Ik zie de foto's van het Sinterklaasevent op het schoolplein. De Sint schudt handen. Ergens middenin de haag kinderen staat Jeetje met haar handje uitgestoken. Het is dat ik weet dat dit Jeetje is. Anders ging ze anoniem op in de kleurige massa. Op elke foto die volgt, zie ik dat handje recht naar voren wijzen. Ook al is de Sint haar allang voorbij. Jeetje klemt haar kaken op elkaar. Haar lippen zijn blauwig. Haar ogen waterig in een spierwit gelaat. Vanmorgen heeft ze haar haren extra mooi gedaan. Dat zie je niet. Op haar hoofd heeft ze een zelfgemaakte pietenhoed. En vuurrode vingers piepen onder haar mouw vandaan.
Ik had dat handje zo graag willen pakken.
Intussen ligt Deetje als een automonteur onder de bank. In een paars berenpak.
vrijdag 3 december 2010
donderdag 2 december 2010
Ja!
Persbericht
BNG Nieuwe Literatuur Prijs 2010: vijf nominaties
Boogers, Geurts, Van der Kwast, Peek, Vandecasteele
‘IJzersterke shortlist’
Het was jaren geleden, toen ik in de zaal zat te kijken naar de prijsuitreiking van de BNG literatuurprijs al mijn plan om daar ooit te zitten. Dat moest haalbaar zijn, vond ik. Voor mijn veertigste minimaal twee boeken. En daarmee genomineerd worden. Dus dat kunnen we alvast afvinken!
BNG Nieuwe Literatuur Prijs 2010: vijf nominaties
Boogers, Geurts, Van der Kwast, Peek, Vandecasteele
‘IJzersterke shortlist’
Het was jaren geleden, toen ik in de zaal zat te kijken naar de prijsuitreiking van de BNG literatuurprijs al mijn plan om daar ooit te zitten. Dat moest haalbaar zijn, vond ik. Voor mijn veertigste minimaal twee boeken. En daarmee genomineerd worden. Dus dat kunnen we alvast afvinken!
woensdag 1 december 2010
Mutsloos
Het is een dik half uur fietsen van zijn kamer naar ons huis. Hij draagt twee jassen over elkaar, twee paar handschoenen, een sjaal, maar geen muts. Als hij binnenkomt, moet hij eerst een tijdje krom staan om warm te worden.
'Het waait,' zegt hij, 'snapt?'
'Misschien moet je een muts opzetten?' zeg ik.
'Nee,' zegt de schoonmaker. 'Ik zet nooit een muts op.'
'Waarom niet?'
'Dan denken ze dat ik een crimineel ben.'
'Iedereen draagt nu een muts.'
'Ik zal dat nooit doen. Met een muts op zie ik er uit als een crimineel. En dan pakken ze me op.'
Tijdens het werken ontdooit hij. Dan stapt hij weer op zijn racefiets. Hij fietst terug. Over niet gestrooide paden. Op zijn dunne bandjes.
'Het waait,' zegt hij, 'snapt?'
'Misschien moet je een muts opzetten?' zeg ik.
'Nee,' zegt de schoonmaker. 'Ik zet nooit een muts op.'
'Waarom niet?'
'Dan denken ze dat ik een crimineel ben.'
'Iedereen draagt nu een muts.'
'Ik zal dat nooit doen. Met een muts op zie ik er uit als een crimineel. En dan pakken ze me op.'
Tijdens het werken ontdooit hij. Dan stapt hij weer op zijn racefiets. Hij fietst terug. Over niet gestrooide paden. Op zijn dunne bandjes.
dinsdag 30 november 2010
Het gaat mij puur om het schrijven
Er werd mij vandaag gevraagd naar de verkoop van Lastmens. Wat heeft het boek, behalve al die goede recensies, nou gedáán. Hoeveel?
Ik moest het antwoord schuldig blijven. Ik kan het navragen natuurlijk. Maar zolang we niet door die eerste druk heen zijn, ben ik voldoende geïnformeerd.
Ook kreeg ik vandaag, bijna tegelijkertijd, een leuke brief van Vrouw & Kultuur waarin ze mij als kanshebber op hun Debuutprijs uitnodigen om op 12 december naar Eindhoven af te reizen.
