'Kom op, Elke (36)! Het wordt nog iets symptomatisch op deze manier,' zei mijn moeder. 'Je koopt gewoon nóg een bosje bloemen en dan ga je er gewoon even heen en je zegt: Ik schaam me zooo buurvrouw dat ik u al zooo lang niet meer gezien heb. (meer dan 3 maanden) En u bent twee weken geleden nog wel jarig geweest maar ik kon helaas niet komen. Ik moest Optreden, helemaal in Rotterdam, helemaal in de schouwburg, en daarom hebben mijn moeder en mijn Jeetje het bosje bloemen toen gebracht. Ik schaam me zooo, daarom krijgt u nu gewoon nóg een bosje van mij. Dat heeft u verdiend. U bent de beste buurvrouw die we kennen. U heeft laatst weer heerlijke gebakjes voor onze deur gezet. En een kilopak Maltezers. Maar wat heb ik toch allemaal gehoord? Wat heeft u voor plannen? U gaat toch niet naar een bejaardentehuis? Wij kunnen u echt niet missen hoor. Ooo, ik schaam me zooo dat u mij helemaal nooit ziet. Maar buurmeisje heeft het ook zooo druk met werk. Buurmeisje doet echt niets anders dan werken, werken. Werken. Dat is belangrijk, hè? Nu met De Crisis. Buurmeisje heeft wel vaak bij u aangeklopt maar toen was ú er weer niet! Zo lopen we elkaar steeds mis in hetzelfde trappenhuis. Het kan raar lopen in de wereld.'
En toen zei mijn moeder: 'Nou, en dan stap je weer eens op, want je moet koken voor man. Dat begrijpt ze wel. Dan zeg je: Buurvrouw ik moet weer gaan, ik moet nu gaan koken want mijn man komt zo dadelijk thuis van het werk. Die heeft ook heel hard gewerkt.'
Ze zei ook nog: 'Denk erom, Elke! Héél belangrijk: je gaat aan haar linkerkant staan. Zodat jij haar altijd aan haar rechterkant hebt.'
dinsdag 13 oktober 2009
maandag 12 oktober 2009
Alle metro's gaan naar centraal
Ik moet mijn hele verhaal omgooien, ik wil dit idee negeren, maar ik weet dat ik vandaag alles, maar dan ook alles, nog zal moeten veranderen wil het ooit goed worden. Ik heb geen keuze. Vandaag is de deadline. In de ochtend zal ik alleen een uurtje weggaan. Met twee vrienden. Daarna kan ik werken.
Met de metro zullen we naar centraal gaan. Het is bijzonder druk op het metrostation. Waar zijn mijn vrienden nu? Als de overvolle metro stopt, zie ik ze nog net in de wagon stappen. Voordat ik bij de deur ben, is de metro alweer doorgereden. Mijn vrienden weten niet dat ik nog op het perron sta. Ik besluit op de volgende metro te wachten. Maar van de volgende metro weet ik niet zeker of hij wel naar centraal gaat. Totdat ik me mans zalvende stem herinner: 'alle metro's gaan naar centraal, Elke.' Ik laat de mensen netjes uitstappen en ik laat andere mensen voor bij het instappen. Eén mevrouw trekt zich aan mij omhoog om binnen te komen. Ik geef haar een steuntje. En als iedereen eruit is en ik in wil stappen, en me daarbij heel eventjes aan de arm van de mevrouw op wil trekken, trekt de mevrouw haar arm weg. De metro begint te rijden. Zo hard als ik kan, ren ik mee en probeer nog in de rijdende metro te springen. Maar het mislukt.
Ik ga maar vast lopen naar de volgende halte. In de hoop dat mijn vrienden op me zullen wachten op centraal. Mijn mobiele telefoon ligt thuis omdat ik maar een uurtje weg zou zijn. Dus ik kan ze niet bereiken. Ik loop en loop. Ik beland uiteindelijk op een landweggetje. Een boerenlandschap. Een web van landweggetjes. In de verste verte geen metrohalte te bekennen. Waar ben ik? De tijd tikt door. Was ik maar nooit gaan lopen. Was ik maar gewoon blijven staan.
