Het Besluit van Dola Korstjens heeft dit jaar op de valreep nog Het Buitenland bereikt.Vandaag staat er een stukje in De Morgen. Met als kop: De dood ophouden als een plasje. Meer kan ik vanaf mijn computerscherm niet lezen. Zelfs met twintig vergrootglazen niet. Het blijft dus spannend tot op het laatst. Ik hoop volgend jaar ook.
Ik wens jullie allemaal een heel spannend 2009! (Leuk spannend welteverstaan)
Ik zit in Portugal. Zodat ik nog een uur langer van 2008 genieten kan.
woensdag 31 december 2008
dinsdag 30 december 2008
Sinterklaas blijft
Elke dag memoreren we sinterklaas nog een paar keer.
Vooral nu we zo verschrikkelijk dichtbij Hem zijn. In het land naast het zijne.
Als we eten vragen we ons af wat Hij op dit moment aan het eten is.
Wat Hij het liefste eet.
En hoe zag Sinterklaas er eigenlijk uit toen hij een baby was?
We zijn tenslotte overeengekomen dat hij geboren moet zijn met een rood mijtertje op en een klein wit baardje.
Maar zijn daar ook foto's van?
En wie waren Zijn vader en moeder dan?
Vooral nu we zo verschrikkelijk dichtbij Hem zijn. In het land naast het zijne.
Als we eten vragen we ons af wat Hij op dit moment aan het eten is.
Wat Hij het liefste eet.
En hoe zag Sinterklaas er eigenlijk uit toen hij een baby was?
We zijn tenslotte overeengekomen dat hij geboren moet zijn met een rood mijtertje op en een klein wit baardje.
Maar zijn daar ook foto's van?
En wie waren Zijn vader en moeder dan?
maandag 29 december 2008
Uitzicht
Het is donker buiten. Jeetje en ik staan samen in de tuin. Diep beneden ons de zee. Alleen het licht van de vuurtoren verlicht haar gezichtje; exact om de zes tellen. Ik strijk Jeetje over het hoofd, probeer man nog een keer mobiel te bereiken.
We waren werkelijk een ideaal gezin geweest.
In het vakantiehuisje met uitzicht op zee. Van alle gemakken voorzien, zelfs een oven met braadslee. We hadden ook een ideale dag doorgemaakt in Carvoeiro. Verse vis op een terras, de heerlijkste rosé gedronken, friet voor Jeetje. Alweer met uitzicht op zee. We beklommen met z'n drieën de allerhoogste rots ter wereld. Van die ideale dingen. Daarna wandelden we. Jeetje zat op de schouders van haar vader en vroeg voor het eerst: 'Papa, wie is jouw papa eigenlijk?'
'Mijn papa is dood,' zei man.
'Waarom is jouw papa dood?' vroeg Jeetje.
'Dat weet ik niet. Hij was ineens dood,' zei hij. 'Boem.'
Ik wees Jeetje gauw op het prachtige geweld waarmee de golven tegen de rotsen kapotsloegen. Afleiding geslaagd.
Toen was het avond. Ook al ideaal.
Jeetje keek junglebook op de I-pod, ik schreef een heel verstandige mail terug aan mijn kersverse moedervriendin - over dat ze er het beste aan deed het leven met kind maar gewoon te laten gebeuren omdat dat toch niet goed te besturen viel - en man was met de auto naar de Intermarché vier kilometer verderop. Alles onder controle.
Dan bevriest het beeld. De batterij van de I-pod is leeg. Ik kom erachter dat hij al dik anderhalf uur weg moet zijn.
Deze keer slaat zijn voicemail aan. De vakantiehuisjes naast ons zijn niet bezet. Wij zijn de enige levende zielen in dit ideale park op die rots. Wij twee, alleen. Hierbuiten. En de gele ogen van de zwarte kat.
'Mama, wat doe je?'
'Niks, ik probeerde even of ik papa vanaf hier wel kon bellen,' zeg ik zo normaal mogelijk. Ik ben volwassen. Ik moet het kind geruststellen. Hoe dan ook. Nu niet over de symbolische betekenis van zwarte katten gaan vertellen. En dat ik net waarschijnlijk de Portugese politie aan de lijn had gehad, toen ik binnen haar papa probeerde te bellen. Dat mama het niet goed kon verstaan. Maar dat de Portugese politie nu naar ons onderweg was. Naar het leegstaande vakantieoord waar een moeder en een vers weesje buiten stonden te wachten. Ook al kon haar papa nog zo goed rijden, de Portugezen konden dat niet. 'In Portugal zijn de meeste dodelijke verkeersongelukken van heel Europa,' hoorde ik hem weer zeggen.