Er staat: 'We rekenen op brede belangstelling, ook van de pers, omdat onder genomineerden enkele bestsellerauteurs zijn.'
Het wordt me wel ingepeperd.
Ik gok dat het hier niet over mij gaat. Maar zeker weten doe ik het niet. Ik heb dat namelijk niet uitgezocht.
Ik moest het antwoord schuldig blijven. Ik kan het navragen natuurlijk. Maar zolang we niet door die eerste druk heen zijn, ben ik voldoende geïnformeerd.
Ook kreeg ik vandaag, bijna tegelijkertijd, een leuke brief van Vrouw & Kultuur waarin ze mij als kanshebber op hun Debuutprijs uitnodigen om op 12 december naar Eindhoven af te reizen.
Er staat: 'We rekenen op brede belangstelling, ook van de pers, omdat onder genomineerden enkele bestsellerauteurs zijn.'
Het wordt me wel ingepeperd.
Ik gok dat het hier niet over mij gaat. Maar zeker weten doe ik het niet. Ik heb dat namelijk niet uitgezocht.
maandag 29 november 2010
Wegdag
De crèche belde omdat Deetje vanaf 's ochtends al niets had willen eten of drinken. Hier thuis, in mijn armen, dronk ze wel. Zou een kind van bijna zeven maanden het concept hongerstaking al begrijpen?
Toen kwam man thuis en las ik een stukje voor. Ik kwam erachter dat ik nog best wat had geschreven, dat het best leuk was en drukte vol enthousiasme op 'bewaar niet.'
Daarna liep ik een stukje hard door de sneeuwstorm. Ik ben al bij 4 minuten rennen en dan weer 1 minuut wandelen x 4.
Nu gaat het brandalarm af. Ik moet geloof ik redden wat er nog te redden valt.
Toen kwam man thuis en las ik een stukje voor. Ik kwam erachter dat ik nog best wat had geschreven, dat het best leuk was en drukte vol enthousiasme op 'bewaar niet.'
Daarna liep ik een stukje hard door de sneeuwstorm. Ik ben al bij 4 minuten rennen en dan weer 1 minuut wandelen x 4.
Nu gaat het brandalarm af. Ik moet geloof ik redden wat er nog te redden valt.
zondag 28 november 2010
Droom
Op zaterdagavond liggen man en ik op de grond van ons best wel nieuwe huis en kijken naar een tweedehands plastic paard dat, op acht nieuwe batterijen, over onze keukenvloer galoppeert. En daarbij steeds valt.
'Zijn ene poot hangt er los bij,' zegt man. 'Daar ligt het aan.'
'Been,' zeg ik. 'Ook bij een speelgoedpaard spreek je van been.'
'Zijn been is niet kapot.' Man pakt het oranjebruine paard op en bestudeert het als een smid. 'Zijn hoef ook niet.'
'Onze vloer is glad. Hij glijdt uit.'
Ik nies. Man en ik niezen allebei van al het stof dat uit de doos komt.
Ik heb op marktplaats een berg troep aangeschaft voor Sinterklaas, dingen die nog een opknapbeurt vereisen - Barbies met haaruitval, of excentrieke kapsels geknipt door onbekende kinderen, jurkjes zonder sluiting - maar op deze avond heb ik nog het meeste zin om al de zooi rechtstreeks de vuilnisbak in te kieperen. Ik hou er helemaal niet van om dingen een opknapbeurt te geven.
Daarna kijken man en ik naar 'Ik Vertrek'. We volgen een Nederlands stel dat hun grote, gezamenlijke droom najaagt. Het pachten van een pub in Engeland. Ze vallen meteen voor de 'Welcome Stranger' een café dat ingeklemd ligt tussen twee snelwegen. 'Binnen hoor je niets van het geraas,' zeggen ze tegen elkaar.
Ik lig met mijn hoofd op mans schoot te kijken.
'Als wij onze grote droom najagen,' zeg ik, 'wat moeten we dan nu najagen?' Nee, dat zei ik niet. Dat dacht ik alleen maar.
Er is geen grote, gezamenlijke droom. Ons leven is een aaneenschakeling van kleine, private werkelijkheden die elkaar soms ergens raken.
