Ze is vijfenveertig jaar. We hebben een onderhoudend gesprekje over het weer en wat we gaan doen dit weekend. Precies op het moment dat ze in een kleine bijzin zegt dat ze ze zelf niet heeft, maar wel graag kinderen had gewild, snijdt de pedicure het vel van mijn grote teen.
'Eh, daar doet het geloof ik een beetje pijn,' zeg ik.
'O?' Ze stopt haar snijwerkzaamheden. 'Waar?'
Ik wijs naar de plek. Het bloedt best.
'De huid mag er wel op blijven zitten,' zeg ik. 'Haal maar alleen het eelt weg.'
Ze lacht. We lachen. Ze drenkt een doekje in de alcohol en dept het op de wond.
'Dat is nodig,' zegt ze.
Nu heb ik twee pleisters om mijn grote teen. 'Als een shawltje,' zei de pedicure. Ze heeft het shawltje wel erg strak eromheen geplakt. Ik begin me af te vragen hoe het zit met de bloedstoevoer. Volgens mij oogt-ie al wat blauwig. De nagels zijn wel voor het eerst in hun leven alle tien glanzend zachtroze. 'Dan zijn ze tenminste mooi als jullie samen in Palermo zijn,' had ze gezegd.
dinsdag 7 juni 2011
maandag 6 juni 2011
Vrijheid & nachtmerries
We gaan binnenkort drie dagen naar Palermo en zullen dan voor het eerst in twee jaar zonder kind zijn. Het is het beste idee in tijden, volgens iedereen. Dan kunnen we uitslapen, heel langdurig tafelen, door de stad slenteren zonder plan, zonder tijd. Maar met de telefoon in de handtas. Mijn hand erop. Al kan ik nooit snel terug zijn als ze me nodig heeft. En die gigantische kiezen boren zich momenteel nog wel zonder genade door haar vlees heen. Maar ik zal het niet zijn die het verzachtende goedje 's avonds in haar bekje smeert. Er is niemand, nee echt niemand, op de wereld die zo precies begrijpt wat ze bedoelt. Ja, dan zal het mormeltje zich nu voor eens en altijd eens goed leren uitdrukken, wil je zeggen. Dan komt ze met dat halfbakken taaltje waarin ze alles 'boek' noemt, niet ver.
Ik weet wanneer ze dorst heeft, ook als ze doet alsof ze geen dorst heeft. Dan is het haar aangeboden in de verkeerde beker. Vaak wil ze het water gewoon uit een glas. Uit exact hetzelfde glas als ik. Ik weet alles van haar. Maar ik ga. Al is ze dertien maanden oud.
Niet dat we zo nodig naar Palermo moeten. Ik heb nooit eerder aan die stad gedacht. We gaan enkel naar Palermo omdat dat zo vreselijk goedkoop was en de tijden gunstig. Maar ik zal 'Retour Palermo' van Philip Snijder aanschaffen. Ik las afgelopen zaterdag over hem in in het VK Magazine. Ik begreep heel goed wat hij allemaal bedoelde.
Ik heb het nog niet eens over de hele erge dingen gehad die er onderweg kunnen gebeuren.
'Ik had het wel fijn overdag maar 's nachts had ik last van hele heftige nachtmerries,' zei een vriendin vandaag, 'toen ik van ze wegvloog.'
Ik geloof dat het bij mij nu al begonnen is.
Ik weet wanneer ze dorst heeft, ook als ze doet alsof ze geen dorst heeft. Dan is het haar aangeboden in de verkeerde beker. Vaak wil ze het water gewoon uit een glas. Uit exact hetzelfde glas als ik. Ik weet alles van haar. Maar ik ga. Al is ze dertien maanden oud.
Niet dat we zo nodig naar Palermo moeten. Ik heb nooit eerder aan die stad gedacht. We gaan enkel naar Palermo omdat dat zo vreselijk goedkoop was en de tijden gunstig. Maar ik zal 'Retour Palermo' van Philip Snijder aanschaffen. Ik las afgelopen zaterdag over hem in in het VK Magazine. Ik begreep heel goed wat hij allemaal bedoelde.
Ik heb het nog niet eens over de hele erge dingen gehad die er onderweg kunnen gebeuren.
'Ik had het wel fijn overdag maar 's nachts had ik last van hele heftige nachtmerries,' zei een vriendin vandaag, 'toen ik van ze wegvloog.'