Ik kan zeggen dat ik het voorvoeld heb. Maar Jeetje weet van niets. Gewoon zo laten. Zolang het mogelijk is. Jeetje is vooral met het welzijn van die zwarte kat bezig. Die nu ook nog door de openstaande schuifdeuren naar binnen glipt.
We waren werkelijk een ideaal gezin geweest.
In het vakantiehuisje met uitzicht op zee. Van alle gemakken voorzien, zelfs een oven met braadslee. We hadden ook een ideale dag doorgemaakt in Carvoeiro. Verse vis op een terras, de heerlijkste rosé gedronken, friet voor Jeetje. Alweer met uitzicht op zee. We beklommen met z'n drieën de allerhoogste rots ter wereld. Van die ideale dingen. Daarna wandelden we. Jeetje zat op de schouders van haar vader en vroeg voor het eerst: 'Papa, wie is jouw papa eigenlijk?'
'Mijn papa is dood,' zei man.
'Waarom is jouw papa dood?' vroeg Jeetje.
'Dat weet ik niet. Hij was ineens dood,' zei hij. 'Boem.'
Ik wees Jeetje gauw op het prachtige geweld waarmee de golven tegen de rotsen kapotsloegen. Afleiding geslaagd.
Toen was het avond. Ook al ideaal.
Jeetje keek junglebook op de I-pod, ik schreef een heel verstandige mail terug aan mijn kersverse moedervriendin - over dat ze er het beste aan deed het leven met kind maar gewoon te laten gebeuren omdat dat toch niet goed te besturen viel - en man was met de auto naar de Intermarché vier kilometer verderop. Alles onder controle.
Dan bevriest het beeld. De batterij van de I-pod is leeg. Ik kom erachter dat hij al dik anderhalf uur weg moet zijn.
Deze keer slaat zijn voicemail aan. De vakantiehuisjes naast ons zijn niet bezet. Wij zijn de enige levende zielen in dit ideale park op die rots. Wij twee, alleen. Hierbuiten. En de gele ogen van de zwarte kat.
'Mama, wat doe je?'
'Niks, ik probeerde even of ik papa vanaf hier wel kon bellen,' zeg ik zo normaal mogelijk. Ik ben volwassen. Ik moet het kind geruststellen. Hoe dan ook. Nu niet over de symbolische betekenis van zwarte katten gaan vertellen. En dat ik net waarschijnlijk de Portugese politie aan de lijn had gehad, toen ik binnen haar papa probeerde te bellen. Dat mama het niet goed kon verstaan. Maar dat de Portugese politie nu naar ons onderweg was. Naar het leegstaande vakantieoord waar een moeder en een vers weesje buiten stonden te wachten. Ook al kon haar papa nog zo goed rijden, de Portugezen konden dat niet. 'In Portugal zijn de meeste dodelijke verkeersongelukken van heel Europa,' hoorde ik hem weer zeggen.
Ik kan zeggen dat ik het voorvoeld heb. Maar Jeetje weet van niets. Gewoon zo laten. Zolang het mogelijk is. Jeetje is vooral met het welzijn van die zwarte kat bezig. Die nu ook nog door de openstaande schuifdeuren naar binnen glipt.
zondag 28 december 2008
Your Ghost
Kristin Hersh dagen zijn het voor mij. Deze kerst en oud en nieuw. En dan alleen het liedje: Your Ghost. Ik hoor het vaak omdat ik er - ik zal maar eerlijk zijn - een soort van rustig van word. Terwijl ik niet wist dat ik een soort van onrustig was. Het liefst zet ik de song zo hard mogelijk. Zodat ik er helemaal in kan blijven. Soms luister ik wel honderd keer achter elkaar naar Your Ghost. Als de onderbuurvrouw thuis is, schaam ik me. Voor mijn smaak. Het sentiment. En vooral de herhaling.
Oké, zij is voor tien dagen van de stem van Kristin Hersh verlost. Maar nu overstemt Kristin zelfs het diepste donkerste duister, het geluid van de zee die tegen de rotsen slaat, en de zwarte kat die voor de deur staat te miauwen. Dezelfde die vannacht de zak met visresten is komen openrijten.
Kristin Hersh heeft zich vlak voor de kerst plotseling aan mij vast geklonken en zal binnen niet al te lange tijd weer van me af vallen. Ik heb dat vaker gehad met liedjes.
Oké, zij is voor tien dagen van de stem van Kristin Hersh verlost. Maar nu overstemt Kristin zelfs het diepste donkerste duister, het geluid van de zee die tegen de rotsen slaat, en de zwarte kat die voor de deur staat te miauwen. Dezelfde die vannacht de zak met visresten is komen openrijten.