Met de metro zullen we naar centraal gaan. Het is bijzonder druk op het metrostation. Waar zijn mijn vrienden nu? Als de overvolle metro stopt, zie ik ze nog net in de wagon stappen. Voordat ik bij de deur ben, is de metro alweer doorgereden. Mijn vrienden weten niet dat ik nog op het perron sta. Ik besluit op de volgende metro te wachten. Maar van de volgende metro weet ik niet zeker of hij wel naar centraal gaat. Totdat ik me mans zalvende stem herinner: 'alle metro's gaan naar centraal, Elke.' Ik laat de mensen netjes uitstappen en ik laat andere mensen voor bij het instappen. Eén mevrouw trekt zich aan mij omhoog om binnen te komen. Ik geef haar een steuntje. En als iedereen eruit is en ik in wil stappen, en me daarbij heel eventjes aan de arm van de mevrouw op wil trekken, trekt de mevrouw haar arm weg. De metro begint te rijden. Zo hard als ik kan, ren ik mee en probeer nog in de rijdende metro te springen. Maar het mislukt.
Ik ga maar vast lopen naar de volgende halte. In de hoop dat mijn vrienden op me zullen wachten op centraal. Mijn mobiele telefoon ligt thuis omdat ik maar een uurtje weg zou zijn. Dus ik kan ze niet bereiken. Ik loop en loop. Ik beland uiteindelijk op een landweggetje. Een boerenlandschap. Een web van landweggetjes. In de verste verte geen metrohalte te bekennen. Waar ben ik? De tijd tikt door. Was ik maar nooit gaan lopen. Was ik maar gewoon blijven staan.
zondag 11 oktober 2009
Die Mia
We drinken een kopje thee bij ons. We praten over haar verjaardagsfeestje gisteravond, of het nog heel laat is geworden, en de gasten. We bespreken Mia van veertig die absoluut niets met kinderen heeft.
'Ik snap wel dat ze geen kinderen wil,' mompelt de hoogzwangere buurvrouw.
'Als je zo kijkt, is er ook niks aan,' zegt man.
'Nee, inderdaad,' zucht ik.
We kijken onze (mooi opgeruimde) woonkamer rond, waar alle kisten met speelgoed in een mum van tijd zijn omgekeerd, de bank tot een hut is omgetoverd, Jeetje met haar tekengerei op de grond ligt te tekenen. De penetrante lucht van uitwerpselen. De kleinste heeft een doordrenkte luier - tot op zijn ruggetje - al de tweede binnen een uur. De oudste is bezig op het toilet te poepen, met de deur wagenwijd open. 'Ik wil nu kleien!' roept Jeetje.
'Nogal logisch wil Mia niet,' gaat man door. 'Mia ziet alleen maar vermoeide gezichten om zich heen. Iedereen moet vroeg naar huis na een etentje, want 's ochtends om 6 uur begint het feest weer. De krant lezen noemt men een verworvenheid. Nee, Mia lijkt het geen verrijking. Mia is niet gek.'
'Ik snap wel dat ze geen kinderen wil,' mompelt de hoogzwangere buurvrouw.
'Als je zo kijkt, is er ook niks aan,' zegt man.
'Nee, inderdaad,' zucht ik.
We kijken onze (mooi opgeruimde) woonkamer rond, waar alle kisten met speelgoed in een mum van tijd zijn omgekeerd, de bank tot een hut is omgetoverd, Jeetje met haar tekengerei op de grond ligt te tekenen. De penetrante lucht van uitwerpselen. De kleinste heeft een doordrenkte luier - tot op zijn ruggetje - al de tweede binnen een uur. De oudste is bezig op het toilet te poepen, met de deur wagenwijd open. 'Ik wil nu kleien!' roept Jeetje.
'Nogal logisch wil Mia niet,' gaat man door. 'Mia ziet alleen maar vermoeide gezichten om zich heen. Iedereen moet vroeg naar huis na een etentje, want 's ochtends om 6 uur begint het feest weer. De krant lezen noemt men een verworvenheid. Nee, Mia lijkt het geen verrijking. Mia is niet gek.'
vrijdag 9 oktober 2009
Ik zweer dat ik geen tv meer kijk!
Hierbij zweer ik dat ik geen televisie meer kijk omdat ik daar ongelukkig van wordt en ongeïnspireerd door raak. Waarom doe ik het?
Het is er sinds september ergens ingeslopen. Het op de bank hangen. De avond begint met De wereld draait door kijken en zo glijd ik van het ene programma in het andere. Weet ik ineens alles over gamba's, garnalen en scampi's. Maar dat is tenminste nog iets. Meestal kom ik op zo'n avond niets te weten.
Voorheen had ik DWDD nog nooit gezien. Al werd er regelmatig over gepraat en trad ik eens op met de man die er elke week zijn gedichten voorleest.
Het was niets principieels. Ik dacht er gewoon niet aan om televisie te kijken. Ik las een boek. Of ik was de deur uit. Eigenlijk weet ik al niet meer precies wat ik deed. En wat er in Hemelsnaam met mij gebeurd is dat ik nu 's avonds op de bank lig te kijken naar flikkerende paarsrode mensen in een groene gloed. Het is wachten tot de televisie het eindelijk helemaal begeeft. Maar die bakbeesten zijn taai.
