We liepen van school naar huis, Deetje, haar vriendje, en ik. Ze plukten paardenbloemen onderweg. Ze konden er nog twee afblazen. Ze deden allebei een wens.
'Ik heb een wens gedaan,' zei het vriendje.
'Wat heb je gewenst?' vroeg ik.
'Ik zeg het niet.'
Maar na flink aandringen van mijn kant zei hij het uiteindelijk toch. Hij had een skateboard voor zijn verjaardag gewenst.
Ook Deetje wilde haar wens niet verklappen, maar ook zij kon geen weerstand bieden aan de straffe verleidingstechnieken van haar moeder.
'Ik heb gewenst dat wij voor altijd en altijd vrienden blijven,' zei ze, 'óók later als we groot zijn.'
Het vriendje keek haar stomverbaasd aan.
'Maar we zíjn al zéker voor altijd vrienden, Deetje,' zei hij. 'Voor altijd en eeuwig.'
dinsdag 12 april 2016
maandag 11 april 2016
Noir Desir
Er was een verrassingsfeestje voor de overbuurvrouw, een Zweeds salonbootje waarop we met tien vrouwen twee uur door de Amsterdamse grachten gleden. We zaten dicht op elkaar. We leerden elkaar snel kennen. Er was een gigantisch cruise schip dat voor het centraal station op ons lag te wachten. We stapten aan boord en de trossen werden losgegooid. Ik wist bij God niet waar we naartoe voeren, maar dat gaf niet. God was er niet. Er was duisternis, flikkerende discolichtjes. Er waren loungebanken waarop gegeten kon worden, maar het was al voorbij etenstijd. Er was de dj, die ik ken omdat hij mijn buurman is, hij draaide een flard van 'Le vent nous portera' van Noir Désir en ik ging even kopje onder in de tijd. Ik kwam weer boven. Er was de travestiet die achter de bar stond met absurde borsten in een klein bh-tje.
'Ik ben hier voor het eerst,' zei ik.
'Leuk,' zei hij en knipperde met zijn mascara ogen.
Er was gin-tonic. Er waren sigaretten. De serveerster was lang, mager en droeg alleen een bh, een kort spijkerbroekje, blote voeten. Ze lachte niet. Het was niet de bedoeling dat je hier veel kleren aanhad. Dat was helder. Er lagen overal groepjes mensen op loungebanken. We trokken onze schoenen uit en gingen er ook op liggen. 'I am sexy and I know it', draaide de buurman. Ik moest heel sterk denken aan de film Lost in Translation. Hier waren andere regels. Ik kende ze niet. Op deze boot leek alles mogelijk. Hier was iedereen verloren, in elk geval waren we zonder anker.
Er was het moment dat we weer aanmeerden, de loopplank afliepen, dat we ons gewone zelf weer moesten zijn.
'Ik ben hier voor het eerst,' zei ik.
'Leuk,' zei hij en knipperde met zijn mascara ogen.
Er was gin-tonic. Er waren sigaretten. De serveerster was lang, mager en droeg alleen een bh, een kort spijkerbroekje, blote voeten. Ze lachte niet. Het was niet de bedoeling dat je hier veel kleren aanhad. Dat was helder. Er lagen overal groepjes mensen op loungebanken. We trokken onze schoenen uit en gingen er ook op liggen. 'I am sexy and I know it', draaide de buurman. Ik moest heel sterk denken aan de film Lost in Translation. Hier waren andere regels. Ik kende ze niet. Op deze boot leek alles mogelijk. Hier was iedereen verloren, in elk geval waren we zonder anker.
Er was het moment dat we weer aanmeerden, de loopplank afliepen, dat we ons gewone zelf weer moesten zijn.
donderdag 7 april 2016
Voor het te laat is
Over de dingen die me het meest bezighouden, kan ik nu niet schrijven. Al ben ik van mening dat niets te persoonlijk is. Het is nu juist de kunst er iets van te maken dat het persoonlijke gezever overstijgt. Het boven die dooie werkelijkheid uit te tillen. Soms ook schrijf ik iets geweldigs niet op omdat het mensen in mijn directe omgeving zou schaden. Misschien is dat laf. Misschien ben ik te scrupuleus?
Mijn voettype kan daar meer over vertellen. Je hebt namelijk vier voettypes.
Ik heb typ 2. Diagonale voet.