Kristin Hersh heeft zich vlak voor de kerst plotseling aan mij vast geklonken en zal binnen niet al te lange tijd weer van me af vallen. Ik heb dat vaker gehad met liedjes.
zaterdag 27 december 2008
Jeetje in Portugal
Jeetje - het stadskind - wandelt in het natuurgebied: 'Waar is hier de stoep?'
Jeetje loopt al een tijdje door het stadje Silves: 'Waar zijn de fietsen eigenlijk?'
Jeetje woont - en slaapt - op de begane grond. Papa brengt haar naar bed.
Voor hij de slaapkamer verlaat, mompelt ze: 'Je moet zeggen: hier is papa, je bent lief, je bent niet alleen, je kunt goed klimmen, je kunt goed lopen over de rotsen en dat is alles.'
Papa roept - in de gang, naast haar deur - door de imaginaire babyfoon: 'HIER IS PAPA! JE BENT LIEF. JE BENT NIET ALLEEN. JE KUNT GOED KLIMMEN. JE KUNT GOED LOPEN OVER DE ROTSEN. EN DAT IS ALLES.'
Jeetje loopt al een tijdje door het stadje Silves: 'Waar zijn de fietsen eigenlijk?'
Jeetje woont - en slaapt - op de begane grond. Papa brengt haar naar bed.
Voor hij de slaapkamer verlaat, mompelt ze: 'Je moet zeggen: hier is papa, je bent lief, je bent niet alleen, je kunt goed klimmen, je kunt goed lopen over de rotsen en dat is alles.'
Papa roept - in de gang, naast haar deur - door de imaginaire babyfoon: 'HIER IS PAPA! JE BENT LIEF. JE BENT NIET ALLEEN. JE KUNT GOED KLIMMEN. JE KUNT GOED LOPEN OVER DE ROTSEN. EN DAT IS ALLES.'
vrijdag 26 december 2008
Junk
'Het is hier heel anders dan in Amsterdam!' zegt Jeetje op vliegveld Faro.
'Wat is er dan anders?'
'Ze hebben hier heel andere bomen.'
'Dat is waar ja.'
Ik merk hoe mijn lichaam de zon verslindt. Hoe het daarmee op de parkeerplaats al begint. Hoe het in feite om zon aan het kermen was, alsof het al maanden geen licht had gezien. Alsof mijn lichaam een junk was met een cold turkey, en ik had niets in de gaten. Meer wil het, meer. Heel bang ook dat er morgen niets meer zal zijn.
Het wil NU sinaasappels eten, niets dan sinaasappels en zwemmen in de zee, waar het gisteren enkel dacht aan wijn, meer wijn, kerstkransjes en nog wat Häagen-dasz.
'En mama...?' roept Jeetje als we in de huurauto stappen.
'Jahaa?'
'Ik wil hier blijven wonen. Ik hou van de zon.' Na deze zin valt Jeetje in slaap. We rijden langs de sinaasappel-bomen.
'Wat is er dan anders?'
'Ze hebben hier heel andere bomen.'
'Dat is waar ja.'
Ik merk hoe mijn lichaam de zon verslindt. Hoe het daarmee op de parkeerplaats al begint. Hoe het in feite om zon aan het kermen was, alsof het al maanden geen licht had gezien. Alsof mijn lichaam een junk was met een cold turkey, en ik had niets in de gaten. Meer wil het, meer. Heel bang ook dat er morgen niets meer zal zijn.
Het wil NU sinaasappels eten, niets dan sinaasappels en zwemmen in de zee, waar het gisteren enkel dacht aan wijn, meer wijn, kerstkransjes en nog wat Häagen-dasz.
'En mama...?' roept Jeetje als we in de huurauto stappen.
'Jahaa?'
'Ik wil hier blijven wonen. Ik hou van de zon.' Na deze zin valt Jeetje in slaap. We rijden langs de sinaasappel-bomen.
woensdag 24 december 2008
Moet, moet, moet.
Op deze kerstavond, als het kinderbedtijd is - het kerstkransje allang op, de liedjes gespeeld zijn, het dansje gemaakt, het boekje voorgedragen - en ook de kaarsjes vredig branden op de schouw, zegt moeder ( in de wetenschap dat het morgen een drukke dag wordt en overmorgen zeker): 'Jeetje, je moet je pyjama aan.'
'Jij zegt altijd MOET, MOET, MOET!' zegt Jeetje boos.
Moeder heeft geen antwoord terug. Is het waar? kan ze alleen maar denken. Is het waar? Is het zover?
'Jij zegt altijd MOET, MOET, MOET!' zegt Jeetje boos.
Moeder heeft geen antwoord terug. Is het waar? kan ze alleen maar denken. Is het waar? Is het zover?
Abonneren op:
Posts (Atom)