Bewijs dat u een mens bent, wordt mij hedenochtend door blogger gevraagd. Ik kan niet verder als ik mijn menszijn niet aan kan tonen.
Er moet van alles gebeuren met dit blog, achter de schermen, want anders is mijn account op dertig mei weg, zo waarschuwen ze mij al steeds. Ik haat veranderingen, altijd maar weer die kut-veranderingen waar ik niet om vroeg. Het was toch allemaal goed zo. Blijkbaar was het niet goed zo. Er moest grondig gerenoveerd worden.
Ik had stukjes in mijn hoofd over de reis naar de dierentuin die ik gisteren maakte, hoe ik mijn redacteur in de tram trof, hoe ik een les mee turnde en 's avonds het literaire spektakel bijwoonde in het Torpedotheater. Drie verschillende werelden op één dag. Het moest niet veel gekker worden. Ik had ook nog een tot nadenken stemmend artikel gelezen in de Groene over schrijvers en de middenklasse. Daar wilde ik nog iets mee.
Maar het regent nu. Het zeikt. De lucht is grijs. En ik moet bewijzen dat ik een mens ben. Dat gaat twee keer fout. Uiteindelijk word ik dan op het nippertje als mens beschouwd, hoezee, maar daar heb ik geen donder aan, want nog steeds kan ik niet geactiveerd worden, zeggen ze. En als ik na dertig mei niet meer hier te lezen ben, dan weet u hoe het komt. Dan ben ik toch niet geaccepteerd, als volwaardig mens met een gebruikersnaam en een wachtwoord.
zaterdag 28 april 2012
donderdag 26 april 2012
Waar is het goed voor?
Wachtend bij de tramhalte, regen en windstoten, schreef ik een vriendin dat we vooral niet moesten vergeten dat het leven toch ook leuk moest zijn. Het genieten en zo. Voor je het weet jakker je maar door. Tot er niks meer te jakkeren valt. De vraag waar is het allemaal goed voor dringt zich op.
Waar is het allemaal goed voor?
In mijn klasje - er zaten zeven cursisten - zat er één steeds te gapen. Ze deed het met veel geluid, telkens als ik dacht dat het voorbij was, kwam er weer zo'n geeuw. Het moest een enorm vermoeide vrouw zijn. Hier kwam ze bij van haar jachtige leven. Eén keer, toen ze niet gaapte en ik voorzichtig haar kant op keek, betrapte ik haar erop dat ze met haar ogen dicht zat. Nog wel rechtop. In haar dromen is ze het dichtst bij de literatuur, dacht ik. En: het is goed zo. De cursiste zag er met haar ogen dicht lief uit. Als ze sliep, gaapte ze tenminste niet. Al hoopte ik wel dat ik haar na de les nog wakker kon krijgen. Toen ik de tweede keer haar richting uit keek, deed ze ze net open. We keken elkaar per ongeluk recht aan. Ik wist niet hoe snel ik weg moest kijken. Het was alsof zij mij op gluren betrapt had. Al met al heb ik me de hele les nogal veel bezig gehouden met het al dan niet in slaap vallen van de cursiste.
De tramhalte daar was ik gebleven. Het duurde lang voordat tram tien kwam. Noodgedwongen stonden we daar dus allemaal stil. Gelukkig hadden we allemaal zo'n telefoon waardoor we gewoon onze belangrijke boodschappen de wereld in konden blijven sturen. Al mogen die apparaatjes niet te nat worden.
Waar is het allemaal goed voor?
In mijn klasje - er zaten zeven cursisten - zat er één steeds te gapen. Ze deed het met veel geluid, telkens als ik dacht dat het voorbij was, kwam er weer zo'n geeuw. Het moest een enorm vermoeide vrouw zijn. Hier kwam ze bij van haar jachtige leven. Eén keer, toen ze niet gaapte en ik voorzichtig haar kant op keek, betrapte ik haar erop dat ze met haar ogen dicht zat. Nog wel rechtop. In haar dromen is ze het dichtst bij de literatuur, dacht ik. En: het is goed zo. De cursiste zag er met haar ogen dicht lief uit. Als ze sliep, gaapte ze tenminste niet. Al hoopte ik wel dat ik haar na de les nog wakker kon krijgen. Toen ik de tweede keer haar richting uit keek, deed ze ze net open. We keken elkaar per ongeluk recht aan. Ik wist niet hoe snel ik weg moest kijken. Het was alsof zij mij op gluren betrapt had. Al met al heb ik me de hele les nogal veel bezig gehouden met het al dan niet in slaap vallen van de cursiste.