DWDD vond ik in het begin nog best leuk om te zien maar ook dat begint repetitief te worden. Na een maand zie ik al steeds dezelfde gasten terugkeren. Dezelfde koppen. Dezelfde onderwerpen. Het is één grote reclameshow. Dat hou ik geen heel televisiejaar vol.
Dat houd ik dus toch vol, dat is het enge, voor ik het weet is het juni en lig ik - met doorligwonden en een draad spuug uit mijn mond - naar de laatste uitzending van het seizoen te staren. En dan de herhalingen.
Het is er sinds september ergens ingeslopen. Het op de bank hangen. De avond begint met De wereld draait door kijken en zo glijd ik van het ene programma in het andere. Weet ik ineens alles over gamba's, garnalen en scampi's. Maar dat is tenminste nog iets. Meestal kom ik op zo'n avond niets te weten.
Voorheen had ik DWDD nog nooit gezien. Al werd er regelmatig over gepraat en trad ik eens op met de man die er elke week zijn gedichten voorleest.
Het was niets principieels. Ik dacht er gewoon niet aan om televisie te kijken. Ik las een boek. Of ik was de deur uit. Eigenlijk weet ik al niet meer precies wat ik deed. En wat er in Hemelsnaam met mij gebeurd is dat ik nu 's avonds op de bank lig te kijken naar flikkerende paarsrode mensen in een groene gloed. Het is wachten tot de televisie het eindelijk helemaal begeeft. Maar die bakbeesten zijn taai.
DWDD vond ik in het begin nog best leuk om te zien maar ook dat begint repetitief te worden. Na een maand zie ik al steeds dezelfde gasten terugkeren. Dezelfde koppen. Dezelfde onderwerpen. Het is één grote reclameshow. Dat hou ik geen heel televisiejaar vol.
Dat houd ik dus toch vol, dat is het enge, voor ik het weet is het juni en lig ik - met doorligwonden en een draad spuug uit mijn mond - naar de laatste uitzending van het seizoen te staren. En dan de herhalingen.
donderdag 8 oktober 2009
Lof op het onuitgesprokene
The last conversation gezien in het filmmuseum. En halverwege deed ik mijn ogen dicht bij de beelden van het asfalt en ging ik zuchten van het beeld van het hoofd van de dame - haar oor of haar kin belicht - die in de auto zit op weg ergens naartoe. Ze heeft het net uitgemaakt met haar minnaar en heeft hem de hele weg aan de telefoon. Dat behelst de film. Opgenomen in 1 take. De dame houdt zich goed dus het drama is alleen maar voelbaar. Alles blijft onuitgesproken. Dat moet goed zijn, dacht ik. Geweldige acteerprestatie ook. Het is heel erg voelbaar allemaal. Onderhuids. Spanning. Vanaf het allereerste moment. En die lange beelden van asfalt geven aan dat ze zich grijzig voelt. Overreden misschien. En die steeds terugkerende beelden van stroomdraden langs de weg. Ook hartstikke veelzeggend.
Dat ik hevig verlang naar een Amerikaanse comedy ligt aan mij. Dat ik de zaal uit wil rennen, het grote licht aandoen of de tape in een rot tempo vooruit wil spoelen. Het is precies de bedoeling dat deze film dat bij mij oproept. Het claustrofobische. Als je in zo'n rottige situatie zit als die mevrouw daar op het witte doek, wil je daar alleen maar uit ontsnappen. Zij had het ook anders gewild maar haar leven is nu eenmaal een experimentele arthouse film.
Daar, in het pikdonker gezeten, bedacht ik dat het toch niet leuk is om alleen maar ellende en wanhoop over je publiek uit te storten. Ik voel dat ikzelf langzaam maar zeker in de richting van het happy end begin te gaan, de traditionele vertelvorm. De hoop. Het leven.
Dat ik hevig verlang naar een Amerikaanse comedy ligt aan mij. Dat ik de zaal uit wil rennen, het grote licht aandoen of de tape in een rot tempo vooruit wil spoelen. Het is precies de bedoeling dat deze film dat bij mij oproept. Het claustrofobische. Als je in zo'n rottige situatie zit als die mevrouw daar op het witte doek, wil je daar alleen maar uit ontsnappen. Zij had het ook anders gewild maar haar leven is nu eenmaal een experimentele arthouse film.