Ik geloof dat het bij mij nu al begonnen is.
vrijdag 3 juni 2011
Glad vergeten
Ik stond tot aan mijn knieën in een meer in de waterleidingduinen voor me uit te dromen. Het was een prachtige dag. Het water was gek genoeg oceaangroen. De lucht was strakblauw en ik had uitzicht op de duinen. Het zonlicht schitterde. Ik was gelukkig. Toen keek ik naar mijn voeten, en daar op de bodem van het meer, zat ze. Met een grote luier vastgezogen op het zand. Haar wangen wit en bol. Haar donkerbruine haren recht omhoog. Haar ogen open en groot en bevroren. En ik weet nog dat ik dacht: ze moet hier al minstens een half uur zo zitten. Of een uur. Hoe lang sta ik hier al?
donderdag 2 juni 2011
Jeetje
'Hoe noem je dat nou ook alweer. Zo'n vriendje in je hoofd?' vroeg Jeetje tijdens het tandenpoetsen.
'Een imaginair vriendje?'
'O, ja.'
'Wat is daarmee?'
'God is dus eigenlijk een imaginair vriendje?'
'Vind ik wel een goeie.'
Jeetje is zes en vindt imaginaire vrienden normaal. Ze heeft er zelf geen. Maar haar vriendinnetje heeft er wel één. En daar hebben ze het gewoon over.
Voor de trouwe lezer van dit weblog was dit weer een 'Jeetje stukje'. Een gouwe ouwe. Sinds 2007, sinds ze 2 is, staan de gesprekjes tussen ons hier genoteerd. Verhaaltjes over mijn eerste schreden op het pad van moederschap. Haar eerste schreden in de wereld. De interactie tussen moeder en dochter. Van die dingen. Maar ik merk dat de Jeetjesstukken voorbij aan het gaan zijn. De Jeetjes worden spaarzamer. Ze veranderen wezenlijk. Jee gaat naar groep drie nu. Ze kan zelf al aardig lezen. De gesprekken worden meer privé misschien? Of het komt omdat er sinds vorig jaar ook een Deetje is?
Wat Deetje allemaal gaat zeggen weten we nog niet.
Zij openbaart zich nu als een groot liefhebster van boeken, ze komt mij er de godsganse dag één brengen om voor te lezen.
Ze kwispelt daarbij en roept: 'boek, boek, boek!' Zo herinnert Deetje mij ook aan mijn andere taak.
Deetje heeft trouwens ook een enorme liefde voor telefoons. Ze houdt alles wat ze in haar hand heeft aan haar oor en zegt: 'Hallo, hallo!' Terwijl ik toch een erge hekel heb aan bellen.
Ter illustratie nog een Smeerkaasfilmpje op de site van Torpedo magazine. En gisteren in het Parool.
'Een imaginair vriendje?'
'O, ja.'
'Wat is daarmee?'
'God is dus eigenlijk een imaginair vriendje?'
'Vind ik wel een goeie.'
Jeetje is zes en vindt imaginaire vrienden normaal. Ze heeft er zelf geen. Maar haar vriendinnetje heeft er wel één. En daar hebben ze het gewoon over.
Voor de trouwe lezer van dit weblog was dit weer een 'Jeetje stukje'. Een gouwe ouwe. Sinds 2007, sinds ze 2 is, staan de gesprekjes tussen ons hier genoteerd. Verhaaltjes over mijn eerste schreden op het pad van moederschap. Haar eerste schreden in de wereld. De interactie tussen moeder en dochter. Van die dingen. Maar ik merk dat de Jeetjesstukken voorbij aan het gaan zijn. De Jeetjes worden spaarzamer. Ze veranderen wezenlijk. Jee gaat naar groep drie nu. Ze kan zelf al aardig lezen. De gesprekken worden meer privé misschien? Of het komt omdat er sinds vorig jaar ook een Deetje is?
Wat Deetje allemaal gaat zeggen weten we nog niet.
Zij openbaart zich nu als een groot liefhebster van boeken, ze komt mij er de godsganse dag één brengen om voor te lezen.
Ze kwispelt daarbij en roept: 'boek, boek, boek!' Zo herinnert Deetje mij ook aan mijn andere taak.
Deetje heeft trouwens ook een enorme liefde voor telefoons. Ze houdt alles wat ze in haar hand heeft aan haar oor en zegt: 'Hallo, hallo!' Terwijl ik toch een erge hekel heb aan bellen.
Ter illustratie nog een Smeerkaasfilmpje op de site van Torpedo magazine. En gisteren in het Parool.
woensdag 1 juni 2011
Slavernijperiode
Ik zit weer eens in zo'n slavernij-periode. Daar schaam ik me altijd een beetje voor. Want het kan haast niet pathetischer. Het is een obsessie. Zoals pubers dat vaak hebben met zeehondjes.