De tramhalte daar was ik gebleven. Het duurde lang voordat tram tien kwam. Noodgedwongen stonden we daar dus allemaal stil. Gelukkig hadden we allemaal zo'n telefoon waardoor we gewoon onze belangrijke boodschappen de wereld in konden blijven sturen. Al mogen die apparaatjes niet te nat worden.
dinsdag 24 april 2012
Er was
Er was een kind dat bij andere mensen de auto vol kotste en met tranen in de ogen tegen mij zei: 'Je moet eens één keer naar mij luisteren. Als ik niet naar een feestje wil gaan, wil ik niet. Waarom moet ik van jou? Een feestje is toch alleen maar omdat het leuk is? Of niet soms.'
'Ja,' zei ik, 'Je hebt gelijk. Sorry.'
Er was het andere kind dat zei: 'Deetje spuugt op de grond.' En dat deed ze.
Er was een feestje vanwege mans verjaardag. We hadden taarten gemaakt in onze nieuwe oven. Het was leuk om ineens weer dingen te koken uit een kookboek Omdat we een geweldig mooi fornuis hebben. Maar verder geen keuken.
Er was het hoofdstuk waarvan ik de ingang maar niet kon vinden. Ik dwaalde er omheen. Zoals je soms niet weet waar je naar binnen moet in een gebouw. Zo dwaal ik trouwens best vaak om m'n werk heen. Als een spook. Maar op een gegeven moment had ik het. Het duurde toch nog lang voor het op papier stond. Echt van negen tot vijf. Zo'n werkdag.
Er was een discussie over stampen met je vuist. Ik vond dat niet kunnen. Het is slaan met je vuist. Stampen doe je met je voeten. Ik had mijn renkleren al aan toen het gesprek op internet begon. En tijdens het rennen heb ik de hele tijd aan werkwoorden gedacht; stampen, rammen, slaan. Terwijl ik aan iets heel anders had willen denken.
'Ja,' zei ik, 'Je hebt gelijk. Sorry.'
Er was het andere kind dat zei: 'Deetje spuugt op de grond.' En dat deed ze.
Er was een feestje vanwege mans verjaardag. We hadden taarten gemaakt in onze nieuwe oven. Het was leuk om ineens weer dingen te koken uit een kookboek Omdat we een geweldig mooi fornuis hebben. Maar verder geen keuken.
Er was het hoofdstuk waarvan ik de ingang maar niet kon vinden. Ik dwaalde er omheen. Zoals je soms niet weet waar je naar binnen moet in een gebouw. Zo dwaal ik trouwens best vaak om m'n werk heen. Als een spook. Maar op een gegeven moment had ik het. Het duurde toch nog lang voor het op papier stond. Echt van negen tot vijf. Zo'n werkdag.
Er was een discussie over stampen met je vuist. Ik vond dat niet kunnen. Het is slaan met je vuist. Stampen doe je met je voeten. Ik had mijn renkleren al aan toen het gesprek op internet begon. En tijdens het rennen heb ik de hele tijd aan werkwoorden gedacht; stampen, rammen, slaan. Terwijl ik aan iets heel anders had willen denken.
vrijdag 20 april 2012
Allemaal vragen
Naast elkaar in de spiegel staan we. Jeetje is haar tanden aan het poetsen. Ik wacht tot ze klaar is. Ze spuugt in de wasbak.
'Het kan gebeuren dat je langer dood bent dan dat je leeft,' zegt ze.
'Ja, hoezo?'
'Dacht ik gewoon.' Jeetje poetst verder, bekijkt zichzelf langdurig in de spiegel en spuugt weer.
'Misschien ben ik wel geestelijk gehandicapt.'
'Hoe kom je daar nou bij?'
'Geestelijk gehandicapten zijn grote mensen die denken als een kind.'
'Onder andere.'
'Nou, ik ben nog een kind. Dus je wéét niet of ik geestelijk gehandicapt ben.'
