik zet mijn fiets tegen het hek van de zandbak als hij met zijn vrouw en drie-jarig zoontje voorbij komt. Ik herken hem meteen - twee jaar geleden heb ik de zandbak al eens met hem gedeeld - hij mij niet.
'Ze is in slaap gevallen!' Hij wijst naar Jeetje achterop mijn fiets.
'Ja?'
'Moet jij niet omkeren en rap naar huis gaan?'
'Eh..ik kom net aan.'
'Tegengestelde belangen, hè. Tegengestelde belangen. Het kind moet overduidelijk naar bed. Moeder wil zo nodig in het zonnetje zitten. Het kind is weer de dupe. Dat is erg.'
Zijn vrouw staat op de achtergrond te wachten tot haar man zijn gift gedaan heeft. Zijn kind achter haar benen.
Die van mij schrikt wakker.

woensdag 24 september 2008

Aanrader

Zo goed als het voelt om een idee van iets te hebben, nog beter voelt het je van een idee van iets te ontdoen. Omdat het idee van iets een harnas is geworden. Waar je maar in wat rond banjert. Met gesloten oogkleppen.
Maar een idee is geen kind.
Je kunt je er van ontdoen!
Dat heb ik een week of twee geleden gedaan. Toen lonkte de vrijheid.
(Die ik de volgende dag weer invulde.)

dinsdag 23 september 2008

Broedplaats

Ik bevind me in een te klein, te lauw en te vuil zitbad voor met z'n tweeën. Op een te laat moment in de avond. Moeder en dochter tussen de rode dobberende bootjes die zwart schimmelen aan de binnenkant. En twee tweedehands barbiepoppen - een grote en een kleine - met het haar nog vochtig van de vorige badsessie. Misschien al sinds de vorige eigenaar. De kleine heeft een paarse plastic kop, alsof ze aan de drank is. En op de krullen van de grote groeien paddestoelen. Er drijven vreemde schilfers in het water. Ik denk aan diarree - het scheen op de crèche te heersen - en aan broedplaatsen.

Er was iets wat ik wilde zeggen over moeders en dochters. Of iets anders. Iets dat ik eerder vandaag bedacht. Voordat ik me op dit troebele punt bevond.

maandag 22 september 2008

Het koeren van de duif

Zodra ik een duif hoor koeren, denk ik aan haar. Hoe ik als klein kind in de zon bij haar op schoot zat. Op het terrasje voor haar jaren dertig woning. We gingen dan altijd boontjes rangen. Ik zie ons veel boontjes rangen. Eigenlijk zie ik háár boontjes rangen. Mijzelf niet. Ik zat bij haar op schoot te spelen, zij deed iets met bonen, en ergens verderop koerde - heel tevreden - die duif.

En nu, in het koeren van een duif hoor ik nog steeds dat alles goed is. Helemaal precies goed. Zoals het zijn moet. Bij oma op schoot.
(Misschien dat ik daarom nooit uit Amsterdam weg wil.)

Een vriendin riep uit dat ze duivengekoer haatte. Ze hoorde er verveling in. Ze dacht aan eeuwigdurende zondagen van niet mogen spelen met vriendjes, draden spuug uit haar mond terwijl ze wachtte op morgen. (Ze wil absoluut niet in Amsterdam wonen)

zaterdag 20 september 2008

Droomrecensie

Dames en heren, het was precies die recensie waar ik op hoopte. De droomrecensie. In het NRC. Van Ewoud Kieft.
Het NRC van gisteren alweer.
(ik zal 'm weldra op m'n site plaatsen)
Het is jammer dat zo'n recensie niet dagen mee blijft zweven. Met de krant. Met de lezers. Met de wereld. Nee, alleen in mijn hoofd.
Terwijl in Amerika de economie instort.
En in China de kindjes sterven.
Nu is het wel weer genoeg geweest met het relativeren.

'Weten ze bij het NRC soms dat je lid bent?' vroeg man zich af na het lezen van de recensie.

vrijdag 19 september 2008

Heen en weer

'Gaan we vandáág naar opa en oma?' Het eerste dat ze vroeg toen ze vanmorgen wakker werd.

Het laatste dat ze gisteravond vroeg:
'Gehakt; groeit dat eigenlijk ook uit de grond?'
'Nee, gehakt is geen plantje,' zei moeder.
'Ik hoef geen gehakt meer.'
'Waarom dan niet, meisje?' huichelde moeder.

Heen en weer naar Nijmegen getreind. Heen met gesmeerde boterhammen, een pakje sinaasappelsap en een opgetogen meisje aan mijn zijde.
Terug alleen.
Ja, met Drie Vertellingen van Flaubert, sluimerende verhaallijnen, verwachtingen van een recensie die vandaag misschien in het NRC zal staan. Die ik eigenlijk alleen maar duld als het een buitensporig goeie is.

'Is dat gek?' vroeg ik mezelf.
'Nee', fluisterde ik, 'dat willen we allemaal.'