Na het lezen van To Kill a Mockingbird van Harper Lee en daarna meteen Het Negerboek van Lawrence Hill heb ik het weer flink te pakken. Als kind kreeg ik het na het lezen van De negerhut van oom Tom en het zien van de televisieseries Roots en North and South. Bij Roots heb ik heel wat tranen geplengd. Gisteren kreeg ik de serie op DVD binnen, en ook het boek van Alex Haley waar de serie op gebaseerd is. (Naast De bekende wereld van Edward P. Jones en de Nederlandse slavenhandel van P.C. Emmer.)
Maar ik ben eindelijk begonnen in Agaat van Marlene Niekerk. Vorig jaar kreeg ik het boek cadeau, en nu ben ik er helemaal klaar voor.
Al heb ik de hele nacht gedroomd van Kunta Kinte, hoofdpersonage van de serie Roots, die op het slavenschip vervoerd werd naar Virginia. De serie is uit 1977 dus enorm traag en erg theatraal. Lachwekkend bijna. Maar ik werd er al gauw weer door bevangen, zoals ik er als kind door werd bevangen. Ik geloof dat het me momenteel om dat gevoel gaat.
Na het lezen van To Kill a Mockingbird van Harper Lee en daarna meteen Het Negerboek van Lawrence Hill heb ik het weer flink te pakken. Als kind kreeg ik het na het lezen van De negerhut van oom Tom en het zien van de televisieseries Roots en North and South. Bij Roots heb ik heel wat tranen geplengd. Gisteren kreeg ik de serie op DVD binnen, en ook het boek van Alex Haley waar de serie op gebaseerd is. (Naast De bekende wereld van Edward P. Jones en de Nederlandse slavenhandel van P.C. Emmer.)
Maar ik ben eindelijk begonnen in Agaat van Marlene Niekerk. Vorig jaar kreeg ik het boek cadeau, en nu ben ik er helemaal klaar voor.
Al heb ik de hele nacht gedroomd van Kunta Kinte, hoofdpersonage van de serie Roots, die op het slavenschip vervoerd werd naar Virginia. De serie is uit 1977 dus enorm traag en erg theatraal. Lachwekkend bijna. Maar ik werd er al gauw weer door bevangen, zoals ik er als kind door werd bevangen. Ik geloof dat het me momenteel om dat gevoel gaat.
dinsdag 31 mei 2011
Voor jezelf opkomen
Deetje is een week geleden gebeten door een jongetje dat haar het duploblokje niet gunde. Er zit een flinke korst op haar bovenarm.
'Gelukkig begint Deetje nu wel iets meer voor zichzelf op te komen,' zegt de crèchejuffrouw.
'Ik dacht dat zij al goed voor zichzelf opkwam,' zeg ik.
'Nou nee hoor,' zegt ze. 'Deetje is altijd heel lief.'
'O. Ik dacht: deze komt tenminste voor zichzelf op. Haar zus deed dat namelijk niet zo goed.'
'Laat ik het zo zeggen: ten opzichte van de andere kindjes hier is Deetje altijd even vriendelijk en meegaand,' zegt de juffrouw.
Ik kijk naar de valse Amsterdamse loedertjes op de vloer die, als je niet oppast, ieder moment van zich af kunnen gaan bijten.
'Ze kan wel wat hardhandig zijn hoor,' zegt de juffrouw.
'Gelukkig!'
'Maar dat bedoelt ze nooit slecht,' gaat ze door. 'Het is gewoon dat ze haar eigen kracht nog niet kent.'
Deetje is een sterke, vrolijke, lieve baby die goed voor zichzelf op begint te komen. Gisteravond plukte ik haar van de derde traptree af. Ze zette het op een krijsen en begon mij met vlakke hand in het gezicht te timmeren.
Maar het is wat anders om tegenover je moeder voor jezelf op te komen dan tegenover de rest van de wereld.
'Gelukkig begint Deetje nu wel iets meer voor zichzelf op te komen,' zegt de crèchejuffrouw.
'Ik dacht dat zij al goed voor zichzelf opkwam,' zeg ik.
'Nou nee hoor,' zegt ze. 'Deetje is altijd heel lief.'
'O. Ik dacht: deze komt tenminste voor zichzelf op. Haar zus deed dat namelijk niet zo goed.'
'Laat ik het zo zeggen: ten opzichte van de andere kindjes hier is Deetje altijd even vriendelijk en meegaand,' zegt de juffrouw.
Ik kijk naar de valse Amsterdamse loedertjes op de vloer die, als je niet oppast, ieder moment van zich af kunnen gaan bijten.
'Ze kan wel wat hardhandig zijn hoor,' zegt de juffrouw.
'Gelukkig!'