'Je bent niet geestelijk gehandicapt, Jeetje.'
'Hoe weet je dat?'
'Omdat jij je dit allemaal afvraagt.'
Jeetje kijkt me niet-begrijpend aan.
Voor het slapen gaan lees ik haar de kinderbijbel voor.
'Maar hoe weten ze nou zo zeker dat het god was die tot hen gesproken heeft, terwijl ze hem niet zien?'
'Het kan gebeuren dat je langer dood bent dan dat je leeft,' zegt ze.
'Ja, hoezo?'
'Dacht ik gewoon.' Jeetje poetst verder, bekijkt zichzelf langdurig in de spiegel en spuugt weer.
'Misschien ben ik wel geestelijk gehandicapt.'
'Hoe kom je daar nou bij?'
'Geestelijk gehandicapten zijn grote mensen die denken als een kind.'
'Onder andere.'
'Nou, ik ben nog een kind. Dus je wéét niet of ik geestelijk gehandicapt ben.'
'Je bent niet geestelijk gehandicapt, Jeetje.'
'Hoe weet je dat?'
'Omdat jij je dit allemaal afvraagt.'
Jeetje kijkt me niet-begrijpend aan.
Voor het slapen gaan lees ik haar de kinderbijbel voor.
'Maar hoe weten ze nou zo zeker dat het god was die tot hen gesproken heeft, terwijl ze hem niet zien?'
donderdag 19 april 2012
Kostenbesparend
Met een van de coördinatoren van CREA zit ik in een reuzenaquarium. Het is middenin de werknemersruimte geplaatst. In het kader van de transparantie.
Ze stelt het uur voorbereidingstijd dat ik betaald krijg ter discussie. Het zou misschien teruggebracht kunnen worden naar een half uur. Om de kosten te drukken. Ook hebben we het over het nieuwe gebouw. Er zijn nog wat opstartproblemen.
'De zelfdenkende computer regelt hier nu alles,' zegt ze, 'het licht, de temperatuur. Maar de pianodocent klaagt dat het te koud is en de dansdocent vindt het veel te heet. En bij muziek wilden ze in het donker naar de muziek luisteren, maar het licht kan niet uit. En soms gaat het licht overdag ineens overal uit.'
'Dan vindt de computer dat het genoeg geweest is,' zeg ik.
'Ja,' zegt ze.
'En die sloten dan,' zeg ik, 'waarom niet gewoon een sleutel? Ik heb het idee dat dit chipsysteem alleen maar heel duur is.'
'Er is een voordeel aan,' zegt ze. 'Ik heb gehoord dat het ergens goed voor is.'
'Wat dan?'
'Na vijf uur kun je deze ruimte afsluiten, zodat niemand anders er meer in kan.'
Stilte.
Dan zegt ze: 'Maar dat kan ook met een gewone sleutel, hè?'
Ze stelt het uur voorbereidingstijd dat ik betaald krijg ter discussie. Het zou misschien teruggebracht kunnen worden naar een half uur. Om de kosten te drukken. Ook hebben we het over het nieuwe gebouw. Er zijn nog wat opstartproblemen.
'De zelfdenkende computer regelt hier nu alles,' zegt ze, 'het licht, de temperatuur. Maar de pianodocent klaagt dat het te koud is en de dansdocent vindt het veel te heet. En bij muziek wilden ze in het donker naar de muziek luisteren, maar het licht kan niet uit. En soms gaat het licht overdag ineens overal uit.'
'Dan vindt de computer dat het genoeg geweest is,' zeg ik.
'Ja,' zegt ze.
'En die sloten dan,' zeg ik, 'waarom niet gewoon een sleutel? Ik heb het idee dat dit chipsysteem alleen maar heel duur is.'
'Er is een voordeel aan,' zegt ze. 'Ik heb gehoord dat het ergens goed voor is.'
'Wat dan?'
'Na vijf uur kun je deze ruimte afsluiten, zodat niemand anders er meer in kan.'
Stilte.
Dan zegt ze: 'Maar dat kan ook met een gewone sleutel, hè?'
dinsdag 17 april 2012
Telefoongesprek
'Dag vader, ik zag dat je mij vanmiddag gebeld had!'
