maandag 23 augustus 2010

Zin!!

Ik heb - na maanden - eindelijk weer zin! Lust! Het jeukt! Of nou ja: er is weer wat ruimte voor. Dat voel ik. In mijn hoofd. In mijn lijf.
Feitelijk begon het afgelopen zaterdag. Met het lezen van het artikel van Arnon Grunberg in NRC. Over zijn moeder die in het ziekenhuis is beland. Hoe hij alles wat er gebeurt in zijn leven gebruikt. Schaamteloos gebruikt. Dat is heerlijk. Dat is vrijheid. En hij doet het met schwung. Daarna las ik de nieuwe verhalenbundel van Remco Campert. Om vijf uur in de middag.
Het ziet er zo licht uit. Zo simpel. De woorden sprankelen. De personages die nooit tot hun kern komen maar daar eeuwig omheen cirkelen.
Ik ben me aan het verheugen op het nieuwe boek van Esther Gerritsen. Superduif. Dat komt begin september uit, maar ik zal het eerder in handen hebben. Misschien wel vandaag. Als het een keertje ophoudt met regenen. 'Bonnie weet al op jonge leeftijd dat ze voorbestemd is om uit te stijgen boven de middelmaat. Op haar elfde springt ze over een tuinhekje, en een aantal seconden blijft ze zweven. Niet veel later ziet ze hoe haar lichaam transformeert tot een gigantische, oerlelijke duif.'
Ik wil weten hoe dat verder gaat. Hoe ze dat oplost of beter gezegd inlost. Ik las een voorpublicatie. Het lezen van haar boeken inspireert. Omdat het plezier er van af spat. Zoals bij Grunberg, zoals bij Campert.
Verder kijk ik uit naar de eerste roman van Sanneke van Hassel. Nest die deze week gepresenteerd wordt. Haar precieze taalgebruik. De minitueuze beschrijvingen van concrete zaken. Er zal nooit met woorden geknoeid worden. Daar heb ik behoefte aan. Hier een voorproefje. Ik wil heel graag lezen hoe zij na twee verhalenbundels een roman in elkaar gezet heeft.
Twee weken geleden wilde ik beginnen aan Eline Vere van Couperus. Maar daar was het toen nog te vroeg voor. Ik viel bij de beschrijving van het tableaux vivant al op de bank in slaap.
'Hoofdpijn', mompelde ik. 'Ik heb hoofdpijn.'

zaterdag 21 augustus 2010

Ik zit erbij

'We vervééélen ons,' zegt Jeetje als we net op het strandje zitten. 'We willen naar huis.'
'Wat wil je thuis doen?'
'Make-uppen.'
'Kom op Jee, je hebt helemaal geen make-up. En je vindt er ook niks aan!'
Voor me staat een meisje in een roze badpakje met hartjes. Het is mijn Jeetje. Het moet mijn Jeetje zijn. Ze is vijf. Het lijkt of ze onlangs vijftien geworden is en met rasse schreden afstand neemt van haar wereld. Van mij. Van alles wat ze vroeger leuk vond. Het nieuwe zesjarige vriendinnetje knippert met haar ogen en doet haar haren achter haar oor. Ze heeft een roze bikini met bovenstukje en rokje.
'Zij heeft alles mooier,' zegt Jeetje. 'Zij heeft een mooier badpak. Zij heeft mooiere kleren. Zij heeft een mooiere tas. Zij heeft een mooiere slaapkamer. Zij ís ook mooier.' Jeetje plukt aan haar badpakje. Het meisje fluistert iets in haar oor.
Ik zit erbij en kijk ernaar.