'Maar dat bedoelt ze nooit slecht,' gaat ze door. 'Het is gewoon dat ze haar eigen kracht nog niet kent.'
Deetje is een sterke, vrolijke, lieve baby die goed voor zichzelf op begint te komen. Gisteravond plukte ik haar van de derde traptree af. Ze zette het op een krijsen en begon mij met vlakke hand in het gezicht te timmeren.
Maar het is wat anders om tegenover je moeder voor jezelf op te komen dan tegenover de rest van de wereld.
maandag 30 mei 2011
De vader die lachte
Op de deur van de kleedkamer hangt een briefje: alleen voor dames, dus ook geen vaders. De vader zit er toch, wijdbeens, in een grote outdoorbroek. Hij heeft een zongebruind hoofd en gespierde armen onder zijn strakke jungleshirt. Hij lacht naar ons, de moeders die hun naakte, rillende meisjes afdrogen na de zwemles. Het driejarig dochtertje drentelt door de ruimte en vraagt steeds waar Lisa blijft.
'Die komt wel,' zegt vader en hij strijkt door zijn haar. 'Op een keer moet Lisa toch onder de douche uitkomen.' Hij grinnikt. Hij heeft de tijd. Als de moeders de meisjes al in hun schoenen helpen, loopt de driejarige zelf naar de douches om zus Lisa op te halen.
'Domme papa!' is het eerste dat Lisa zegt als ze de kleedkamer binnenkomt.
Vader lacht. Lisa schatert het uit.
'Domme papa!' roept Lisa nog een paar keer. De driejarige doet mee.
'Ik droog je wel mooi af,' Vader stroopt Lisa's badpak af. Er komt een hangbuik tevoorschijn. Met putjes erin.
'Dombo, dombo, dombo!' De meisjes dansen om hun vader.
'Kom, we hebben heerlijke appeltaart thuis,' zegt hij.
'Maar daar krijg jij niks van!' zegt Lisa.
'O,' zegt vader.
'Nee, en ik ga je in elkaar slaan met een hamer,' zegt Lisa. 'Dan sla ik je helemaal in stukken. Krak. Krak.'
Vader lacht en droogt zijn dochter af. Ze hebben lol samen.
'En jij krijgt niks van de appeltaart,' zegt Lisa. 'Niks!' echoot de driejarige.
'Als ik geen appeltaart krijg, draai ik dadelijk ook geen K3 in de auto,' zegt vader.
'Dat hoeft ook he-le-maal niet,' zegt Lisa. En ze ligt in een deuk. Vader knipoogt naar de moeders die één voor één de kleedkamer verlaten.
Op de terugweg zeg ik tegen Jeetje dat ik vond dat Lisa wel erg brutaal deed tegen haar vader.
'Maar die vader lachte steeds,' zegt Jeetje. 'Waarom deed hij dat eigenlijk?'
'Die komt wel,' zegt vader en hij strijkt door zijn haar. 'Op een keer moet Lisa toch onder de douche uitkomen.' Hij grinnikt. Hij heeft de tijd. Als de moeders de meisjes al in hun schoenen helpen, loopt de driejarige zelf naar de douches om zus Lisa op te halen.
'Domme papa!' is het eerste dat Lisa zegt als ze de kleedkamer binnenkomt.
Vader lacht. Lisa schatert het uit.
'Domme papa!' roept Lisa nog een paar keer. De driejarige doet mee.
'Ik droog je wel mooi af,' Vader stroopt Lisa's badpak af. Er komt een hangbuik tevoorschijn. Met putjes erin.
'Dombo, dombo, dombo!' De meisjes dansen om hun vader.
'Kom, we hebben heerlijke appeltaart thuis,' zegt hij.
'Maar daar krijg jij niks van!' zegt Lisa.
'O,' zegt vader.
'Nee, en ik ga je in elkaar slaan met een hamer,' zegt Lisa. 'Dan sla ik je helemaal in stukken. Krak. Krak.'
Vader lacht en droogt zijn dochter af. Ze hebben lol samen.
'En jij krijgt niks van de appeltaart,' zegt Lisa. 'Niks!' echoot de driejarige.
'Als ik geen appeltaart krijg, draai ik dadelijk ook geen K3 in de auto,' zegt vader.
'Dat hoeft ook he-le-maal niet,' zegt Lisa. En ze ligt in een deuk. Vader knipoogt naar de moeders die één voor één de kleedkamer verlaten.
Op de terugweg zeg ik tegen Jeetje dat ik vond dat Lisa wel erg brutaal deed tegen haar vader.
'Maar die vader lachte steeds,' zegt Jeetje. 'Waarom deed hij dat eigenlijk?'
Abonneren op:
Posts (Atom)