Daar, in het pikdonker gezeten, bedacht ik dat het toch niet leuk is om alleen maar ellende en wanhoop over je publiek uit te storten. Ik voel dat ikzelf langzaam maar zeker in de richting van het happy end begin te gaan, de traditionele vertelvorm. De hoop. Het leven.
woensdag 7 oktober 2009
Het hoosde
Vandaag hebben ze het trottoir recht voor onze deur opengemaakt, uitgegraven en viel ik bij mijn eerste stap naar buiten, op weg naar het bloedprikken, languit in een modderige loopgraaf.
Terwijl even later de regen op het dak kletterde en het bloed uit mij stroomde, dacht ik aan hoe ik de gouden griffel in ontvangst zou nemen en wat ik dan aantrek. Dat is altijd al mijn plan geweest. Het kan nog een hele tijd duren voor ik 'm win. Maar ik zal ooit eens een kinderboek schrijven en dan dus die griffel op moeten komen halen. Misschien als Jeetje een jaar of tien is. Toen werd de juffrouw van het bloedprikken plotseling verschrikkelijk kwaad omdat ze te weinig betaald kreeg voor het werk dat ze deed en ze begon te roepen dat haar leidinggevenden maar vergaderden en/of koffiedronken.
'Maar u prikt heel goed,' zei ik.
'O, echt?'
'Ik heb nog nooit zo'n goede prikker meegemaakt.'
'Dank je.' Ze bloosde.
En aan blozen kun je tegenwoordig geopereerd worden. Zodat de wangen onder alle omstandigheden dezelfde kleur blijven behouden.
Terwijl even later de regen op het dak kletterde en het bloed uit mij stroomde, dacht ik aan hoe ik de gouden griffel in ontvangst zou nemen en wat ik dan aantrek. Dat is altijd al mijn plan geweest. Het kan nog een hele tijd duren voor ik 'm win. Maar ik zal ooit eens een kinderboek schrijven en dan dus die griffel op moeten komen halen. Misschien als Jeetje een jaar of tien is. Toen werd de juffrouw van het bloedprikken plotseling verschrikkelijk kwaad omdat ze te weinig betaald kreeg voor het werk dat ze deed en ze begon te roepen dat haar leidinggevenden maar vergaderden en/of koffiedronken.
'Maar u prikt heel goed,' zei ik.
'O, echt?'
'Ik heb nog nooit zo'n goede prikker meegemaakt.'
'Dank je.' Ze bloosde.
En aan blozen kun je tegenwoordig geopereerd worden. Zodat de wangen onder alle omstandigheden dezelfde kleur blijven behouden.
dinsdag 6 oktober 2009
Koorddansen
Vrachtwagens denderden, trams reden, auto's raasden vanmorgen vroeg over de Rijnstraat. En fietsers met kinderen voor- en achterop haastten zich naar de basisscholen. Daartussen laveerde, in z'n eentje, de dronken man in een gebreide trui. Hij probeerde over te steken. Als een koorddanser.
Mijn optreden in de Rotterdamse schouwburg ging goed. Telkens weer als ik op een podium sta, verbaas ik me dat ik er sta maar meer nog dat ik het leuk vind om er te staan. Dat ik het leuk vind om mijn tekst over te brengen op een publiek. Dat ik de tijd wil nemen om het hele verhaal uit de doeken te doen. Het is zoveel leuker het zelf onder controle te hebben.
Hoe vaak heb ik niet machteloos in een zaal zitten kijken naar mijn eigen toneelstukken en maar afwachten wat de acteurs met de tekst deden. Of ze bijvoorbeeld over de muziek heen konden komen die regisseur erbij bedacht had.
Telkens weer als ik op een podium sta, ben ik ook weer zo blij als ik er af ben. Daar niet van.
Maar die dronken man. Zou hij nu nog steeds aan het trachten zijn die overkant te bereiken? Het verkeer ontspringend, zijn evenwicht bewarend.
Mijn optreden in de Rotterdamse schouwburg ging goed. Telkens weer als ik op een podium sta, verbaas ik me dat ik er sta maar meer nog dat ik het leuk vind om er te staan. Dat ik het leuk vind om mijn tekst over te brengen op een publiek. Dat ik de tijd wil nemen om het hele verhaal uit de doeken te doen. Het is zoveel leuker het zelf onder controle te hebben.
Hoe vaak heb ik niet machteloos in een zaal zitten kijken naar mijn eigen toneelstukken en maar afwachten wat de acteurs met de tekst deden. Of ze bijvoorbeeld over de muziek heen konden komen die regisseur erbij bedacht had.
Telkens weer als ik op een podium sta, ben ik ook weer zo blij als ik er af ben. Daar niet van.
Maar die dronken man. Zou hij nu nog steeds aan het trachten zijn die overkant te bereiken? Het verkeer ontspringend, zijn evenwicht bewarend.
Abonneren op:
Posts (Atom)