'Dit is een vorm waarin de tenen geleidelijk kleiner worden, uitgaande van de grote teen. Mensen met dit soort tenen worden gekenmerkt als mysterieus en hebben stemmingswisselingen. Ze zijn vaak angstig en impulsief.'
Deze informatie kwam ik daarnet tegen op de site blijf-positief.com.
Met mijn voeten is het droevig gesteld. De meeste schoenen kan ik niet meer aan. Mijn kleine tenen zijn aan het verdwijnen onder de andere tenen. Mijn voeten worden lelijker en lelijker, het lijkt de realiteit wel. Een grote teen buigt steeds meer af naar rechts, de andere naar links. Knobbels. Knellingen. Eelt. Eén zwarte kleine teennagel die er steeds af valt, er kom al snel een nieuwe nagel op, die dan binnen een paar dagen onherroepelijk weer zwart is en opnieuw loslaat.
'Je moet echt naar een podoloog,' waarschuwt iedere pedicure mevrouw me met steeds meer klem, 'of je krijgt straks last van je knieën, of je kunt over een paar jaar helemaal niet meer sporten, of je belandt nog in een rolstoel of...'
Mijn voettype kan daar meer over vertellen. Je hebt namelijk vier voettypes.
Ik heb typ 2. Diagonale voet.
'Dit is een vorm waarin de tenen geleidelijk kleiner worden, uitgaande van de grote teen. Mensen met dit soort tenen worden gekenmerkt als mysterieus en hebben stemmingswisselingen. Ze zijn vaak angstig en impulsief.'
Deze informatie kwam ik daarnet tegen op de site blijf-positief.com.
Met mijn voeten is het droevig gesteld. De meeste schoenen kan ik niet meer aan. Mijn kleine tenen zijn aan het verdwijnen onder de andere tenen. Mijn voeten worden lelijker en lelijker, het lijkt de realiteit wel. Een grote teen buigt steeds meer af naar rechts, de andere naar links. Knobbels. Knellingen. Eelt. Eén zwarte kleine teennagel die er steeds af valt, er kom al snel een nieuwe nagel op, die dan binnen een paar dagen onherroepelijk weer zwart is en opnieuw loslaat.
'Je moet echt naar een podoloog,' waarschuwt iedere pedicure mevrouw me met steeds meer klem, 'of je krijgt straks last van je knieën, of je kunt over een paar jaar helemaal niet meer sporten, of je belandt nog in een rolstoel of...'
dinsdag 5 april 2016
Iemand die hielp
Het is onmogelijk om het niet over Wim Brands te hebben.
Wim Brands die me net na mijn debuut voor het eerst voor de radio interviewde, en me in de pauze zei: 'Je moet niet steeds tussendoor lachen hoor. Je lacht veel en veel te veel uit ongemak. Dat hoeft niet.'
Ik sprak hem voor het laatst op één van die zaterdagmiddagen in de docentenkamer van de schrijversvakschool. Het ging onder andere over zijn epileptische vader. Hoe de meeste volwassenen hem als kind alleen lieten met zijn stuiptrekkende, schuimbekkende pa.
'Nog altijd als ik ergens ben, check ik de mensen,' zei hij, 'zijn het mensen die me helpen of mensen die weglopen.' Hij keek me aan. Hij checkte me. Was ik iemand die hielp of wegliep?
Ik ben degene die valt, dacht ik. Het lag voor op mijn lippen. Maar in plaats daarvan lachte ik.
Omdat het zo'n aardige man was. Waarbij je je op je gemak voelde. Iemand die hielp.
Wim Brands die me net na mijn debuut voor het eerst voor de radio interviewde, en me in de pauze zei: 'Je moet niet steeds tussendoor lachen hoor. Je lacht veel en veel te veel uit ongemak. Dat hoeft niet.'
Ik sprak hem voor het laatst op één van die zaterdagmiddagen in de docentenkamer van de schrijversvakschool. Het ging onder andere over zijn epileptische vader. Hoe de meeste volwassenen hem als kind alleen lieten met zijn stuiptrekkende, schuimbekkende pa.
'Nog altijd als ik ergens ben, check ik de mensen,' zei hij, 'zijn het mensen die me helpen of mensen die weglopen.' Hij keek me aan. Hij checkte me. Was ik iemand die hielp of wegliep?
Ik ben degene die valt, dacht ik. Het lag voor op mijn lippen. Maar in plaats daarvan lachte ik.