'Je moeder wilde weten hoe het was op dat festival.'
'Is moeder er niet?'
'Nee.'
'Ben je nu sport aan het kijken?'
'Dat begint zo.'
'Het was leuk op dat festival.'
'O ja.'
'Gisteren had ik een etentje. Dat was ook leuk.'
'Ja, ja.'
'En hoe is het dan met jou?'
'Goed.'
'Goed zo. Naar het werk geweest vandaag?'
'Het is maandag.'
'O ja! Ik dacht dat het dinsdag was. Hoe is het met oma? Jullie hadden haar toch bezocht?'
'Iedere vrijdag.'
'Dat weet ik, maar moeder mailde dat jullie zondag ook geweest waren.'
'Ze is snel moe. Wat wil je.'
'Ja wat wil je.'
'Sport is begonnen. Kijk jij dat niet?'
'Nee.'
'Ik krijg pijn aan m'n oor.'
'O ja.'
'Ik ben wel uitgeluld. Anders hebben we zondag ook niets meer te zeggen.'
'Dat is ook zo. Dag vader.'
'Daag.'
'Je moeder wilde weten hoe het was op dat festival.'
'Is moeder er niet?'
'Nee.'
'Ben je nu sport aan het kijken?'
'Dat begint zo.'
'Het was leuk op dat festival.'
'O ja.'
'Gisteren had ik een etentje. Dat was ook leuk.'
'Ja, ja.'
'En hoe is het dan met jou?'
'Goed.'
'Goed zo. Naar het werk geweest vandaag?'
'Het is maandag.'
'O ja! Ik dacht dat het dinsdag was. Hoe is het met oma? Jullie hadden haar toch bezocht?'
'Iedere vrijdag.'
'Dat weet ik, maar moeder mailde dat jullie zondag ook geweest waren.'
'Ze is snel moe. Wat wil je.'
'Ja wat wil je.'
'Sport is begonnen. Kijk jij dat niet?'
'Nee.'
'Ik krijg pijn aan m'n oor.'
'O ja.'
'Ik ben wel uitgeluld. Anders hebben we zondag ook niets meer te zeggen.'
'Dat is ook zo. Dag vader.'
'Daag.'
zondag 15 april 2012
De gezelligheid
Het was tien voor half één 's nachts toen ik over de Keizersgracht liep en de keuze had linksaf te slaan, mee de kroeg in, of gewoon rechtdoor lopen tot aan het centraal station. Het twee-minuten festival was net pas afgelopen. Er hadden vijftig schrijvers voorgedragen en daarom moest het kletsen eigenlijk nog beginnen. Ze zeiden 'ga je mee?' en 'een taxi is toch ook nog een optie.' En dat was zo. Ik had zelfs uitgevonden dat er nachtbussen reden van het centrum naar het eiland waar ik woon. De halte was voor de Martinuskerk. Maar ik wist niet precies waar de Martinuskerk was. Het idee van een nachtbus stond me ook tegen. Er was een schrijver bij die niet dronk. 'Maar waarom ga je dan naar de kroeg?' vroeg ik.
'Voor de gezelligheid,' zei hij.
Het was allemaal voor de gezelligheid. Maar na al die gezelligheid, kwam voor mij onherroepelijk de ongezelligheid. Dat gaf de doorslag.
Omdat ik nogal traag was geweest met besluiten, moest ik me haasten. Op vrij hoge hakken ben ik vrij hard de stad door gerend, ik had echt baat bij m'n wekelijkse rondjes, en meteen toen ik tram 26 instapte, gingen de deuren achter mij dicht.
Hier nog een nieuw Torpedo filmpje van mij te zien.
'Voor de gezelligheid,' zei hij.
Het was allemaal voor de gezelligheid. Maar na al die gezelligheid, kwam voor mij onherroepelijk de ongezelligheid. Dat gaf de doorslag.
Omdat ik nogal traag was geweest met besluiten, moest ik me haasten. Op vrij hoge hakken ben ik vrij hard de stad door gerend, ik had echt baat bij m'n wekelijkse rondjes, en meteen toen ik tram 26 instapte, gingen de deuren achter mij dicht.
Hier nog een nieuw Torpedo filmpje van mij te zien.
Abonneren op:
Posts (Atom)