vrijdag 20 augustus 2010

Thuis

De tram bracht mij in zeven minuten strak naar Amsterdam centraal. Daar zette ik het op een lopen.
Ik waadde door dikke patat- en wietluchten en mensenzweet. Ik botste tegen schouders, ellebogen. Uitpuilende rugzakken drukten in mijn gezicht. Ik ontweek de hulpeloze blikken, de grimassen van kortgerokte bardames en de uitgeputte gezichten van de mannen en vrouwen in kniebroeken in de wachtrij voor het museum met plastic poppen. Ik rende langs winkelruiten. Ik marcheerde door steegjes. Ik bekeek de scheve huizen. Het water. De mensen op de terrasjes. De bekende Nederlanders op de fiets. De omgeving werd allengs bekender. Mijn pas vertraagde. Ik haalde diep adem. Voor mij lag de wereld. Recht voor mij. Ik was er bijna.

woensdag 18 augustus 2010

Het vertrekgevoel

Mijn personages zeggen natuurlijk niet voor niets om de haverklap 'Ik ga weg' of 'Ik wil hier weg.' Dat hebben ze van mij.
Dat ze niet gaan, hebben ze ook van mij. Gisterenmiddag kwam ik tot de visboer net over de brug. Ik keek uit over het IJsselmeer. Met vier ons kabeljauw kwam ik weer thuis. Waar man begon met de bereiding ervan. Jeetje sesamstraat keek. Deetje haar lipjes aflikte zodra ze mij zag.
'Dit is het begin van een minstens twee jaar durende depressie,' zei ik.
'Je hebt slaap nodig,' zei man.

Het geluk van twee kinderen is dat je heel vroeg gaat slapen en dan om het uur gewekt wordt door één van de twee. Troosten, verschonen, dorst lessen, nachtmerrie, mug, speentje, etcetera.
Wij, in het holst van de nacht, in de weer met ons kroost. Onder het aanhoudende gebrom van een luchtverversingssysteem.

dinsdag 17 augustus 2010

Hol

In dit huis klinkt alles nog hol. Zelfs mijn vingers die zacht op de toetsen tikken. Alsof ik op een ouderwetse typemachine aan het rammen ben. Ik krijg er hoofdpijn van. De dag is net begonnen, maar binnen moeten de lichten al aan. Ik heb mijn o zo verlangde uurtje alleen. Waarvan ik eerder dacht dat het er nooit meer van zou komen. Deetje slaapt nog. Jeetje is voor het eerst van haar leven naar de naschoolse opvang. Man is naar het werk gereden. Ik kan iets gaan schrijven. Ik zou van alles kunnen gaan doen, dan eindelijk. Maar helaas ben ik hedenochtend net zo hol als dit huis.
Marjoleine de Vos schrijft in haar column in NRC: 'Taal kan heel verhullend en onoprecht zijn. Dus dan zeggen we: ik kijk wel naar wat ze doen. Dat is vaak verstandig. Mensen zijn wat ze doen, niet wat ze zeggen.'

zondag 15 augustus 2010

Drie dialoogjes op zondag

'Jeetje, heb jij de koektrommel leeggegeten?'
'Nee? Hoezo?'
'Nou, de koektrommel is leeg.'
'O, en jij wou mij zeker net een koekje geven?'

'Jeetje, wat zie ik nu! Jij hebt die afwrijfplaatjes op de muur van je kamer geplakt!'
Jeetje buigt haar hoofd alvast.
'En wij hebben de muren net gewit! En alles!'
'Ik wist niet dat het niet mocht.' Een traan rolt over haar wang.
'Dat wist jij heel goed!'
'Ik wou roze in mijn kamer. En de plaatjes zijn roze,' fluistert ze.

'Mama, waarom was jij op de radio?' vraagt Jeetje.
'Omdat ik schrijf.'
'Maar wat ging jij daar dan doen?'
'Ik kwam daar om te vertellen over mijn boek.'
'Alwéér over dat boek?'
'Ja.'
'Maar een boek is toch om te lezen?'

vrijdag 13 augustus 2010

Nachtvluchten

Morgenochtend van 06.00 tot 07.00 ben ik te gast in het programma Nachtvluchten op radio 1.
Dus voor de vroege vogel onder ons...
Ik ben zelf eigenlijk wel heel benieuwd naar wat ik allemaal ga zeggen, morgen zo vroeg.