Na 'Ik Vertrek' is het alweer 22.00 u en de hoogste tijd om te gaan slapen. Uit twee kamers hoestende kinderen.
s' Nachts droom ik van plastic knollen met geruite dekjes die ik nog moet wassen. Maar ik weet niet op hoeveel graden. En dat alle barbies kale koppen krijgen van mijn reinigingsbeurt.
'Zijn ene poot hangt er los bij,' zegt man. 'Daar ligt het aan.'
'Been,' zeg ik. 'Ook bij een speelgoedpaard spreek je van been.'
'Zijn been is niet kapot.' Man pakt het oranjebruine paard op en bestudeert het als een smid. 'Zijn hoef ook niet.'
'Onze vloer is glad. Hij glijdt uit.'
Ik nies. Man en ik niezen allebei van al het stof dat uit de doos komt.
Ik heb op marktplaats een berg troep aangeschaft voor Sinterklaas, dingen die nog een opknapbeurt vereisen - Barbies met haaruitval, of excentrieke kapsels geknipt door onbekende kinderen, jurkjes zonder sluiting - maar op deze avond heb ik nog het meeste zin om al de zooi rechtstreeks de vuilnisbak in te kieperen. Ik hou er helemaal niet van om dingen een opknapbeurt te geven.
Daarna kijken man en ik naar 'Ik Vertrek'. We volgen een Nederlands stel dat hun grote, gezamenlijke droom najaagt. Het pachten van een pub in Engeland. Ze vallen meteen voor de 'Welcome Stranger' een café dat ingeklemd ligt tussen twee snelwegen. 'Binnen hoor je niets van het geraas,' zeggen ze tegen elkaar.
Ik lig met mijn hoofd op mans schoot te kijken.
'Als wij onze grote droom najagen,' zeg ik, 'wat moeten we dan nu najagen?' Nee, dat zei ik niet. Dat dacht ik alleen maar.
Er is geen grote, gezamenlijke droom. Ons leven is een aaneenschakeling van kleine, private werkelijkheden die elkaar soms ergens raken.
Na 'Ik Vertrek' is het alweer 22.00 u en de hoogste tijd om te gaan slapen. Uit twee kamers hoestende kinderen.
s' Nachts droom ik van plastic knollen met geruite dekjes die ik nog moet wassen. Maar ik weet niet op hoeveel graden. En dat alle barbies kale koppen krijgen van mijn reinigingsbeurt.
zaterdag 27 november 2010
Heden, uw dagelijks stukje
Voor mijn trouwe lezer,
Sorry van het stukje van gisteren. Dat er niet was.
Mijn handen waren halverwege de dag namelijk al te zwaar geworden om zichzelf te dragen. Laat staan om te typen. Alles werd in de loop van de middag op de een of andere manier ondraaglijk. Het geluid van opgewonden, pratende kinderen, baby's en mannen. Het geluid van de televisie. Het omslaan van de krantenpagina. Pruttelende pannen. We aten ook nog aardappelpuree van ongeschilde aardappels en er was geen room of boter in huis om het enigszins smeuïg te maken. Zelfs geen krokant laagje, want de oven ging stuk.
En buiten was het plotseling ijskoud geworden. De rits van mijn jas had het begeven. Ik was steeds op pad de afgelopen week. Misschien dat het daardoor kwam dat ik hier gisteren niets schreef.
Waarvoor nogmaals mijn excuses.
Elke.
Sorry van het stukje van gisteren. Dat er niet was.
Mijn handen waren halverwege de dag namelijk al te zwaar geworden om zichzelf te dragen. Laat staan om te typen. Alles werd in de loop van de middag op de een of andere manier ondraaglijk. Het geluid van opgewonden, pratende kinderen, baby's en mannen. Het geluid van de televisie. Het omslaan van de krantenpagina. Pruttelende pannen. We aten ook nog aardappelpuree van ongeschilde aardappels en er was geen room of boter in huis om het enigszins smeuïg te maken. Zelfs geen krokant laagje, want de oven ging stuk.
En buiten was het plotseling ijskoud geworden. De rits van mijn jas had het begeven. Ik was steeds op pad de afgelopen week. Misschien dat het daardoor kwam dat ik hier gisteren niets schreef.
Waarvoor nogmaals mijn excuses.
Elke.
Abonneren op:
Posts (Atom)