Omdat het zo'n aardige man was. Waarbij je je op je gemak voelde. Iemand die hielp.
vrijdag 1 april 2016
Ik sport
De Schoenmakerij IJburg tas met daarin mijn sportschoenen hangt aan mijn stuur. In mijn sportieve pakje fiets ik naar de fitnessschool op Haveneiland. Mijn knie raakt de tas steeds. De circuittraining is net twee minuten begonnen als ik erbij kom staan. Er zijn nog twee andere dames en één man.
'Daar hebben we de verloren dochter,' zegt de Surinaamse sportinstructeur. En dan zegt hij streng: 'Je bent laat.'
Ik pak de gewichten op en doe mee met de oefening voor de bovenarmen. Mijn armen naar rechts, naar voren, omhoog. De sportinstructeur, voormalig Nederlands kampioen bodybuilden, komt recht voor me staan - 'Zet die gewichten naast je,' gebiedt hij- en legt zijn armen op die van mij.
'Wegduwen,' zegt hij.
'Moeilijk hoor.'
Hij glimlacht: 'Waar was je zolang gebleven? Had je problemen?'
Ik probeer zijn armen opzij te duwen. De muziek is luid. Don't let me go, wordt er steeds gezongen. Don't let me go. Don't let me go. Bij de cardio-oefeningen merk ik meteen dat ik stiekem gerookt heb. Sterk spul. Na een uur is de training afgelopen. Ik heb de gekte weer mooi buiten de deur gehouden vanavond, denk ik.
Ik neem me voor op te schrijven wat ik gezien heb, wat er is, mij te houden aan een precieze beschrijving van de feiten, zoals de schoolmeester van de Nederlandse letteren ons voorschrijft op zijn weblog. Ik ben gevoelig voor autoriteit. Het is jammer dat ik geen vogels tegenkwam onderweg, maar ik ga er niets bij liegen. Dat ontspoort al gauw.
De instructeur zit achter de receptie en wenkt me als ik weg wil gaan.
'Kom eens hier.'
'Wat is er?'
'Je moet niet zien wat er is, Elke.' Hij kijkt me strak aan. 'Je moet kijken naar wat er níet is. Wat je ogen niet kunnen zien. Dáár gaat het om.'
'Nu fucking dát weer.'
'Het gaat er om dat je gelóóft dat het er is.'
Na een tijdje laat hij me gaan, maar niet nadat hij me bevolen heeft The book of Enoch te lezen. Er is maar één waarheid, namelijk. Hij vindt het belangrijk dat ik dat begrijp.
'Jij durft niet buiten jouw pinksterGod te denken,' zeg ik.
'Dat heeft niets met durven te maken, ik wil het niet.'
'En je dúrft niet, want stel, stel nou dat het niet waar is..?'
Maar daar heeft de sportinstructeur geen boodschap aan.
'Daar hebben we de verloren dochter,' zegt de Surinaamse sportinstructeur. En dan zegt hij streng: 'Je bent laat.'
Ik pak de gewichten op en doe mee met de oefening voor de bovenarmen. Mijn armen naar rechts, naar voren, omhoog. De sportinstructeur, voormalig Nederlands kampioen bodybuilden, komt recht voor me staan - 'Zet die gewichten naast je,' gebiedt hij- en legt zijn armen op die van mij.
'Wegduwen,' zegt hij.
'Moeilijk hoor.'
Hij glimlacht: 'Waar was je zolang gebleven? Had je problemen?'
Ik probeer zijn armen opzij te duwen. De muziek is luid. Don't let me go, wordt er steeds gezongen. Don't let me go. Don't let me go. Bij de cardio-oefeningen merk ik meteen dat ik stiekem gerookt heb. Sterk spul. Na een uur is de training afgelopen. Ik heb de gekte weer mooi buiten de deur gehouden vanavond, denk ik.
Ik neem me voor op te schrijven wat ik gezien heb, wat er is, mij te houden aan een precieze beschrijving van de feiten, zoals de schoolmeester van de Nederlandse letteren ons voorschrijft op zijn weblog. Ik ben gevoelig voor autoriteit. Het is jammer dat ik geen vogels tegenkwam onderweg, maar ik ga er niets bij liegen. Dat ontspoort al gauw.
De instructeur zit achter de receptie en wenkt me als ik weg wil gaan.
'Kom eens hier.'
'Wat is er?'
'Je moet niet zien wat er is, Elke.' Hij kijkt me strak aan. 'Je moet kijken naar wat er níet is. Wat je ogen niet kunnen zien. Dáár gaat het om.'
'Nu fucking dát weer.'
'Het gaat er om dat je gelóóft dat het er is.'
Na een tijdje laat hij me gaan, maar niet nadat hij me bevolen heeft The book of Enoch te lezen. Er is maar één waarheid, namelijk. Hij vindt het belangrijk dat ik dat begrijp.
'Jij durft niet buiten jouw pinksterGod te denken,' zeg ik.
'Dat heeft niets met durven te maken, ik wil het niet.'
'En je dúrft niet, want stel, stel nou dat het niet waar is..?'
Maar daar heeft de sportinstructeur geen boodschap aan.
woensdag 30 maart 2016
Liefde
We gingen naar Het jaar van de kreeft de voorstelling van toneelgroep Amsterdam in de Stadsschouwburg. Een decor vol opblaaspoppen met stijve piemels.
We stelden ons ons tienjarige Jeetje voor op het gigantische podium. Met Gijs Scholten van Asschat. en Maria Kraakman. Tussen de piemels. Ze zou meedoen aan de voorstelling. Het contract was al getekend. We waren al op gesprek geweest samen met de ouders van de andere twee meisjes. Met school was alles geregeld. De agenda was vrijgemaakt. Jeetje zou gaan toeren. Ze zou twee avonden per week twee uur lang op het podium staan als het kind Meesje tussen de twee mensen met hun getroebleerde seksuele relatie. Tot laat in de avond. Veel te laat voor Jeetje. Als de voorstelling begon, zou ze normaal al in bed liggen. Maar ze was gevraagd, an offer you can't refuse.
De dag voor haar repetitie begon werd het afgezegd. In de repetities was gebleken dat het sterker zou zijn zonder kind op het toneel. Het ging niet om het kind. Toen ik het boek las, begreep ik al niet zo goed wat Jeetje zou moeten toevoegen aan het toneelstuk. In het boek was het kind ook niet meer dan bijzaak.
'Misschien een andere keer,' zeiden we tegen Jeetje.
'Echt niet,' zei ze. 'Denk maar niet dat ik later ooit nog met Luc Perceval ga werken.'
Het stuk was een dans van mensen die elkaar aantrokken en afstootten, de acteurs gingen uit de kleren en weer in de kleren, ze hadden toneelseks, het was een heftig gebeuren. Jeetje zou in elk geval veel geleerd hebben. Maar of dat nou is wat we haar mee wilden geven? In de Volkskrant werd het toneelstuk afgeserveerd als een saai, repetitief gebeuren en kreeg het twee ballen. In NRC ben je een dief van je eigen geluk als je niet naar die voorstelling gaat en kreeg het maar liefst vijf sterren.
Ik zelf vond het denk ik drie sterren waard. Al die dubbele lagen over onze seksuele moraal, van vroeger en nu, herkende ik er niet zo in. Ik zag gewoon twee ploeterende ongelukkige mensen met een moeizame seksrelatie. Zoals ik om me heen zoveel ploeterende ongelukkige mensen zie met moeizame slechte relaties. Maar dat is in de werkelijkheid waarin niet op zo'n hoog niveau geacteerd wordt, en waar ook de tekst nooit zo fijn droogkomisch en scherp is. In de werkelijkheid is niets om aan te zien.
Het is wachten op de gelukkige mensen met goede vreugdevolle relaties waar de passie vanaf spat. Het is wachten op liefde eigenlijk. Een enorme berg liefde voor iedereen. Dan maakt het ook geen flikker meer uit hoe er geacteerd wordt, noch de tekst is van belang.
We stelden ons ons tienjarige Jeetje voor op het gigantische podium. Met Gijs Scholten van Asschat. en Maria Kraakman. Tussen de piemels. Ze zou meedoen aan de voorstelling. Het contract was al getekend. We waren al op gesprek geweest samen met de ouders van de andere twee meisjes. Met school was alles geregeld. De agenda was vrijgemaakt. Jeetje zou gaan toeren. Ze zou twee avonden per week twee uur lang op het podium staan als het kind Meesje tussen de twee mensen met hun getroebleerde seksuele relatie. Tot laat in de avond. Veel te laat voor Jeetje. Als de voorstelling begon, zou ze normaal al in bed liggen. Maar ze was gevraagd, an offer you can't refuse.
De dag voor haar repetitie begon werd het afgezegd. In de repetities was gebleken dat het sterker zou zijn zonder kind op het toneel. Het ging niet om het kind. Toen ik het boek las, begreep ik al niet zo goed wat Jeetje zou moeten toevoegen aan het toneelstuk. In het boek was het kind ook niet meer dan bijzaak.
'Misschien een andere keer,' zeiden we tegen Jeetje.
'Echt niet,' zei ze. 'Denk maar niet dat ik later ooit nog met Luc Perceval ga werken.'
Het stuk was een dans van mensen die elkaar aantrokken en afstootten, de acteurs gingen uit de kleren en weer in de kleren, ze hadden toneelseks, het was een heftig gebeuren. Jeetje zou in elk geval veel geleerd hebben. Maar of dat nou is wat we haar mee wilden geven? In de Volkskrant werd het toneelstuk afgeserveerd als een saai, repetitief gebeuren en kreeg het twee ballen. In NRC ben je een dief van je eigen geluk als je niet naar die voorstelling gaat en kreeg het maar liefst vijf sterren.
Ik zelf vond het denk ik drie sterren waard. Al die dubbele lagen over onze seksuele moraal, van vroeger en nu, herkende ik er niet zo in. Ik zag gewoon twee ploeterende ongelukkige mensen met een moeizame seksrelatie. Zoals ik om me heen zoveel ploeterende ongelukkige mensen zie met moeizame slechte relaties. Maar dat is in de werkelijkheid waarin niet op zo'n hoog niveau geacteerd wordt, en waar ook de tekst nooit zo fijn droogkomisch en scherp is. In de werkelijkheid is niets om aan te zien.
Het is wachten op de gelukkige mensen met goede vreugdevolle relaties waar de passie vanaf spat. Het is wachten op liefde eigenlijk. Een enorme berg liefde voor iedereen. Dan maakt het ook geen flikker meer uit hoe er geacteerd wordt, noch de tekst is van belang.
donderdag 24 maart 2016
Essentie
Een overbuurman komt zijn huis uit, zijn gezicht behoorlijk rood, overhemd uit zijn broek. Er lopen een stuk of zes vreemde kinderen in zijn portiek, rond zijn in beton gegoten plantenbak met daarin een olijfboom. Dat wil hij niet. Ook als er in de wereld aanslagen plaatsvinden, hoef je dit grenzeloze gedrag niet te pikken. Misschien juist nu niet.
Ik zou het mijn studenten meteen aanraden. Laat je personage niet ontsnappen aan z'n aversie. Positioneer de man die allergisch is voor kinderen in de kinderrijkste straat van heel Europa.
Maar dit is geen fictie.
Een Aziatische vrouw passeert hem. Duidelijk de overdrachtelijke moeder. De man schreeuwt naar haar dat ze die kinderen bij zich moet houden en corrigeren.
Ik sta het tafereel in mijn deuropening te bekijken samen met de buurvrouw. Er was een pakket voor haar bij mij afgeleverd. Ik vraag haar meteen of ze nagellakremover met aceton heeft. De halve ochtend heb ik al aan m'n gelnagels gekrabt, maar het is er nog steeds niet allemaal af. Ze heeft geen aceton. Een andere buurvrouw die net terug komt van essentrics, - en aan mij een pincet vraagt om haar huis binnen te komen, de kinderen hebben met een stokje in haar slot gepoerd, het slot ontwricht - blijkt óók al geen aceton in huis te hebben.
'Waarom was jij deze keer niet bij essentrics?' vraagt ze aan de buurvrouw die het pakje kwam halen.
'Ze zijn weer eens allemaal vrij.'
'Ja, ik kon mijn zoon bij haar kwijt.'
'Ik denk niet dat ze mijn drie jongens er ook nog bij zou willen.'
Ik overhandig het pincet.
De overbuurman staat op wacht voor zijn beknotte boompje en controleert of de party prikkertjes nog allemaal rechtop in de aarde staan. Om de vogels tegen te houden.
Mijn studenten zou ik aanraden de kinderen bij hem, in zijn designhuis, te plaatsen. Alle moeders naar essentrics.
Kijken wat er dan gebeurt.
Abonneren op:
Posts (Atom)